Location: Home > A_D > Cornelis Willem 1962 - 1975 > Geschiedenis

Geschiedenis

De "Cornelis Willem" was gebouwd in opdracht van de N.V. ESEM uit Krimpen aan de Lek.

ESEM betekende Elektriciteit, stoom en motor, de "Cornelis Willem" was vernoemd naar de directeur, Dhr. Cornelis Willem van Capellen.

De "Cornelis Willem" werd in 1962, na er eerst een jaar mee te hebben proefgevaren, aangekocht door N.V. Bureau Wijsmuller.

12 augustus 1962 strandde de "KW. 40 Everard Christina" in de vissershaven.
De "Cornelis Willem" wist na korte tijd de "KW. 40 Everard Christina" weer vlot te brengen.

23 augustus 1962 raakte het vracht-passagiersschip "Randfontein"(1958 – 13.692 Brt.) tijdens een Zuid Wester storm bij het binnenlopen van IJmuiden in de problemen en liep aan de grond bij de strekdam t.h.v. het Semafoor.

In de Zuid Wester storm kwam het schip dwars in het zuidertoeleidingskanaal te zitten. De gezagvoerder accepteerde hulp van Wijsmuller op basis van Lloyd's Open Form, waarna er door de "Nestor", "Stentor", "Hector", "Simson", "Titan", "Assistent" en "Cornelis Willem" werd vastgemaakt en na korte tijd werd de "Randfontein" vlot gebracht.

5 februari 1963 slaagden de "Cornelis Willem", "Hector" en "Assistent" er in om de in het Noordertoeleidingskanaal vastgelopen Duitse erts tanker "Stephanitor"(1938 – 11.664 Brt.) vlot te brengen.

Op 11 juni 1963 werd het Deense vissersschip "E 111 Karin Lodberg" op de Noordzee aangevaren door de kotter "WR 7 Maryanne".

De "Cornelis Willem" werd ingezet bij de berging van de "E 111 Karin Lodberg". Verder geen informatie bekend.

Tijdens zeer dichte mist strandde op 7 oktober 1965 de kotter "IJM. 45 De Hoop I" op het onderwaterlichaam van de nieuwe Zuidpier van IJmuiden.

De "Titan" bracht samen met de de "Cornelis Willem"de "IJM. 45 De Hoop I" weer vlot.

28 maart 1966, verzocht, om zeven uur in de morgen, de Deense Kuster "Ulla Degn"(184 Brt.) om assistentie, ter hoogte van lichtschip "Texel", omdat er een lek was ontstaan in de machinekamer.

De "Titan" die net de "Bretagne" had afgeleverd in de bergingshaven van IJmuiden zette om half tien meteen weer koers naar de positie van de "Ulla Degn" en wist deze IJmuiden binnen te slepen.

De "Cornelis Willem" werd in IJmuiden ingezet bij de verdere berging van de "Ulla Degn".

28 juni 1966 strandde het vracht-passasiersschip "Willemstad"(1938 - 5.088 Brt.) in de havenmond van IJmuiden. En werd weer vlot gebracht door de "Hector", "Assistent", "Cornelis Willem" en "Simson".

Juli 1967 assisteerde de "Cornelis Willem" ter hoogte van Petten de "Sepiola" bij de voorbereidingen van de berging van de kotter "KW 164 Helena".

Tot september 1968 is de "Cornelis Willem" gestationeerd geweest in de havendienst te IJmuiden.
 
Op 2 september 1968 vertrok de "Cornelis Willem" vanuit IJmuiden naar Zuetina - Libië, om daar hydrografische werkzaamheden te gaan verrichten voor CESCO te Den Haag.

Voor de reis werd de "Cornelis Willem" voorzien van een verhoogd dek en een achtermast met een baken erin, verder werd de "Cornelis Willem" voorzien van een Air-conditioning installatie.

De "Cornelis Willem" maakte de uitbreng reis IJmuiden - Zuetina - Libië via de havens van Brest - Frankrijk, Lissabon - Portugal en Valletta - Malta.

Tijdens deze reis ging op 14 september 1968 Cor Guyt, terwijl de "Cornelis Willem" gestopt lag, even zwemmen. Helaas kwam hij niet meer boven water. De hele dag en ook de volgende dag is er naar hem gezocht zonder resultaat.

Eind september arriveerde de "Cornelis Willem" in Zuetina - Libië voor het uitvoeren van de hydrografie werkzaamheden.

In aard en omvang nam het werk in Occidental Oil's nieuwe oliehaven Zuetina - Libië, aan de Noordkust van Libië steeds toe.

Tankers werden in de "berths" geholpen om daar de ladingen olie aan boord te nemen.

Bebakening, meerboeien, leidingen en slangen werden gecontroleerd en onderhouden; het omliggende Zeegebied werdt in kaart gebracht.

Met dit werk waren de "Friesland", "Sepiola" en "Cornelis Willem" en hun bemanningen belast.

De "Friesland" verleende vooral assistentie bij het afmeren van de tankers in de twee conventionele berths.

De drie kikvorsmannen van de "Sepiola" en de duiker van de "Friesland" waren op deze plaatsen, waar de tankschepen worden afgemeerd, ook veel werkzaam wanneer boeien of slangen moeten worden verwisseld.

Daarbij moest vaak op grote diepte — zo'n 25 tot 30 meter — worden gewerkt om de slangen onder water te verwisselen. Soms werden de slangen ook aan dek van de "Sepiola" verwisseld.

Daarnaast was de "Sepiola" bemanning veel in actie bij het repareren en onderhoudswerk van de bebakenings boeien, de monoboei, de meerboeien, meerdraden, afsluiters en ook het klaren van schroeven van launches en tankschepen.

7 februari 1969 kapseisde de motorbarkas "Wafia" op de rede van Zuetina de opvarenden kwamen allen in het water terecht. De "Friesland", "Sepiola" en de "Cornelis Willem" starten direct een reddingsactie op en slaagden er in om 4 van de 5 opvarenden te redden waaronder de mooring-master van Occidental Oil.
De vijfde opvarende werd ondanks een uitgebreide zoekactie niet gevonden.

Tot eind februari 1969 was de "Cornelis Willem" werkzaam in Zuetina - Libië. Daarna werd de "Cornelis Willem" ingezet te Ras Lanuf - Libië.

Half april 1969 vertrok de "Cornelis Willem" vanuit Ras Lanuf - Libië naar Malta en werd daar in afwachting van ander werk opgelegd.

Begin januari 1970 werd de "Cornelis Willem" in Malta gereedgemaakt om survey-werk te gaan verrichten te Marsa el Brega - Libië.

Door een iets te ver doordraaien van een schip wat vertrok uit Marsa el Brega - Libië werd aan stuurboord het verhoogde dek en een flink deel van verschansing van het achterdek van de "Cornelis Willem" vernield.

Eind februari 1970 vertrok de "Cornelis Willem" voor herstel naar Malta.

Na reparatie in de haven van Malta vertrok de "Cornelis Willem" omstreeks 14 april 1970 naar de haven van Porto Torres te Sardinië om daar ingezet te worden bij de installatie van een S.B.M. Boei.

Tot in het derde kwartaal van 1970 was de "Cornelis Willem" actief geweest bij Porto Torres.

Nadat de "S.B.M." boei was geïnstalleerd werden de "junior" en de "Cornelis Willem" omstreeks september 1970 opgelegd te Porto Torres - Sardinië.

Op 5 mei 1971 vertrok de "Cornelis Willem" op eigen kracht vanuit de haven van Porto Torres - Sardinië naar IJmuiden, waar ze op 26 mei 1971 arriveerde.

In IJmuiden werd de "Cornelis Willem" weer klaar gemaakt om ingezet te worden bij de havendienst.

De "Silvia IV"(geen gegevens) krijgt op 13 oktober 1973 op 22 mijl van IJmuiden een aanvaring met ??.

Op het gat in de "Silvia IV" wordt door de "Titan" een patch geplaatst en daarna wordt de "Silvia IV" door de "Titan" geëscorteerd naar IJmuiden.

Later wordt de "Silvia IV" door de "Cornelis Willem" vastgemaakte en naar IJmuiden gesleept.

Het zeiljacht "Rolleman" krijgt op 28 juni 1974 haar zeil in de schroef op 3,5 mijl van IJmuiden en wordt geassisteerd door de "Cornelis Willem".

April 1975 werd de "Cornelis Willem" verkocht naar Ras al Kaihma - Libië. De eigenaar werd Messrs. Archicat J.V.

In 1989 werd bekend dat de ex "Cornelis Willem" in de vaart was voor Architug Shipping te Piraeus, Griekenland, onder de naam "Hydra".

14 juni 2006 werd de "Hydra" gefotografeerd, geplaatst in een bak, terwijl deze gesleept werd door de Bosporus - Turkije.