Location: Home > T_Z > Titan 1956 - 1983 > Geschiedenis

Geschiedenis

<spanstyle="font-family: Tahoma;">Alle, mij bekende, bergingen en sleepreizen van de "Titan" staan hier vermeld.

En het zijn er veel erg veel maar toch moet ik bekennen, ik mis er ook nog veel erg veel, vooral vanaf ongeveer 1970 werd de informatie karig.

Ik hoop dat U als bezoeker van deze site me wil helpen om de gegevens verder aan te vullen.

Tussen alle vermelde bergingen en sleepreizen in lag de "Titan" meestal als stationsboot in IJmuiden en was ze ingedeeld bij de havendienst, wat inhield dat je dagelijks bij nacht en ontij aan het werk moest.

Als er vanuit IJmuiden moest worden gevaren op een Job dan stapten vanaf de andere sleepboten in de havendienst extra mensen aan boord van de "Titan".

Begin december 1954 plaatste Bureau Wijsmuller de opdracht tot bouw van een nieuwe sleepboot bij de scheepswerf van Jonker & Stans in Hendrik Ido Ambacht.
De sleepboot zal onder de naam "Titan" in de vaart komen.

15 juni 1955 wordt de kiel voor de "Titan" gelegd bij de scheepswerf van Jonker & Stans in Hendrik Ido Ambacht.

Op zaterdag 29 oktober 1955, om 15.00 uur, werd de "Titan" bij Jonker & Stans te water gelaten. Mevrouw C. Man van Schaik, echtgenote van de Rijkshavenmeester van IJmuiden, verrichte de doop plechtigheid.

Op 19 maart 1956 werd de "Titan" tijdens de proefvaart, door de werf Jonker & Stans, aan Bureau Wijsmuller overgedragen.

Een in het oog lopende bijzonderheid van de "Titan" was de beting, deze stond namelijk in een hoek. Het idee erachter was dat in het haven werk de tros dan in een rechte hoek op de beting zou staan.
 
De Titan had een accommodatie voor 16 bemanningsleden.

Hoofddek:

4 x 1 persoons- hut officieren.
Messroom officieren Kombuis Toiletten Douches Ruimte sleepwinch.  Benedendeks:  2 X een 4 persoonshut matrozen/runners 1 aan bakboordzijde en 1 aan stuurboordzijde. De 4 persoons-hut aan bakboord was ook de messroom.

2 X 2 persoons-hut 1 aan bakboordzijde en 1 aan stuurboordzijde Kok - Bootsman - Marconisten

Of het helemaal klopt weet ik niet, maar in mijn herinnering is het heel dicht bij. Ik zit me alleen nog af te vragen waar de stores (eten etc.) was.

31 maart 1956 maakte de "Titan" op 40 mijl ten Noorden van Den Helder het Zweedse vrachtschip "Skagern"(1944 – 3.805 Brt.), die kampte met machineschade een uitgelopen lager, vast en sleepte deze naar IJmuiden.

Dit is de eerste Jop van de "Titan".

Kort na de berging van de "Skagern" maakte de "Titan" de coaster "Delfzijl"(geen gegevens) vast, die nabij Dover – Engeland kampte met machineschade, en bracht deze binnen in de haven van Harwich - Engeland.

Op 31 mei 1956 kwamen, nabij Sandettie lichtschip het Panamese vrachtschip "Centaurus"(1941 – 7.579 Brt.) en het Japanse vrachtschip "Philippine Maru"(1955 – 9.186 Brt.) met elkaar in aanvaring.

Vanuit IJmuiden zette de "Titan" koers naar de positie van beide schepen en vanuit Rotterdam zette de "Hector" koers naar Sandettie lichtschip.

De "Jean Bart" was echter als eerste te plaatse en maakte de "Centaurus" vast.
De "Philippine Maru" kon op eigen kracht haar reis vervolgen.

Waarop de "Titan" weer koers zette naar IJmuiden.

Vrijdag 6 juli 1956 kwam op enkele mijlen van lichtschip "Texel" het Zweedse houtschip "Sommen"(1945 – 3.805 Brt.) in de problemen door het schuiven van de lading. De "Sommen" maakte als gevolg hiervan zware slagzij.

De "Titan" is ter assistentie uitgevaren maar de "Sommen" wilde proberen op eigen kracht een haven te bereiken. Om 20.00 uur liep de "Sommen", met 30 graden slagzij, de haven van Den Helder binnen.

18 juli 1956 werd door de "Titan" de stoomtrawler "Gelria"(1930 – 367 Brt.) vanuit IJmuiden versleept naar de Nieuwe waterweg waar de "Gelria" door een havensleepboot werd over genomen die de "Gelria" verder sleepte naar de sloperij in Hendrik Ido Ambacht. (de "Gelria" werd uiteindelijk toch niet gesloopt zie 30 november 1957)

Op 24 juli 1956 vertrok de "Titan" s'morgens om 10.00 uur vanuit de haven van Bremerhaven - Duitsland met een dok op sleeptouw naar Rotterdam.

Na het afleveren van het dok in Rotterdam vertrok de "Titan" op 27 juli 1956 vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

27 juli 1956 arriveerde de "Titan" weer in de haven van IJmuiden.

Ter hoogte van IJmuiden werd door de Kuster "Silvaplana"(1949 – 442 Brt.) uit Rotterdam op donderdag 2 augustus 1956 een zeiljacht aangetroffen.

Het zeiljacht was door de bemanning verlaten en stond tot aan het boord vol water, de masten waren gebroken en de zeilen weggerukt.

De "Silvaplana" deed een poging om het zeiljacht vast te maken maar kreeg na het breken van de tros deze in de schroef.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van het zeiljacht en zal proberen deze te bergen.

Zaterdag 18 augustus 1956 lukte het de "Titan" de Duitse Kuster "Seewanderer" (1953 - 534 Brt.) vast te maken, voordat deze zou stranden tussen Wijk aan Zee en Egmond wegens machineschade, en binnen te brengen in IJmuiden.

In de nacht van zaterdag 18 augustus 1956 op zondag 19 augustus 1956 verzocht het Engelse vrachtschip "Traquair"(1939 – 567 Brt.), die zware slagzij maakte na het schuiven van de lading, dringend om hulp op 58 mijl ten Westen van Hoek van Holland.

Vanuit IJmuiden vertrok de "Titan" naar de positie van de "Traquair".

De "Traquair" was echter gezonken voordat de "Titan" aanwezig was.

Hierop wijzigde de "Titan" haar koers om de Coaster "Fivo"(geen gegevens), die onder de Engelse kust, kampte met water in de machinekamer.

Toen de "Titan" arriveerde op bij de "Fivo" vond de kapitein van de "Fivo" dat hij geen assistentie meer nodig had.

Hierop zette de "Titan" weer koers naar IJmuiden waar ze op 19 augustus weer arriveerde.

De "Titan" vertrok op 20 augustus 1956 vanuit IJmuiden naar Hamburg – Duitsland met de "Elizabeth"(geen gegevens) op sleeptouw. De "Elizabeth" zal in Hamburg – Duitsland gesloopt worden.

22 augustus 1956 vertrok de "Titan" vanuit de haven van Hamburg – Duitsland naar 
Birdham – Engeland.

Op 24 augustus 1956 arriveerde de "Titan" in de haven van Birdham - Engeland, de "Titan" kwam vanuit vanuit Hamburg - Duitsland.

27 augustus 1956 arriveerde de "Titan" vanuit de haven van Birdham – Engeland weer in de haven van IJmuiden.

Op 1 september 1956 maakte de "Titan" de Kuster "Nimrod"(1948 – 399 Brt.), van Rederij Schothorst uit Zuidbroek, op 18 mijl ten Zuid Westen van IJmuiden vast en sleepte deze naar IJmuiden. De "Nimrod" had wegens machineschade om sleepboot hulp verzocht.

Op 10 september 1956 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Hoek van Holland met de "Caravan"(geen gegevens) op sleeptouw.

19 september 1956 versleepte de "Titan" een kraan vanuit IJmuiden naar Vlaardingen.

De "Titan" vertrok op 20 september 1956 met een Liberty genaamd "Milly"(geen gegevens) op sleeptouw vanuit Rotterdam naar Bremerhaven - Duitsland.

Na aflevering van de Liberty "Milly" op 22 september 1956 in Bremerhaven - Duitsland, vertrok de "Titan" naar Delfzijl.

23 september 1956 vertrok de "Titan" vanuit Delfzijl naar Den Helder.

Donderdag 4 oktober 1956 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Engelse kolenboot "Corferry"(1937 – 1.788 Brt.) die op 100 mijl van IJmuiden bij het lichtschip "Heitburough" met machineschade kampt.

Het is niet bekend of de "Titan" de "Corferry" ook heeft vastgemaakt.

De "Titan" arriveerde 19 oktober 1956 vanuit IJmuiden in Rotterdam.

20 oktober 1956 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam naar Hamburg – Duitsland met een baggermolen op sleeptouw.

22 oktober 1956 leverde de "Titan" vanuit Rotterdam een baggermolen af in de haven van Hamburg - Duitsland en vertrok meteen na aflevering van de baggermolen weer naar IJmuiden.

Op 30 oktober 1956 ging de "Titan", vanuit IJmuiden, onderweg naar de positie van het Duitse vrachtschip "Fanal"(1907 – 1.036 Brt.) die dwars van Den Helder kampte met machineschade en om sleepboot hulp had verzocht.

De "Fanal" slaagde er echter in om op eigen kracht de haven van IJmuiden te bereiken.

Op 31 oktober 1956 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de haven van Chatham – Engeland.

1 november 1956 is de "Titan" onderweg vanuit de haven van Chatham - Engeland naar Rotterdam.

Op 3 november 1956 arriveerde de "Titan", vanuit Rotterdam, in de haven van IJmuiden.

8 november 1956 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

Op 11 november 1956 melde het Noorse vrachtschip "San Miguel"(1920 – 2.380 Brt.) op de positie 57.04 Noord en 02.29 Oost, 80 mijl ten Zuiden van IJmuiden, brand in de machinekamer.

Vanuit IJmuiden zette de "Titan" koers naar de positie van de "San Miguel".
Ook de sleepboot "Maas", vanuit Rotterdam en de sleepboot "Scaldis vanuit Vlissingen zetten koers naar de positie van de "San Miguel".

Wie er uiteindelijk heeft vast gemaakt? Is mij helaas niet bekend.

Het Engelse vrachtschip "Herriesbrook" melde op 17 november 1956 op 40 mijl van IJmuiden een explosie in de machinekamer.

De "Titan" maakte de "Herriesbrook" vast en sleepte deze naar de haven van Esbjerg – Denemarken.

Na aflevering van de "Herriesbrook" in de haven van Esbjerg - Denemarken, zette de "Titan" koers naar de positie van de Noorse coaster "Vino"(1920 – 700 Brt.) die om sleepboot assistentie verzocht.

De "Vino" werd door de "Titan" vastgemaakt en naar de haven van Cristiansand - Noorwegen gesleept.

Tijdens slecht weer op 29 november 1956 had het Turkse vrachtschip "Rusen"(1910 – 4.427 Brt.) machine problemen en als gevolg daarvan niet genoeg vermogen om vrij te blijven van de kust tijdens stormachtig weer uit het Noorden windkracht 7.

De "Titan" maakte nog diezelfde dag, op de positie 52.05 Noord en 3.20 Oost, de "Rusen" vast.

5 uur na de "Titan" maakte ook de "Zeeland" vast en werd de "Rusen" naar Rotterdam gesleept.

8 december 1956 vertrok de "Titan" vanuit Vlaardingen naar IJmuiden.

De "Statendam"(1956 – 24.294 Brt.) het nieuwe passagiersschip voor de Holland Amerika Lijn, was op zondag 16 december 1956, tijdens de technische proefvaart op de Noordzee Noord Oostelijk van Harwich aan de Engelse kust, op drift geslagen doordat één schroef wegens machinestoring buiten werking was gesteld.

In een storm die met een windkracht 8 tot 9 uit het zuid Westen stond, dreef de "Statendam" met een vijf mijlsvaart over de Noordzee. De "Statendam" vroeg om sleepboot assistentie.

Hierop vertrokken de "Cycloop", "Titan" en "Zeeland" vanuit IJmuiden naar de positie van de "Statendam". Inmiddels had Bureau Wijsmuller met de werf, Wilton – Feijenoord, een sleepcontract gesloten voor een bedrag van Fl. 175.000.00.

De "Titan" was als eerste bij de "Statendam" en maakte vast, even later wist ook de "Cycloop" vast te maken. En de "Zeeland" maakte later ook vast op de "Statendam".

Vanuit IJmuiden waren ondertussen ook de "Hector" en de "Nestor" vertrokken naar de positie van de "Statendam".

De "Statendam" werd op 17 december 1956 de Nieuwe Waterweg binnen gesleept door een vloot van Wijsmuller sleepboten.

Nog diezelfde dag vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

19 december 1956 kwamen de Noorse tanker "Bernhard Hanssen"(1951 – 8.739 Brt.) en het Belgische vrachtschip "Lukuga"(1956 – 8.805 Brt.),  bij de ET 6 boei, ter hoogte van Vlieland, met elkaar in aanvaring.

De "Lukuga" had dringend assistentie nodig maar gaf eerst een verkeerde positie op dwars van Egmond.

De "Titan", die ter assistentie was uitgevaren, keerde, nadat de juiste positie bekend was terug naar IJmuiden ook omdat de "Holland" van Doeksen inmiddels ter plaatse was.

Op 26 december 1956 zet de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de positie van het Noorse vrachtschip "Sunlong"(1943 – 7.176 Brt.), dat voor de kust van Denemarken in nood verkeert.

Terwijl de "Titan" onderweg is naar de positie van de "Sunlong" zonk deze. Hierop keerde de "Titan" weer terug naar IJmuiden.

1957

Op nieuwjaarsdag 1 januari 1957 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de positie, 53.50 Noord en 4.20 Oost, van het Zweedse vrachtschip "Visten"(1921 – 963 Brt.) die dringend om assistentie had verzocht wegens brand in de lading en in de accommodatie.

De "Holland" van Reederij Doeksen was eerder ter plaatse en sloot een bergings- contract af.

Op 3 januari 1957 arriveerde de "Noord Holland" in IJmuiden met de baggermolen "Tiger", die de "Noord Holland" had vastgemaakt in de haven van Frederikstad – Noorwegen met bestemming Rotterdam. De "Titan" nam de baggermolen "Tiger" over van de "Noord Holland" om deze naar Rotterdam te brengen.
 
4 januari arriveerde de "Titan" op de Nieuwe Waterweg met de baggermolen "Tiger" op sleeptouw.

Zaterdag 12 januari 1957 was het Engelse vrachtschip "Assimina K."(1943 – 7142 Brt.) leeg onderweg vanuit Amsterdam naar zee tijdens een Zuid Wester Storm.

Bij het binnenvaren van de midden sluis kwam de "Assimina K." hard tegen de sluismuur, als gevolg daarvan braken er stukken sluismuur af.

Bij het verlaten van de middensluis werd de "Assimina K." vast gemaakt door de "Titan" en de "Nestor", ondanks de inzet van beide sleepboten ramde de "Assimina K." door de stormachtige wind de sluisdeur.

Even later, weer doordat de wind vat had op het ongeladen schip, werd een meerstoel geramd en vernield. Als gevolg hiervan liep de "Assimina K." uit haar roer en kwam vast te zitten op de beschoeiing van het tweede sluiseiland.
De "Titan" en de "Nestor" slaagden er niet in om de "Assimina K." vlot te brengen zodat ook de "Hector" en de "Stentor" vast maakten.

Pas na enkele uren werken slaagde de "Titan", "Nestor", "Hector" en de "Stentor" er in de "Assimina K." vlot te brengen.

Een spannende sleepboot 'race' werd zondagmorgen 13 januari 1957, naar het standpunt der deelnemers, ontijdig afgebroken.

Die deelnemers waren de "Titan" en de "Jean Bart" uit Boulogne – Frankrijk.

De "Titan" slipte 's ochtends om zes uur de haven van IJmuiden uit in de richting van het Liberiaanse vrachtschip "Cormorant"(1945 – 7.247 Brt.), dat Oostelijk van Harwich – Engeland op de kust was vastgelopen.

De "Jean Bart" die vanuit Boulogne – Frankrijk ongeveer dezelfde afstand moest afleggen als de "Titan" vanuit IJmuiden, had door later te vertrekken reeds een achterstand.

Maar om 10.30 uur eindigde de race want de "Cormorant" seinde toen 'alles in orde' en dat ze op eigen kracht waren vlot gekomen.

De "Jean Bart" keerde daarop terug naar de thuishaven.

De "Titan" die ook onderweg was geweest naar de gestrande Liberiaan "Cormorant", wijzigde haar koers naar de Nederlandse Kuster "Tiny"(1954 – 496 Brt.) die op 14 januari 1957 was gestrand in de monding van de Humber – Engeland.

Op 31 januari 1957 slaagden de "Titan" en "Hector" er in om de "Tiny" weer vlot te brengen en naar de haven van Hull - Engeland te slepen.

Op 6 februari 1957 is de "Titan" in de haven van Portsmouth - Engeland waar ze 2 'Gunboats' zal vastmaken waarvan 1 met bestemming Maassluis en 1 met bestemming IJmuiden.

Op 8 februari 1957 zette de "Titan" vanuit de haven van Portsmouth – Engeland koers naar de positie van de Liberiaanse tanker "Anastasia"(1942 – 8.194 Brt.) die op 80 mijl van Portsmouth – Engeland kampte met machineschade.

Later op de dag melde de "Anastasia" dat ze de reis kon vervolgen waarop de "Titan" weer terug keerde naar Portsmouth – Engeland.

De "Titan" arriveerde op 10 februari 1957 met 2 'Gunboats' op sleeptouw vanuit Portsmouth – Engeland in de haven van Maassluis.

Vervolgens zette de "Titan" haar reis naar IJmuiden met 1 'Gunboats' voort en nog dezelfde avond arriveerde de "Titan" in IJmuiden.

15 februari 1957 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Nieuwediep om de, voor de sloop verkochte, torpedoboot "Jan van Galen" naar Rotterdam te slepen.

16 februari 1957 vertrok de "Titan", na aflevering van de "Jan van Galen", weer vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

24 februari 1957 liep het Engelse vrachtschip "Adjutant"(1954 – 1.366 Brt.) door het ontploffen van een mijn, op 7,5 mijl West Zuid West van lichtschip "Terschellingerbank", schade op aan haar achtersteven.

Het roer en de schroef werden beschadigt en er ontstond een lek in het achterruim. De "Adjutant" werd door een rederij genoot vast gemaakt en naar IJmuiden gesleept. De "Titan" maakte de "Adjutant" voor de pieren vast en sleepte de "Adjutant" IJmuiden binnen.

Op 25 februari 1957 werd de "Adjutant" met hulp van de "Nestor" IJmuiden binnen gebracht.

2 Maart 1957 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Frankrijk voor de berging van de Nederlandse kustvaarder "Breezand"(1938 – 499 Brt.), die is gestrand voor de monding van de Franse rivier Adour.

Op 14 april 1957 slaagt de "Titan" er in om de Nederlandse kustvaarder "Breezand"(1938 – 499 Brt.), die enige maanden heeft vastgezeten voor de monding van de Franse rivier Adour, vlot te brengen en af te meren in de haven van Bayonne - Frankrijk.

Op 16 april 1957 vertrok de "Titan" vanuit de haven van Bayonne - Frankrijk met de "Breezand" op sleeptouw naar de haven van Falmouth – Engeland waar de "Nestor" de "Breezand" zal overnemen en naar Rotterdam slepen.

Vanuit de haven van Falmouth – Engeland zet de "Titan" koers naar Dakar – Senegal om daar een vrachtschip vast te maken voor een sleepreis naar Duitsland.

In mei 1957 is "Titan" met het vrachtschip "Atlas Hugo Stinnes"(1955 – 2.984 Brt.),die machineschade heeft, onderweg vanuit Dakar - Senegal naar de haven van Bremen – Duitsland.
 
Op 15 mei 1957 was de "Titan", met de "Atlas Hugo Stinnes" op sleeptouw, op 180 mijl West van Casablanca - Marokko.

Op 30 mei 1957 arriveerde de "Titan" met de "Atlas Hugo Stinnes" op sleeptouw in de haven van Bremen - Duitsland.

Na aflevering van de "Atlas Hugo Stinnes" in de haven van Bremen - Duitsland, is de "Titan" op 1 juni 1957 weer vertrokken vanuit Bremen – Duitsland met een kolen transporteur op sleeptouw met bestemming Rotterdam.

De "Titan", die met een kolen transporteur onderweg was vanuit Bremen – Duitsland naar Rotterdam, voer op 3 juni 1957 ter hoogte van IJmuiden toen de Noorse kusttanker "Hegg"(1957 – 497 Brt.), om assistentie vroeg.

De "Hegg" bevond zich op 110 mijl ten Noorden van IJmuiden en dreef rond met machineschade.

De "Titan" heeft daarop de kolen transporteur in volle zee overgegeven aan de "Nestor". Die de kolen transporteur verder versleepte naar Rotterdam.
 
De "Titan" zette daarna koers naar de positie van de "Hegg". Op 4 juni 1957 om vijf uur werd de "Hegg" door de "Titan" vastgemaakt en zette de "Titan" koers naar Rotterdam.

Op 5 juni 1957 arriveerde de "Titan" vanuit Rotterdam in IJmuiden.

De "Titan" werd in IJmuiden klaargemaakt voor een reis vanuit Glasgow – Engeland naar Lagos – Nigeria.

13 juni 1957 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Glasgow – Engeland.

De "Titan" arriveerde op 16 juni 1957 in de haven van Glasgow - Engeland om daar een 'tunnelvessel' vast te maken met bestemming Lagos – Nigeria.

17 juni 1957 vertrok de "Titan", in de namiddag, met haar sleep vanuit Glasgow - Engeland naar Lagos - Nigeria.

Op 9 juli 1957 arriveerde de "Titan" met de 'tunnelvessel' vanuit Glasgow – Engeland in de haven van Lagos - Nigeria.
 
Na het afleveren van haar sleep vertrok de "Titan" vanuit Lagos - Nigeria naar Monrovia - Liberia.

Op 17 juli 1957 arriveerde de "Titan" in de haven van Monrovia - Liberia en maakte een houten sleepboot vast die versleept moet worden naar Dakar – Senegal.

In de namiddag van de 17e juli 1957 vertrok de "Titan" al weer met haar sleep uit de haven van Monrovia - Liberia.

Na het afleveren van de sleepboot op 22 juli 1957 in de haven van Dakar - Senegal vertrok de "Titan" op 24 juli 1957 vanuit Dakar - Senegal naar Lagos - Nigeria.

Op 30 juli 1957 lag de "Titan" in de haven van Lagos - Nigeria, in afwachting van een sleep.

De "Titan" vertrok op 7 augustus 1957 met een kraan en 2 bakken op sleeptouw vanuit Lagos - Nigeria, naar Barbados.

Na een voorspoedige reis arriveerde de "Titan" met haar sleep op 11 september 1957 in Barbados.

Vanuit Barbados vertrok de "Titan" op 12 september 1957 naar Curaçao voor bunkers en proviand.

Na in Curaçao te hebben gebunkerd werd door de "Titan" koers gezet naar het transport van de "Cycloop" die onderweg is, met het uitgebrande fruitschip "Contessa"(1930 – 5.512 Brt.), vanuit New Orleans – Verenigde Staten naar Vlissingen.

De "Titan" en "Cycloop" zullen samen het fruitschip verder slepen.

Op 22 september 1957 werd door de "Titan" op de "Contessa" vastgemaakt.

Op 18 oktober 1957 arriveerden de "Cycloop" en de "Titan" met het fruitschip "Contessa" op sleeptouw in de haven van Vlissingen.

De volgende dag 19 oktober 1957 vertrok de "Titan" vanuit Vlissingen naar Rouen – Frankrijk.

De "Titan" arriveerde op 21 oktober 1957 in de haven van Rouen – Frankrijk.

Waar het vrachtschip "Meziane"(1917 – 1.032 Brt.)dat na een aanvaring, op 19 april 1955 ter hoogte van Rouen - Frankrijk, zoveel schade had opgelopen dat herstel niet meer lonend was werd vastgemaakt.

De "Titan" zal de "Meziane" verslepen naar Rotterdam.

Vanwege het slechte weer kon de "Titan" niet meteen naar Rotterdam vertrekken.
Pas op 24 oktober 1957 vertrok de "Titan" met de "Meziane"op sleeptouw vanuit Rouen - Frankrijk naar Rotterdam.

26 oktober 1957 arriveerde de "Titan" met de "Meziane" in de haven van Rotterdam en vertrok na aflevering van de "Meziane" meteen naar IJmuiden.

31 oktober 1957 vertrok de "Titan" omstreeks 23.00 uur vanuit IJmuiden naar de coaster "Julia Anna"(1956 – 499 Brt.) die bij de ET-ST boei problemen met het stuurgerei had gekregen, in een Zuid Wester storm windkracht 7.

In de loop van de nacht van 31 oktober op 1 november 1957 arriveerde de "Titan" via het Schulpengat, Marsdiep en uiteindelijk door het Molengat bij de "Julia Anna", de kapitein van de coaster wilde voordat de "Titan" vast zou maken het daglicht afwachten.

In de loop van de morgen verbeterde het weer aanzienlijk en lukte het de "Julia Anna" om, geëscorteerd door de "Titan", Den Helder binnen te lopen.

Op 4 november 1957 verzocht het Poolse vrachtschip "Kolobrzeg"(1921 – 2.369 Brt.) om assistentie, bij een storm uit het Zuiden windkracht 7 met uitschieters naar 9, de "Titan" die op station lag in Den Helder zette koers naar de "Kolobrzeg".

Later op de dag melde de "Kolobrzeg" dat ze zichzelf weer konden redden.

De "Titan" zette daarop koers naar het Zuiden, naar het Poolse visserij moederschip "Kaszubi"(6000 ton) die in de ochtend van 4 november 1957 was gestrand in de Theemsmonding op de Gunfleetbank.

De "Kaszubi" wou probeerde op eigen kracht vlot te komen.

Op 6 november 1957 slaagt de "Kaszubi" er in om op eigen kracht vlot te komen.

Waarop de "Titan" koers zette naar Wright - Engeland, waar het Italiaanse vrachtschip "Iano"(1922 – 2.487 Brt.) was gestrand.

In de avond van 7 november 1957 arriveerde de "Titan" en de "Cycloop" bij de "Iano" en werd op basis van Lloyds Open Form begonnen met de berging.

14 november werd de "Titan" afgelost door de "Nestor", bij de berging van de "Iano", omdat de "Titan" wat sleepreizen moest gaan maken.

De "Titan" vertrok op 16 november 1957 vanuit IJmuiden naar Delfzijl met de nieuwe baggermolen "Beverwijk 2" op sleeptouw.

De "Titan" kwam in de voormiddag van 18 november 1957, slepende met de baggermolen "Beverwijk 2", in aanvaring met de op de Eems voor anker liggende Kuster "Noordkaap"(1954 – 461 Brt.), als gevolg van de dichte mist.

Hierbij ontstond enige schade aan de "Noordkaap"(1954 – 461 Brt.) die voor onderzoek van de schade naar de haven van Delfzijl gaat.

Desondanks werd op 18 november 1957, door de "Titan", de "Beverwijk 2" afgeleverd in de haven van Delfzijl.

20 november 1957 vertrok de "Titan" met een droogdok vanuit IJmuiden naar de haven van Bremen – Duitsland.

Op 22 november 1957 leverde de "Titan" het dok af in de haven van Bremen – Duitsland.

22 november 1957 strandde bij, in de haveningang, de haven van Wells – Engeland, aan de Oostkust van Engeland, de coaster "Frida Blokzijl"(1931 – 249 Brt.).

De "Titan" vertrok vanuit de haven van Bremen - Duitsland naar de positie van de "Frida Blokzijl".

Zondag 24 november 1957 arriveerde de "Titan" bij de "Frida Blokzijl".

Op 27 november werd onder leiding van Kapitein Maarten de Koe begonnen met de berging.

Vanuit IJmuiden arriveerde de "Nestor" met een lichter en de vlet "Burwijs".

Daar eerst de lading van de "Frida Blokzijl" moest worden gelost vertrok de "Titan" om, in Londen - Engeland, een sleep op te halen.

Op 28 en 29 november 1957 werden door de "Titan" drie lichters versleept vanuit Londen - Engeland naar Rotterdam.

Na aankomst in de haven van Rotterdam werd op 30 november 1957 de stoomtrawler " IJM. 21 Gelria" op sleeptouw genomen naar IJmuiden.

– Dezelfde "Gelria" die de "Titan" op 18 juli 1956 voor de sloop vanuit IJmuiden naar Rotterdam had versleept.-

De "Titan" vertrok op 30 november 1957 vanuit IJmuiden naar Delfzijl en versleepte vanuit Delfzijl een baggermolen naar IJmuiden.

Op 2 december 1957 arriveerde de "Titan" in IJmuiden met een baggermolen op sleeptouw.

Op 10 december 1957 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de haven van Wells – Engeland, aan de Engelse oost kust, om bergingsmateriaal voor de berging van de "Frida Blokzijl" over te brengen.

19 december 1957 komt de Duitse coaster "Adelheid"(1937 – 200 Brt.) tijdens slecht weer, windkracht 7, door machineschade in de problemen op ruim 280 mijl Noord Noord West van IJmuiden.

De "Adelheid", is geladen met kolen, onderweg naar Cuxhaven – Duitsland.

De Britse tanker "London Resolution"(1957 – 16.264 Brt.) is stand-by bij de "Adelheid" om indien nodig de bemanning aan boord te nemen.

De "Titan" die bij de "Frida Blokzijl" werkzaam was op de Engelse Oost kust moest ruim 200 mijl varen voor ze de "Adelheid" zou kunnen bereiken.

Toen de "Titan" op 20 december nog onderweg was naar de positie van de "Adelheid", melde het Noorse vrachtschip "Solgry"(1919 – 563 Brt.) dat ze op de positie 55.06 Noorderbreedte en 3.40 Oosterlengte 30 graden slagzij maakte.

De "Titan" wijzigde haar koers maar reeds na korte tijd bleek dat de "Solgry" de slagzij had verholpen en vervolgde de "Titan" haar reis naar de "Adelheid" die ze korte tijd later bereikte.

De "Titan" slaagt er in de "Adelheid" vast te maken en leverde haar af in Cuxhaven - Duitsland, na een sleepreis van 350 mijl.

Vanuit Cuxhaven – Duitsland zette de "Titan" koers naar IJmuiden.

Op eerste kerstdag 25 december 1957 verdaagde het vrachtschip "Zaanstroom"(1952 – 496 Brt.) bij het verlaten van IJmuiden op de Noorder pier.

De "Titan" bood assistentie aan maar de "Zaanstroom" kwam op eigen kracht weer vlot.

In de middag van 25 december werd door de "Titan" assistentie aangeboden aan het Belgische vissersvaartuig "Zeebrugge 291" die op 60 mijl Noord West van IJmuiden zinkende was.

Nog voordat de "Titan" de "Zeebrugge 291" had bereikt was het schip gezonken en kon de "Titan" terug naar IJmuiden.

Vanuit IJmuiden vertrok de "Titan" naar Gothenburg – Zweden.

28 december 1957 arriveerde de "Titan" in de haven van Gothenburg – Zweden.

In 1957 werd door de "Titan" 18.626 mijl slepende afgelegd.

1958

Begin januari 1958 vertrok de "Titan" vanuit Gothenburg - Zweden, met een bok met bestemming Belem – Brazilië, op sleeptouw.

Wegens slecht weer werd uitgeweken naar Cuxhaven - Duitsland en op 22 januari kwam de "Titan" met haar sleep Den Helder binnen wederom wegens stormweer en slechte weerberichten.
 
Nog diezelfde avond vertrok de "Titan" vanuit Den Helder naar het gestrande Franse vrachtschip "Torima"(1952 – 4.434 ton) aan de Engelse Oostkust.

De "Torima" accepteerde in eerste instantie een Engelse sleepboot, de "Brahman" en bedankte andere sleepboten die onderweg waren naar de "Torima".

De "Titan" besloot toch verder te gaan naar strandings plaats van de "Torima".

23 januari bleek dat de "Torima" muurvast zat op de Hammond Knoll zandbank en werd de "Titan" alsnog gecontracteerd voor de berging samen met de "Brahman".

Op 24 januari 1958 kwam de "Torima" met behulp van in totaal 5 sleepboten vlot, waaronder de "Titan" en de "Nestor", en werd afgeleverd in de haven van Hull – Engeland.

26 januari 1958 is de "Titan" onderweg naar de "Polar Prince". (helaas heb ik verder geen gegevens hierover.)

27 januari 1958 is de "Titan" onderweg vanuit Antwerpen - België naar Den Helder.

27 januari 1958 was de "Titan" weer terug in Den Helder. En op 29 januari 1958 werd de reis met een Bok naar Belem - Brazilië, – ongeveer 4200 mijl van Den Helder af – voortgezet.

Nadat de "Titan" op 29 januari 1958 uit Den Helder was vertrokken met een bok voor Belem in Brazilië werd op 17 februari 1958 gebunkerd in Las Palmas op de Canarische eilanden, en werd Belem - Brazilië op 7 maart 1958 bereikt.

Vanuit Belem werd na aflevering van de sleep op 9 maart 1958 koers gezet naar Port of Spain op Trinidad.

"Titan" 14 maart te Port of Spain, voor proviand en bunkers.

19 maart 1958 de "Titan" passeert Port Everglades – Verenigde Staten met de lichter "City of Pensacola" op sleeptouw naar Houston - Verenigde Staten.

Na aflevering van de lichter "City of Pensacola" in de haven van Houston - Verenigde Staten, zette de "Titan", koers naar Portsmouth – Engeland.

Op 30 maart 1958 arriveerde de "Titan" in de haven van Portsmouth – Engeland.

1 april 1958 vertrok de "Titan", met een LCT op sleeptouw, vanuit Portsmouth – Engeland naar IJmuiden.
 
De Haven van Dover - Engeland, moest 2 april 1958 worden aanlopen wegens lekkage aan de sleep.

De "Titan" arriveerde op 4 april 1958 met de LCT op sleeptouw in IJmuiden.

Na aankomst in IJmuiden ging de "Titan" in groot survey.

Na het survey waarbij o.a. de hoofdmotoren werden nagezien, vertrok de "Titan" half april 1958 naar Tilbury in Engeland om een sleep – een LCT – op te halen met bestemming Quebec in Canada.

Op 17 april 1958 vertrok de sleep vanuit de haven van Tilburry - Engeland, en na een zeer vlotte reis kon reeds op 8 mei 1958 de aankomst worden gemeld.

9 mei 1958 vertrok de "Titan" vanuit Quebec - Canada naar Charleston - Verenigde Staten.

Vanuit de haven van Charleston - Verenigde Staten vertrok de "Titan" op 18 mei 1958 met het Stoomschip "Belvedere"(1953 – 1.023 Brt.) op sleeptouw.

De "Belvedere" zal door de "Titan" naar Santiago de Cuba – Cuba worden gesleept.

25 mei 1958 werd de aankomst in de haven van Santiago de Cuba – Cuba gemeld en vandaar vertrok de "Titan" naar de Nuevitas Bay - Cuba om de "Zeeland" te assisteren bij het bergingswerk van het vrachtschip "St. Nicholas"(1945 – 2.873 Brt.).

Op 28 mei 1958 werd de "St. Nicholas" vlotgebracht.

De "St. Nicholas" was echter geen lang leven meer beschoren op 8 augustus 1958 werd op gegeven 'wrecked 15.54 N 78.35 W'.

29 mei 1958 was de "Titan" in de haven van Nuevitas - Cuba.

De "Titan" zette op 6 juni 1958 koers naar positie van de "Zeeland" die bezig was met de berging van de gestrande "Casablanca"(1950 – 1.845 Brt.), die aan de grond zat bij Dry Tortugas in de buurt van Key West - Verenigde Staten.

Na twee etmalen trekken door de "Zeeland" en de "Titan" werd losgegooid en werd op 8 juni 1958 de berging opgegeven.

De "Titan" kreeg vervolgens opdracht koers te zetten naar New Orleans - Verenigde Staten, waar de "Titan" op 16 juni 1958 binnenliep voor het ophalen van een sleep met bestemming Maracaibo - Venezuela.

20 juni 1958 vertrok de "Titan" vanuit New Orleans - Verenigde Staten met 2 bakken op sleeptouw naar Maracaibo - Venezuela.

op 5 juli 1958 arriveerde de "Titan" te Maracaibo - Venezuela met 2 bakken op sleeptouw vanuit New Orleans - Verenigde Staten.

7 juli 1958 vertrok de "Titan" vanuit Maracaibo – Venezuela naar Cartagena - Colombia, waar de Engelse Shell tanker "Hinea"(1956 - 12212 ton) aan de grond zat.

9 juli 1958 kwam de "Hinea" echter op eigen kracht vlot, er was olie vanuit de "Hinea" overgeslagen in een kleinere tanker.

Diezelfde dag dat de "Hinea" vlot kwam arriveerde ook de "Titan" op de positie van de "Hinea".

En kon meteen dezelfde dag vertrekken naar Miami – Verenigde Staten omdat de "Hinea" op eigen kracht was vlot gekomen.

16 juli 1958 arriveerde de "Titan" in de haven van Miami - Verenigde Staten om meteen weer op 16 juli - de dag van de aankomst - te vertrekken naar Havanna - Cuba.

Op 24 juli 1958 werd de aankomst te Cuba gemeld, en gaat de "Titan" ten anker in de Cayo Piedras Cardenas Bay nabij Havana – Cuba en gaat de "Titan" op station.

De "Titan" vertrok op 5 augustus 1958 vanuit Cuba, waar de "Titan" vanaf 24 juli 1958 op station lag in de Cayo Piedras Cardenas Bay, naar Miami - Verenigde Staten.

Miami - Verenigde Staten werd het nieuwe station voor de "Titan".

Op 23 augustus 1958 werd vandaar uitgevaren naar de "Monte Serantes"(1921 – 5.874 Brt.) die ter hoogte van de Bermuda-eilanden in moeilijkheden verkeerde en sleepboot assistentie nodig had.

De "Monte Serantes" werd echter door een rederijgenoot op sleeptouw genomen, voor de "Titan" een vergeefse reis.

De "Titan" zet koers naar Bermuda en vanaf 27 augustus 1958 tot 18 september 1958 heeft de "Titan" te Bermuda op station gelegen.
 
18 september 1958 vertrok vanuit Bermuda de "Titan" naar New Orleans - Verenigde Staten, waar ze op 25 september 1958 arriveerde om een sleep op te halen met bestemming Caripito - Venezuela.

Op 2 oktober 1958 vertrok de "Titan" met een ponton en een sleepboot op sleeptouw vanuit  New Orleans - Verenigde Staten.

De aankomst in de haven van Caripito - Venezuela werd gemeld op 20 oktober 1958.

Op 23 oktober 1958 vertrok de "Titan" vanuit Caripito - Venezuela naar Port of Spain op Trinidad en vandaar werd eind oktober koers gezet naar Galveston - Verenigde Staten.

4 november 1958 is de "Titan" in de haven van Santiago de Cuba - Cuba.

De "Titan" arriveerde op 10 november 1958 in de haven van Galveston - Verenigde Staten.

Om een sleep, bestaande uit twee grote, geladen, pontons voor de oliewinning in de Perzische Golf vast te maken.

Op 4 december 1958 begon de "Titan" vanuit Galveston - Verenigde Staten aan deze 10.000 mijl lange reis.

In 1958 werd door de "Titan" 16.455 mijl slepende afgelegd.

1959

Nadat de "Titan" met twee geladen pontons op sleeptouw op 4 december 1958 uit Galveston - Verenigde Staten was vertrokken, was de sleep in januari 1959 bezig aan de overtocht van de Atlantische Oceaan naar Gibraltar.

Voor bunkers en reparaties aan de sleep werd op 10 januari 1959 de haven van Ponta Delgada - Azoren binnengelopen.

21 januari 1959 kon de "Titan" de sleepreis met twee geladen pontons vervolgen vanuit Ponta Delgada - Azoren.

Ook Gibraltar werd door de "Titan" aangedaan voor bunkers en proviand.

21 februari 1959 arriveerde de "Titan" op de rede van Port Said – Egypte.
 
22 februari 1959 passeerde de "Titan" het Suezkanaal en werd de reis vervolgd naar de Perzische Golf.

7 maart 1959 arriveerde de "Titan" in de haven van Aden voor bunkers en proviand.

Op 8 maart 1959 vertrok de "Titan" vanuit Aden en vervolgde de reis naar de Perzische Golf.

De "Titan" arriveerde op 24 maart 1959 met haar sleep, twee geladen pontons, vanuit Calveston - Verenigde Staten te Kharg Eiland - Iran.

Na aflevering van de pontons vertrok de "Titan" op 25 maart 1959 vanuit Kharg Eiland - Iran en zette koers naar La Valetta op het eiland Malta.

10 april arriveerde de "Titan" vanuit Kharg Island – Iran op de rede van Suez - Egypte.

Als gevolg van brand in de reductiekast kwam de "Titan" in de eerste helft van april 1959 te drijven in de Middellandse zee. De "Hector" die de "Nestor II" had gesleept tot aan Suez - Egypte en onderweg was naar Malta maakte de "Titan" vast en sleepte haar naar Malta voor reparaties.

Op 28 april 1959 strandde de Nederlandse kustvaarder "Leemans"(1956 – 491 Brt.) bij Kelibia op de Tunesische kust (vijftien mijl ten zuiden van Cap Bon).
De "Titan" en de "Hector" zetten vanaf Malta koers naar de "Leemans".

Het vastmaken op de "Leemans" — de coaster was onderweg geweest van Port de Bouc - Frankrijk, naar Susa - Tunesië, — moest op zich laten wachten, daar de Tunesische autoriteiten toestemming moesten verlenen om met buitenlandse sleepboten een berging op de kust van Tunis uit te voeren.

Dankzij de medewerking van het Ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag en ook dankzij de medewerking van de Nederlandse consul in Tunis en de steun van het Foreign Office in Londen, werd deze toestemming op 30 april 1959 verleend.

De "Titan" en "Hector" maakten vast en nog diezelfde dag slaagde zij er in de "Leemans", die door de branding was heengeslagen en die dwars op de kust lag, negentig graden te draaien en tien meter in de richting van zee te trekken.

In de nacht van 30 april 1959 op l mei 1959 kwam het schip nog meer en 's morgens om zeven uur liet de heer F. Jonkman, die de leiding van deze berging had, weten dat de "Leemans" was vlot gebracht.

De "Leemans" zette op eigen kracht koers naar de haven van bestemming.

De "Titan" en "Hector" zetten na de berging van de "Leemans" weer koers naar Malta waar ze op 2 mei 1959 arriveerden.

3 Mei 1959 vertrokken de "Titan" en de "Hector" vanuit Malta, met de uitgebrande Panamese tanker "Monterrey"(1950 – 12.812 Brt.) op sleeptouw, naar Marseille - Frankrijk.

Na aflevering van de tanker "Monterrey" op 8 mei 1959 in de haven van Marseille - Frankrijk zetten de "Titan" en de "Hector" weer koers naar Malta waar ze vanaf 12 mei 1959 weer op station gingen.

Vanuit Malta, waar de "Titan" enige dagen op station lag, zette de "Titan" op 19 mei 1959 koers naar Istanbul in Turkije waar ze 23 mei 1959 arriveerde.

Op 24 mei 1959 vertrok de "Titan" samen met de "Hector" vanuit Istanbul - Turkije met het Turkse vracht-passagiersschip "Izmir"(1955 – 6.049 Brt.) op sleeptouw naar Bremerhaven - Duitsland.

De "Izmir" was in december 1957 gezonken in de Izmir Baai – Turkije, en werd in 1958 gelicht en zal op een Duitse werf worden hersteld.

Ter hoogte van IJmuiden werd de "Titan" in de ochtend van 19 juni 1959 afgelost door de "Stentor".

Een reis van ruim 14 maanden had de "Titan" achter de rug toen ze op 19 juni 1959 in IJmuiden terugkeerde.

Na binnenkomst is de "Titan" leeggehaald voor survey.

De "Titan was vanaf eind juni en gedurende de eerste drie weken van juli in survey.

Na het survey versleept de "Titan" op 25 juli 1959 de zandzuiger "Tern" vanuit Vlaardingen naar IJmuiden.

Op Zaterdagavond 1 augustus 1959 werd door de "Titan" het vrachtschip "Ilias" (1952 – 495 Brt.) IJmuiden binnengesleept.

De "Ilias" had een defecte motor en was door de "Draco"(1947 – 383 Brt.) van 20 mijl Noord Noord West van IJmuiden naar de uiterton gesleept daar nam de "Titan" de "Ilias" over.

Op 4 en 5 augustus 1959 versleepte de "Titan" een baggermolen van Delfzijl naar Rotterdam.

De "Titan" bood op 31 augustus 1959 vanuit IJmuiden haar assistentie aan aan het Zweedse vrachtschip "Britta"(1948 – 2.297 Brt.) dat was gestrand op de zandbank Long Sand Head 12 mijl uit de Engelse kust. Assistentie werd niet geaccepteerd.

De "Titan" vertrok begin september 1959 uit IJmuiden. Er werd koers gezet naar Vlaardingen waar een drijvende kraan en een bak werden vastgemaakt.

3 september 1959 vertrok de "Titan" vanuit de haven van Vlaardingen met een drijvende kraan en een bak naar Oslo – Noorwegen.

7 september 1959 arriveerde de "Titan" met een drijvende kraan en een bak in de haven van Oslo - Noorwegen.

Vanuit Oslo - Noorwegen keerde de "Titan" terug naar Nederland, op 9 september 1959 arriveerde de "Titan" in IJmuiden.

Vanuit Vlaardingen vertrok de "Titan" op 11 september 1959 voor nog een 2e reis naar Noorwegen met een zuiger en een bak.

Op 16 september 1959 werden ook deze zuiger en bak afgeleverd in Oslo - Noorwegen.

Vanuit Oslo zette de "Titan" na het afleveren van haar sleep koers naar IJmuiden, waar de "Titan" 18 september 1959 arriveerde.

De "Titan" ging in de tweede helft van september 1959 vanuit IJmuiden naar Honfleur – Frankrijk.

Ter hoogte van Lowestoft – Engeland werd de Belgische drijvende kraan "Emergo III" vastgemaakt.

De "Emergo III" was van de ankers afgeslagen en had lekkage opgelopen.
 
De "Emergo III" werd op 30 september 1959 door de "Titan" binnengebracht in de haven van Lowestoft - Engeland.

Vanuit Lowestoft – Engeland vervolgde de "Titan" haar reis naar Honfleur – Frankrijk.
 
In de haven van Honfleur - Frankrijk maakte de "Titan" een baggermolen en een tanklichter vast met bestemming Antwerpen.

Op 4 oktober 1959 arriveerde de "Titan" met een baggermolen en een tanklichter op sleeptouw in de haven van Antwerpen – België.

Meteen na aflevering van haar sleep zette de "Titan" koers naar IJmuiden.

Vanuit IJmuiden vertrok de "Titan" op 5 oktober 1958 naar Esbjerg - Denemarken om het Deense stoomschip "Hilde Torm"(1930 – 1.595 Brt.) op sleeptouw te nemen met bestemming Den Helder.

Vanuit Esbjerg - Denemarken werd door de "Titan" nog uitgevaren naar de positie van de kotter "KW. 156 Peter leonard" die moeilijkheden met de voortstuwing had. De "KW. 156 Peter leonard" klaarde het later zelf en had geen assistentie nodig.
 
Na terugkeer in Esbjerg - Denemarken, werd de "Hilde Torm" vastgemaakt en naar Den Helder gesleept.

De "Hilde Torm" was voor de sloop verkocht en werd op 9 oktober 1959 door de "Titan" afgeleverd in de haven van Den Helder.

Vanuit Den Helder vertrok de "Titan" naar IJmuiden waar ze diezelfde dag nog arriveerde.

Half oktober 1959 vertrok de "Titan" met een drijvende kraan vanuit IJmuiden naar Rotterdam.

Na aflevering van de drijvende kraan in de haven van Rotterdam vertrok de "Titan" naar de haven van Isigny sur Mer – Frankrijk waar 2 LCT's werden vastgemaakt met bestemming Antwerpen – België.

Op 20 oktober 1959 arriveerde de "Titan" met haar sleep in de haven van Antwerpen – België.

Meteen na aflevering van de 2 LCT's in de haven van Antwerpen – België vertrok de "Titan" naar Vlaardingen waar ze op 20 oktober 1959 in de avond arriveerde.

In Vlaardingen werd door de "Titan" de zuiger "HAM 207" vastgemaakt met bestemming Middlesborough – Engeland.

23 oktober 1959 vertrok de "Titan", met de "HAM 207" op sleeptouw, vanuit Vlaardingen naar Middlesborough - Engeland, waar het transport op 26 oktober 1959 arriveerde.

Na aflevering van de "HAM 207" in Middlesborough – Engeland vertrok de "Titan" naar IJmuiden.

29 oktober 1959 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van het Franse vrachtschip "Aristee"(1954 – 2.174 Brt.) die door machineschade op 100 mijl West Noord West van IJmuiden in de problemen zat.

De "Titan" werd geaccepteerd op basis van Lloyds Open Form, maar later meldde de "Aristee" dat de schade was verholpen en dat de reis werd voortgezet.

Samen met de "Stentor" werd door de Titan" op 1 en 2 november 1959 het Noorse vrachtschip "Orient"(1957 – 9.689 Brt.) vanuit Emden - Duitsland naar Rotterdam gesleept. Deze sleepreis werd binnen anderhalve dag volbracht.

Op 13 november 1959 kreeg de Poolse treiler "Sova" machineschade op 60 mijl ten Noord Westen van IJmuiden.

De "Titan" voer uit voor assistentie en wist een contract op basis van Lloyds Open Form te krijgen. De "Titan" escorteerde de treiler naar IJmuiden.

Half november 1959 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Vlaardingen om daar een drijvende kraan vast te maken met bestemming IJmuiden.

Na het afleveren van de drijvende kraan vanuit Vlaardingen in IJmuiden ging de "Titan" weer terug naar Vlaardingen waar ze op 16 november 1959 arriveerde.

In Vlaardingen maakte de "Titan" drie lichters vast en vertrok daarmee richting Dover – Engeland op 17 november 1959.

Deze 3 lichters zijn bestemd voor de "Cycloop" en zullen door de "Titan" naar de Engelse zuidkust worden gebracht.

In het Kanaal komt de sleep in stormweer terecht, waardoor één lichter los slaat. Heldhaftig werk van de runners zorgde er voor dat los geslagen lichter behouden blijft, zodat de "Titan" op 19 november 1959 eerst twee lichters en later de 3e lichter de haven van Dover - Engeland, kan binnenbrengen.

De "Titan" zette vervolgens zonder sleep koers naar Liverpool - Engeland, waar ze op 23 november 1959 arriveerde.

Op 27 november 1959 vertrok de "Titan" vanuit Liverpool - Engeland met de zuiger "Port Sunlight" op sleeptouw met bestemming Middlesborough - Engeland.

Vrijwel de gehele reis met de "Port Sunlight" werd slecht weer ondervonden.
 
2 december 1959 werd er wegens het weer geschuild nabij Falmouth – Engeland.

Later brak in een zware Zuid Ooster storm onder de Engelse Oostkust de sleepverbinding, waardoor de "Port Sunlight" op drift ging.

Pogingen van de "Titan" om vast te maken faalden, de "Port Sunlight" strandde 7 december 1959 op een rotsplateau nabij Flamborough Head – Engeland, waarbij 2 runners omkwamen en twee werden gered.

11 december 1959 is de "Titan" in de haven van Immingham - Engeland.

In de tweede week van december 1959 begonnen de "Titan", "Simson" en de "Nestor" aan de berging van de op de rotsen van Flamborourgh Head – Engeland gestrande zuiger "Port Sunlight".

Op 14 december 1959 werd de "Port Sunlight" weer vlot gebracht en op 15 december 1959 afgeleverd in de haven van bestemming Middlesborough - Engeland.

17 december 1959 arriveerde de "Titan" vanuit de haven van Middlesborough - Engeland in IJmuiden.

Op 21 december 1959 werd het Nederlandse vrachtschip "Oberon"(1948 – 2.529 Brt.) van de KNSM door de "Titan" en de "Simson" de haven van IJmuiden binnengebracht.

De "Titan" vertrok op 24 december 1959, vanuit IJmuiden, naar de positie van het Engelse vrachtschip "Bestwood"(1948 – 2.852 Brt.) die op 35 mijl West Noord West van IJmuiden in nood verkeerde.

Assistentie was achteraf niet nodig de "Bestwood" kon zonder hulp verder.

In 1959 werd door de "Titan" 14.105 mijl slepende afgelegd.

1960

Begin januari 1960 werd bekend gemaakt dat de "Titan" en "Stentor" ingezet zouden worden bij het verslepen van het nieuwe Shell booreiland "Triton".

De "Triton", die bijna 1000 ton meet, kan boren tot een diepte van 2500 tot 3600 meter in zeeën tot een diepte van 36 meter en staat dan op 4 palen met een doorsnede van 2,5 meter. De "Triton" moest worden versleept vanuit Wallsend on Tyne - Engeland, over de Noordzee, Engels Kanaal en het Bristol Kanaal naar Cardiff - Engeland.

Op 4 januari 1960 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Zee. Niet bekend waarom.

Op 6 januari 1960 arriveerde de "Titan" weer in de haven van IJmuiden.

8 januari 1960 arriveerde de "Titan" vanuit IJmuiden in de haven van Wallsend on Tyne - Engeland.

13 januari 1960 vertrokken de "Titan" en de "Stentor" met het nieuwe Shell booreiland "Triton" vanuit Wallsend on Tyne - Engeland, naar Cardiff - Engeland.

Vanwege het slechte weer, wat na het vertrek werd ondervonden, keerde het transport weer terug naar de haven van Wallsend on Tyne – Engeland.

De "Titan" vertrok op 20 januari 1960 vanuit de haven van Wallsend on Tyne – Engeland naar de positie van de Engelse Coaster "Oakdene"(1942 – 321 Brt.) voor assistentie.

Op 20 januari 1960 maakte de "Titan" 7 mijl Noord Oost van Berwick – Engeland de "Oakdene", die in windkracht 8 tot 10 uit het Noord Westen met machineschade kampte, vast.

Op 21 januari 1960 arriveerde de "Titan" met de "Oakdene" op sleeptouw in de haven van Tynemouth - Engeland.

Vanuit Newcastle - Engeland, zette de "Titan" op 22 januari koers naar Plymouth - Engeland, waar ze op 25 januari 1960 arriveerde.

In de haven van Plymouth - Engeland, worden twee lichters vast gemaakt met bestemming Las Palmas op de Canarische eilanden.

26 of 27 januari 1960 vertrok de "Titan" vanuit Plymouth, Engeland, met op sleeptouw twee lichters. De lichters, die moeten worden afgeleverd in de haven van Burutu – Nigeria, worden door de "Titan" naar Las Palmas op de Canarische eilanden, gesleept. Vandaar uit zal de "Cycloop" ze naar Burutu – Nigeria slepen.

Met twee lichters op sleeptouw arriveerde de "Titan" op 6 februari 1960 in de haven van Las Palmas - Canarische eilanden.

Vanuit de haven van Las Palmas – Canarische eilanden vertrok de "Titan" op 13 februari 1960 naar Cadiz - Spanje.

Vanuit Cadiz – Spanje vertrok de "Titan" 18 februari 1960 met een baggermolen op sleeptouw naar Marseille – Frankrijk.

Waar de "Titan" op 26 februari 1960 arriveerde.

27 februari 1960 vertrok de "Titan" vanuit Marseille - Frankrijk naar IJmuiden.

Begin maart was de "Titan" terug in IJmuiden.

Op 11 maart 1960 vertrok de "Titan" met de cutterzuiger "Port Harcourt" op sleeptouw vanuit IJmuiden naar Vigo – Spanje..

In de haven van Vigo - Spanje, werd de cutterzuiger "Port Harcourt" op 20 maart 1960 overgegeven aan de "Cycloop", die de zuiger verder zal slepen naar Nigeria.

De "Titan" zette vervolgens op 20 maart 1960 vanuit de haven van Vigo - Spanje koers naar de havens van Weymouth Engeland en Portsmouth - Engeland, om van daaruit een sleepboot, Weymouth Engeland, en een radersleepboot, Portsmouth - Engeland, naar Nederland te slepen.

24 maart arriveerde de "Titan" vanuit Weymouth - Engeland, met een sleepboot op sleeptouw, in de haven van Portsmouth - Engeland, om daar een radersleepboot vast te maken.

26 maart 1960 vertrok de "Titan" met een sleepboot en een radersleepboot op sleeptouw vanuit Portsmouth - Engeland naar Rotterdam.

Op 27 maart arriveerde de "Titan" met een sleepboot en een radersleepboot op sleeptouw op de Nieuwe Waterweg.

Met een na het afleveren van de sleepboot en een radersleepboot vertrok de "Titan" naar IJmuiden waar ze nog diezelfde dag arriveerde.

Op 4 april 1960 arriveerde de "Titan" vanuit IJmuiden in de haven van Ardrossan in Schotland. Daar worden drie lichters op sleeptouw genomen met bestemming de haven van Madago in Nigeria.

Vanuit de haven van Madago - Nigeria werd door de "Titan", na het afleveren van drie lichters, half mei 1960 koers gezet naar Dakar - Senegal, om daar twee door de "Cycloop" achtergelaten bakken en een zuiger op te halen.

De "Cycloop" was eind april 1960 vanuit Lagos - Nigeria vertrokken met deze zuiger en twee bakken op sleeptouw, maar half mei 1960 moest de haven van Dakar – Senegal worden aangedaan wegens een defect aan een van de motoren van de "Cycloop".

15 juni 1960 worden de zuiger en de twee bakken door de "Titan" in IJmuiden afgeleverd.

Na het afleveren van haar sleep onderging de "Titan" een onderhoudsbeurt in IJmuiden en vertrok op 13 juli 1960 weer naar zee om koers te zetten naar Wilmington - Verenigde Staten.

Vanuit Wilmington - Verenigde Staten vertrok op 6 augustus 1960 de "Titan" met de Liberty "William Terry Howell"(1945 – 7.198 Brt.) op sleeptouw.

De "William Terry Howell" is de eerste van een reeks Liberty- en Victoryschepen, die door Wijsmuller naar sloopwerven in Engeland, Italië en Japan moeten worden gebracht.

De "William Terry Howell" zal door de "Titan" naar Liverpool – Engeland worden gebracht.
 
Na een reis van een kleine 4000 mijl slepen arriveerde de "Titan" op 3 september 1960 in de haven van Liverpool – Engeland.

7 september 1960 vertrok de "Titan" al weer naar zee om opnieuw koers te zetten naar Wilmington - Verenigde Staten.

24 september 1960 vertrok de "Titan" vanuit Wilmington - Verenigde Staten opnieuw met een Liberty-schip op sleeptouw naar Faslane bij Greenock in Engeland.

De "Titan" ondervond half oktober 1960 op de Atlantische oceaan en begin november in de Ierse Zee slecht weer. De "Titan" kon haar sleep echter toch begin november 1960 in de haven van Faslane - Engeland afleveren.

Na het afleveren van het Liberty schip in de haven van Faslane – Engeland nabij Glasgow - Engeland, vertrok de "Titan" naar IJmuiden.

Op 8 november 1960 arriveerde de "Titan" in de haven van IJmuiden.

Vanaf 4 december 1960 bezette de "Titan" gedurende enkele dagen het station te Den Helder, kort daarna op 6 december vertrok de "Titan" met een baggermolen op sleeptouw vanuit Nieuwediep naar Vlaardingen.

10 december 1960 vertrok de "Titan" na het afleveren van een baggermolen in de haven van Vlaardingen naar IJmuiden.

Op 21 december 1960 werd het KNSM vrachtschip "Oberon"(1948 – 2.549 Brt.) kort nadat ze was vertrokken vanuit IJmuiden, door de "Titan" en "Simson" IJmuiden weer binnen gebracht met machineschade.

Op 26 december 1960 voer de "Titan" uit naar het Italiaanse vrachtschip "Palizzi"(1947 – 1.597 Brt.), die moeilijkheden had ter hoogte van Den Helder.

De "Palizzi" klaarde zichzelf echter en de "Titan" keerde terug naar IJmuiden.

Op 28 december 1960 werd, weer vergeefs, uitgevaren naar de Nederlandse Kuster "Lizard"(1957 – 300 Brt.), die slagzij had gemeld nabij Goeree vuurschip, maar eveneens zichzelf klaarde.

29 december 1960 was de "Titan" weer terug in IJmuiden.

Door de "Titan" werd in 1960 18.949 mijl slepend afgelegd.

1961

In de 2e week van januari 1961 voerde de "Titan" verschillende kustreisjes uit.

De onderzeebootjager "Friesland" werd op 16 januari 1961 vanuit Den Helder naar IJmuiden versleept.

Het fregat "Willem van der Zaan" werd op 17 januari 1961 vanuit Den Helder naar Vlissingen versleept, aankomst in Vlissingen op 18 januari 1960.

Op 19 januari 1960 versleepte de "Titan" een kraan vanuit Vlaardingen naar IJmuiden.

20 januari 1961 versleepte de "Titan" een onderzeeboot vanuit Den Helder naar Vlissingen.

En vanuit Vlissingen versleepte de "Titan" tenslotte het mijnenveegwerkschip "Medusa" naar Den Helder.

Op 27 januari 1961 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Scheveningse motorlogger "SCH. 63 Adriana Johanna", die was gestrand op de Goodwin-sands.

Deze reis van de "Titan" was vergeefs, daar de "SCH. 63 Adriana Johanna" inmiddels was vlotgebracht door de Franse sleepboot "Varouche".

2 februari 1961 is de "Titan" voor reparaties in Amsterdam.

Begin februari 1961 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden met een baggermolen naar Falmouth - Engeland, waar de baggermolen zal worden overgenomen door de "Friesland", die de molen zal doorslepen naar West-Afrika.

De "Titan" bracht de baggermolen, wegens een wijziging van het reizenschema, op 6 februari 1961 binnen te Vlissingen.

Het Noorse vrachtschip "Braga"(1938 – 1.671 Brt.) melde op 7 februari 1961 dat het water maakte en in zinkend toestand verkeerde.

De "Braga" was, geladen met citrusvruchten en aardappelen, onderweg vanuit Casablanca naar Southampton – Engeland.

De "Titan" heeft nog koers gezet naar de positie van de "Braga" maar deze zonk op ongeveer 50 mijl ten Zuid Westen van Newhaven - Engeland.

In de haven van Vlissingen werd de "Titan" met extra bergings- materiaal beladen om daarna koers te zetten naar Ile de Glenans - Frankrijk, aan de Bretonse kust.

Waar de Nederlandse Kuster "Eddystone"(1954 – 475 Brt.) op 3 februari 1961 was gestrand.

9 februari 1961 zette de "Titan" koers naar de positie van de Duitse Coaster "Robert Meyhoefer"( 1951 – 297 Brt.) voor assistentie. Verder geen gegevens.

In de 2e week van februari begon de "Titan" aan de berging van de "Eddystone".

Op 14 februari 1961 slaagde de "Titan er in om de "Eddystone", geladen met ijzer, vlot te brengen en naar de haven van Lorient - Frankrijk te brengen.

De "Eddystone" heeft lekkage in de machinekamer.

16 februari vertrok de "Titan" vanuit de haven van Lorient - Frankrijk naar IJmuiden.

19 februari 1961 arriveerde de "Titan" in IJmuiden vanuit Lorient - Frankrijk.

Aan boord van het Noorse vrachtschip "Gudveig"(1932 – 4.037 Brt.) brak op, 24 februari 1961, brand uit op 95 mijl West Noord West van IJmuiden.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van de "Gudveig" en vanuit Hoek van Holland zette de "Gele Zee" van Smit & Co koers naar de positie van de "Gudveig".

Uiteindelijk won de "Gele Zee" en heeft de "Gudveig" vastgemaakt.

In de nacht van 23 op 24 februari 1961 strandde de kotter "ARM 2 De Vrouw Leentje" nabij Katwijk aan Zee.

De "Titan" was op 25 februari 1961 ter plaatse en nadat met behulp van de vlet "Burwys" pompen waren geplaatst kon de kotter weer drijvende worden gebracht en om 15.15 uur werd de "ARM 2 De Vrouw Leentje" vlotgebracht. En in de loop van de avond in de Haringhaven van IJmuiden afgemeerd.

Half maart 1961 werd de "Titan" uitgerust voor de lange reis.

Met drie slepen, elk bestaande uit twee op elkaar liggende bakken, vertrok de "Titan" in de 2e helft van maart 1961 vanuit IJmuiden naar Basrah - Irak, in de noordelijke punt van de Perzische Golf.

Tijdens slecht weer onder de Portugese kust raakte een van de bakken lek.
Waarop besloten werd om de haven van Cadiz - Spanje aan te doen.

Op 26 maart 1961 arriveerde de "Titan" in de haven van Cadiz – Spanje.
In verband met de langdurige reparatie en als gevolg daarvan, de te late aankomst in Aden met het oog op de moesson, werd de sleep achtergelaten in de haven van Cadiz – Spanje.

7 april 1961 vertrok de "Titan" vanuit de haven van Cadiz - Spanje naar Rotterdam waar ze op 12 april 1961 arriveerde.

De "Titan" maakte in Rotterdam een een zuiger en een bak (2 lichters) vast voor een sleepreis vanuit Rotterdam naar Larvik bij Oslo - Noorwegen.

13 april 1961 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam naar Larvik - Noorwegen.

Op 18 april 1961 keerde de "Titan" weer terug in de haven van IJmuiden vanuit Larvik - Noorwegen.

21 april 1961 voer de "Titan" uit naar de houten Britse kotter "Frandoor", die ter hoogte van Smith's Knoll lichtschip door een explosie in de machinekamer in brand was geraakt. Het scheepje zonk, de "Titan" keerde terug naar IJmuiden.

Op 27 april 1961 werd de onderzeebootjager "Hr. Ms. Friesland" vanuit IJmuiden naar Den Helder versleept door de "Titan".

Op 6 mei 1961 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Zweedse Kuster "Cygnus"(1956 – 499 Brt.), die bij de Engelse kust met motorschade lag.

De reis was vergeefs, een Engelse sleepboot werd gecontracteerd.

16 mei 1961 maakte de "Titan" weer een vergeefse reis, toen de Duitse Kuster "Ameland"(1941 – 484 Brt.) nabij Lowestoft - Engeland strandde.

De "Ameland" kwam op eigen kracht vlot.

Zondag 21 mei 1961 werd door de "Titan" de Groninger kustvaarder "Democraat"(1930 – 198 Brt.) met 25 graden slagzij IJmuiden binnengebracht.

De "Democraat" had op 48 mijl van IJmuiden plotseling water gemaakt.

26 mei 1961 werd door de "Titan" een zuiger vanuit IJmuiden naar Rotterdam geëscorteerd. Waarna de "Titan" op 27 mei weer terug keerde in de haven van IJmuiden.

In de middag van 30 mei 1961 zette de "Titan" koers naar de positie van de Duitse kustvaarder "Käthe Boll"(Geen gegevens kunnen vinden) die op 20 mijl ten Zuidwesten van IJmuiden op de Noordzee lag te drijven met machineschade.

De "Käthe Boll" was onderweg van Oxolosund – Zweden naar Duisburg – Duitsland.

De "Käthe Boll" had de assistentie van de "Titan" op basis Lloyds Open Form geaccepteerd.

Nadat de "Käthe Boll" door de "Titan" was vastgemaakt werd ze door de "Titan" naar Dordrecht gesleept.

Op 31 mei 1961 werd vergeefs uitgevaren naar het vrachtschip "Mariekerk"(1944 – 7.607 Brt,) van de VNS die op de Varnebank was gestrand.

De "Mariekerk" accepteerde Franse en Britse sleepboten.

Op l juni 1961 versleepte de "Titan" de eerste van een serie boldruktanks van 165 ton (25 X 11,5 m) vanuit IJmuiden naar Rotterdam.

Deze boldruktanks zijn bestemd voor de bouw van de tweede rubberfabriek van de Shell in Pernis Rotterdam.

In totaal zullen er 4 tanks worden versleept vanuit IJmuiden naar Pernis Rotterdam.

Begin juli 1961 begon de "Titan" aan de uitvoering van enkele sleepreizen.

Vanuit Rotterdam werd de Lake-Steamer "J.F. Durston"(1908 – 4.791 Brt.) (ex-sleep "Zeeland") naar de haven van Hamburg - Duitsland gesleept.

Waar de "Titan" op 4 juli 1961 de "J.F. Durston" afleverde.

Vervolgens nam de "Titan" op 7 juli 1961 in de haven van Brunsbüttelkoog – Duitsland, baggermateriaal op sleeptouw met bestemming IJmuiden en Vlaardingen.

Daarna zette op 9 juli 1961 de "Titan" vanuit Vlaardingen koers naar Rochester – Engeland. Om daar een kleine tanker vast te maken voor een sleepreis naar IJmuiden.

Vervolgens werd door de "Titan" vanuit IJmuiden een kraanponton, vertrek op 11 juli 1961, naar West Hartlepool – Engeland versleept.

Vanuit West Hartlepool - Engeland vertrok de "Titan" op 13 juli 1961 naar Holehaven - Engeland.

17 juli 1961 vertrok de "Titan" vanuit Holehaven - Engeland met een coaster op sleeptouw naar Rotterdam. Aankomst in de haven van Rotterdam op 18 juli 1961.
 
Meteen na aflevering van de coaster in de haven van Rotterdam vertrok de "Titan" naar IJmuiden.

18 juli 1961 arriveerde de "Titan" in de namiddag in IJmuiden.

De "Titan" vertrok in de nacht van 7 september naar de positie van het Griekse vrachtschip "Anglia"(1945 – 1.923 Brt.) die, in stormweer, bij het lichtschip "Texel" met stuurmoeilijkheden kampte.

De "Titan" verleende stand-by dienst aan de "Anglia" op basis van Lloyd's Open Form.

Door de "Titan" werd op 12 september 1961 de nieuwe Indiase loodsboot "Venu"(1962 – 771 Brt.), gebouwd bij de Zaanlandsche te Zaandam, en die bezig was met haar proefvaart. Ter hoogte van Camperduin, met machineschade, vastgemaakt op basis van Lloyd's Open Form en naar IJmuiden gesleept.

Eind september 1961 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Portland - Engeland om samen met de "Zeeland", "Simson" en "Nestor" het Britse vrachtschip "Niceto de Larrinaga"(1959 – 8.869 Brt.) naar IJmuiden te slepen.

Het Britse vrachtschip "Niceto de Larrinaga" kwam op 23 september 1961 nabij Casquets – Frankrijk in dicht mist in aanvaring met de Franse tanker "Sitala"(1961 - 49204 Brt.).

De voorpiek en ruim 1 van de "Niceto de Larrinaga" werden weggevaagd en twee opvarenden kwamen om het leven.

De "Niceto de Larrinaga" die, geladen met ijzererts, onderweg was van Freetown in West Afrika naar de Hoogovens te IJmuiden, kon langzaam varende en later geassisteerd door 5 Britse sleepboten de baai van Portland - Engeland bereiken.

Na onderzoek werd besloten om de "Niceto de Larrinaga" achterstevoren naar IJmuiden te verslepen.

De "Zeeland", "Titan", "Simson" en "Nestor" vertrokken op 29 september 1961 vanuit de baai van Portland - Engeland met de "Niceto de Larrinaga" op sleeptouw naar IJmuiden.

Op 3 oktober 1961 werd de "Niceto de Larrinaga" afgemeerd bij de Hoogovens om gelost te worden.

Op 4 oktober 1961 werd door de "Titan" weer een boldruktank, met een doorsnede van 11,5 meter, bestemd voor de Shell vanuit IJmuiden naar Pernis Rotterdam versleept.

Half oktober maakte de "Titan", samen met de "Friesland" en "Stentor" een sleepreis met de "Niceto de Larrinaga".

De "Niceto de Larrinaga" werd vanuit IJmuiden naar Emden – Duitsland gesleept voor herstel van de schade.

18 oktober 1961 zette de "Titan" koers naar de positie van een Poolse trawler die problemen had met zijn stuurgerei. De trawler werd door een andere Poolse visserman geholpen.

In de nacht van 18 op 19 oktober 1961 melde de Nederlandse trawler "IJM. 32 Elie Chéneviere" lekkage in de machinekamer.

Het water steeg snel en de bemanning moest het schip verlaten.

Door de afstand, 200 mijl, had de "Titan" geen enkele kans om het schip en de bemanning te redden.

Een reddings- actie van de Engelse trawler "Granby Queen" had helaas niet tot resultaat dat alle opvarenden gered konden worden.

Zes bemanningsleden kwamen om bij deze ramp met de "IJM. 32 Elie Chéneviere".

Op 23 oktober 1961 werd de Belgische kotter "O. 66 Roi Leopold" door de "Titan" geëscorteerd van Texel lichtschip naar IJmuiden, daar de "O. 66 Roi Leopold" gebrek aan olie had.

28 oktober 1961 vond op de "Titan", tijdens het assisteren van het vrachtschip "Nias"(1943 – 6.711 Brt.) van Stoomvaart Mij. Nederland, in de sluizen tegen vijf uur een ongeval plaats.

De "Titan" was achterboot en had de tros om de kopbolder. Toen deze tros brak werd stuurman Rutger Bernard van den Berg, die op de brugvleugel stond, geraakt door de terugslaande tros en kwam om.

Eind oktober versleepte de "Titan" weer een boldruktank, met een doorsnede van 11,5 meter, bestemd voor de Shell vanuit IJmuiden naar Pernis Rotterdam.

Dit was ook de laatste van de 4 tanks die versleept moesten worden.

Na aflevering van de boldruktank, werd in de haven van Dordrecht een kraan vastgemaakt die naar IJmuiden werd gesleept.
 
31 oktober arriveerde de "Titan" met een kraanponton op sleeptouw in IJmuiden.

In de tweede week van november 1961 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de haven van Lissabon - Portugal, om van daaruit twee bakken naar Zuid-Engeland te verslepen.

Half november 1961 vertrok de "Titan" met 2 bakken op sleeptouw vanuit Lissabon - Portugal naar de haven van Greenock in Engeland. Van de twee bakken, die versleept werden, ging er een, tijdens een storm, in de Golf van Biscaye verloren.

Op 20 november 19601 arriveerde de "Titan", met nog 1 bak op sleeptouw, in de haven van Southampton – Engeland.

Nog de zelfde dag, 20 november 1961, vertrok de "Titan" vanuit Southampton – Engeland naar IJmuiden.

Bij de uiterton van IJmuiden maakte de "Titan" op 4 december 1961 de hektrawler "KW. 15 Rijnmond I"(1961 – 480 Brt.) vast en brengt deze IJmuiden binnen. De "KW. 15 Rijnmond I" kampte met problemen in de stuurinrichting.

Op 17 december 1961 voer de "Titan" vanuit IJmuiden uit, nadat de Duitse motorlogger "F.B. Zimmerman" had gemeld, dat men aan de grond zat in de Haaksgronden.

Direct nadat de "Titan" vaststond kwam de "F.B. Zimmerman" vlot.
Vervolgens werd de "F.B. Zimmerman" door de "Titan" naar Den Helder geëscorteerd

Meteen nadat de "F.B. Zimmerman" Den Helder was binnengelopen zette de "Titan" koers naar de positie van het Duitse vrachtschip "Carola Reith"(1957 – 8.279 Brt.) die ter hoogte van Eierland een mankement had.

De "Titan" bleef stand-by bij de "Carola Reith", die zich zelf in de loop van de dag klaarde.

1962

Op 9 januari 1962 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Engelse kusttanker "Affirmity"(1928 – 249 Brt.) die op 40 mijl ten Westen van Scheveningen motorschade meldde.

De "Affirmity" werd vast gemaakt door de "Titan" en naar Great Yarmouth - Engeland gesleept.

10 januari 1962 leverde de "Titan" de "Affirmity" af in de haven van Great Yarmouth - Engeland.

11 januari 1962 vroeg het Engelse vrachtschip "Anglobel"(1953 - 806 Brt.) wegens machineschade om assistentie op 65 mijl West van IJmuiden. Op dat moment stond er een Westerstorm windkracht 10.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van de "Anglobel".
Dit werd een vergeefse reis daar de "Anglobel" de schade wist te herstellen en op eigen kracht naar Great Yarmouth – Engeland voer.

Op 13 januari 1962 verzocht de logger "VL. 199 Martha Maria" om sleepboot assistentie wegens een vastgelopen schroefas.

De "Titan" brengt de "VL. 199 Martha Maria" vanaf de Noordzee op 14 januari binnen in de haven van IJmuiden.

17 januari 1962 is de "Titan" voor reparaties te Amsterdam.(Is er iemand die hier meer over weet?)

Noors schip in brand op Noordzee.

In een hevige zuid Wester storm met windkracht 8 tot 9 zijn de "Titan" en de "Simson" op 21 januari 1962 vanuit IJmuiden uitgevaren nadat het Noorse vrachtschip "Hjalmar Wessel"(1935 – 1.742 Brt.) wegens brand in de machinekamer een S.O.S. had uitgezonden.

Zondagavond 21 januari 1962 omstreeks half elf was de "Titan", onder bevel van kapitein A. Broek, ter plaatse.

Op de "Hjalmar Wessel" had de bemanning een urenlang gevecht met de vlammen achter de rug. De brand was grotendeels bedwongen. Het eerste noodsein van het schip, dat met een lading houtpulp onder weg was vanuit een Noorse haven naar Rotterdam, werd zondagmiddag omstreeks kwart voor vier opgevangen door het West Duitse radiostation Norddeich dat onmiddellijk het S.O.S. sein doorgaf.

Tegen middernacht maakten de "Titan" vast terwijl de "Simson" begon met de brand bestrijding aan boord van de "Hjalmar Wessel".

De "Hjalmar Wessel" is op 23 januari 1962 door de "Titan" en de "Nestor" en met stuur assistentie van de "Simson" IJmuiden binnen gebracht.

De "Hjalmar Wessel" is na de brand niet meer hersteld maar verbouwd tot bak.

Bij windkracht 8 tot 9 seinde de "IJM. 3 Ria"(50 ton) op 31 januari 1962 dat ze op ongeveer 20 mijl Noord Noord West van lichtschip "Texel" in moeilijkheden was geraakt. De "IJM. 3 Ria" kan moeilijk manoeuvreren en de navigatiemiddelen zijn defect en de radio ontvanger werkt niet meer.

Vanuit IJmuiden is de "Titan" uitgevaren voor assistentie.

Op 1 februari 1962 neemt de "Titan" de "IJM. 3 Ria" op sleeptouw naar IJmuiden en arriveerde nog diezelfde dag in de haven van IJmuiden.

Op 12 februari 1962 melde het Engelse vrachtschip "Fountains Abbey"(1954 – 1.197 Brt.) om 22.02 uur dat er brand was uitgebroken in ruim 1.

De "Titan", "Stentor" en de "Simson" vertrokken vanuit IJmuiden naar de positie van de "Fountains Abbey"

Donderdag 15 februari 1962 brachten de "Titan", "Stentor" en de "Simson" de "Fountains Abbey", geladen met eieren, boter, kaas, wol, paraffine en chemicaliën, binnen in de haven van IJmuiden.
De "Fountains Abbey" was in brand was gevlogen voor de Engelse Oostkust en door de bemanning verlaten. 5 man van Wijsmuller die waren overgesprongen hebben op de grootste omelet ooit gebakken moeilijke uren doorgebracht omdat ze nergens een onderkomen op het schip hadden.

De "Fountains Abbey" is nooit meer in de vaart gekomen op 17 maart 1962 is ze gesloopt in Zeebrugge - België.

De "Titan" vertrok op 16 februari 1962 vanuit IJmuiden naar de positie van de Duitse "Zeus II" die ter hoogte van Texel in moeilijkheden verkeert. De "Zeus II" bleek het later zelf geklaard te hebben.

Daar er steeds meer schepen seinden in de problemen te komen besloot de "Titan" Noordelijker te gaan. Om 23.39 uur melde Norddeich Radio: SOS van het Nederlandse motorschip "Tempo D", machineschade, stuurmoeilijkheden, heb dringend hulp nodig van sleepboot, positie om 23.22 uur 53.59 N en 7.18 O.

De "Titan" zette daarop koers naar de positie van de "Tempo D"(1936 – 199 Brt.) en bood haar assistentie aan.

De "Titan" werd op basis Lloyds Open Form geaccepteerd door de "Tempo D".

De "Titan" escorteerde de "Tempo D" vanaf boei JE.6 naar Delfzijl, waar ze op 18 februari 1962 arriveerden.

Meteen na binnenkomst in Delfzijl ging de "Titan" onderweg naar de positie van de Griekse Kuster "Costis"(1939 – 395 Brt.) die in het Huibersgat machine problemen had.

De "Costis" was over een bank heengeslagen, maar wist later met hulp van de reddingsboot "Insulinde" schipper Klaas Toxopeus, weer in diep water te komen.

De "Titan" bleef stand-by bij de "Costis" op zondag 18 en en maandag 19 februari 1962 en hielp bij het ontvangen en verzenden van enkele Griekse telegrammen die in plastic zakken – verzwaard met aardappelen – aan elkaar werden overgegooid.

Later kon de "Costis" haar reis vervolgen en werd de "Titan" bedankt voor haar diensten.

Op 22 en 23 februari 1962 versleept de "Titan" een Mulberry Pierhead bestemd voor de havenwerken in IJmuiden vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

De "Fountains Abbey" werd door de "Titan" vanuit IJmuiden op 16 maart 1962 naar een sloopwerf in Zeebrugge – België gesleept.

Op 17 maart 1962 werd de "Fountains Abbey" bij de sloopwerf afgeleverd.

In de ochtend van 26 maart 1962 vertrok de "Titan" gevolgd door de "Stentor" vanuit IJmuiden naar de positie van de Noorse, maar onder Spaanse vlag varende, tanker "Fenheim"(1942 – 10.370 Brt.), die tijdens slecht weer met machineschade op 140 mijl ten Noorden van IJmuiden dreef.

De "Fenheim"werd vastgemaakt door de "Titan" en de "Stentor" en op 28 maart 1962 werd de "Fenheim" IJmuiden binnen gebracht.

De "Fenheim" was onderweg vanuit Noorwegen naar Barcelona - Spanje waar ze gesloopt zou worden, wat uiteindelijk ook op 1 juni 1962 gebeurde.

Begin april 1962 werd "Hr. Ms. Pieter Florisz" door de "Titan" vanuit Nieuwediep naar IJmuiden gebracht, waar ze in gebruik zal worden genomen door het Zeekadeten korps "IJmond".

Op 22 april 1962 vond er, tijdens dichte mist, in het Engels kanaal een aanvaring plaats tussen de Deense vrachtschip "Dragor Maersk"(1961 – 4.722 Brt.) en de Italiaanse bulkcarrier "Mar Ligure"(1953 – 10.699 Brt.).

De "Dragor Mearsk" liep zware schade op in de midscheeps en vroeg dringend om assistentie.

De "Friesland" die in de buurt was werd op basis Lloyds Open Form gecontracteerd.

De "Titan", "Simson" en "Stentor" brachten vanuit IJmuiden bergingsmateriaal aan en plaatsen dit op de "Dragor Maersk".

Gezamenlijk wisten ze de "Dragor Maersk" langzaam naar de Nieuwe Waterweg te slepen. Dit was een zeer riskant karwei omdat door de aanvaring ruim III, ruim IV en de machinekamer dreigden vol te lopen met water. Inzet van sterke bergings- pompen wist dit te voorkomen.

24 april 1962 werd de zwaar gehavende "Dragor Maersk" afgeleverd in de Maashaven te Rotterdam, zodat de lading gelost kon worden en na het lossen de "Dragor Maersk" opgenomen kon worden in het dok van Wilton Fijenoord.

Na aflevering van de "Dragor Maersk" in Rotterdam vertrok de "Titan" naar IJmuiden.

Op bijna 100 mijl ten Noord Noord Westen van IJmuiden werd in de nacht van 26 op 27 april 1962 de Liberiaanse tanker "Olympic Thunder"(1950 – 17.791 Brt.) door de bemanning verlaten nadat, als gevolg van een aanvaring met de Griekse tanker "Kissavos"(1956 – 23.232 Brt.), brand aan boord was ontstaan.

Van de niet geladen "Olympic Thunder" zijn verschillende ladingtanks onder het brugcomplex opengebarsten. Als eerste arriveerde de "Holland" van Rederij Doeksen gevolgd door de "Titan".

Daar de berging gezamenlijk door Rederij Doeksen en Wijsmuller zou worden uitgevoerd werd meteen begonnen met de brandbestrijding.

Kort na elkaar arriveerden ook de "Doggersbank" van Rederij Doeksen en de "Simson", "Nestor", en de "Friesland" en de "Wotan" van Bugsier. In de avond van 27 april is het vuur bedwongen en kan de "Olympic Thunder" op sleeptouw worden genomen naar de Nieuwe Waterweg.

In de ochtend van 28 april 1962 werd de "Olympic Thunder" de Nieuwe Waterweg opgesleept, afgemeerd bij Tank Cleaning en later opgenomen in een van de dokken van Wilton Feijenoord.

Op 29 april 1962 werd de kustvaarder "Jonan"(1954 – 500 Brt.), die met machineschade op ongeveer 50 mijl ten zuidwesten van IJmuiden dreef, vast gemaakt door de "Titan" en op basis Lloyds Open Form naar IJmuiden gesleept.

In de nacht van 5 op 6 mei 1962 assisteerde de "Titan" de coaster "Mutua Fides" die ter hoogte van de uiterton kampte met machineproblemen. Uiteindelijk heeft de "Titan" geassisteerd van 22.50 – 01.30 uur.

9 mei 1962 werd door de "Titan" een baggermolen vanuit Vlaardingen naar IJmuiden versleept.

In de nacht van 5 op 6 juni 1962 werd de "Titan" geaccepteerd op basis Lloyds Open Form, om de kustvaarder "Mutua Fides"(1949 – 302 Brt.) van de Noordzee af naar IJmuiden te slepen.

Op 1 juli 1962 vertrok de "Titan" naar de positie van de Belgische kotter "N. 806 Vertrouwen", die lek gestoten was op 20 mijl ten Zuid Oosten van Great Yarmouth - Engeland. Na enkele uren keerde de "Titan" terug daar de "N. 806 Vertrouwen" was gezonken.

Op 23 juli 1962 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar een positie 8 mijl ten zuiden van de boei P.2.

Waar de sleep van de Portugese sleepboot "Praia Grande" in zinkende toestand verkeerde. De sleep, een drijvend droogdok, zonk echter alvorens de "Titan" nog iets had kunnen doen.

Op 2 augustus 1962 werd de assistentie van de "Titan" gevraagd door de IJmuidense logger "IJM.81 Jan", die ernstige lekkage melde op 80 mijl ten noord Noord Westen van IJmuiden.

Na aankomst van de "Titan" werden, op de logger, pompen geplaatst, en werd de machinekamer droog gepompt en droog gehouden tijdens de sleepreis naar IJmuiden waar in de ochtend van 3 augustus 1962 bij de vishal werd afgemeerd.

23 augustus 1962 raakt het vracht- passagiersschip "Randfontein"(1958 – 13.692 Brt.), tijdens een Zuid Wester storm tot windkracht 8, bij het binnenlopen van IJmuiden in de problemen en liep aan de grond bij de strekdam t.h.v. het Semafoor.

In de Zuid Wester storm kwam de "Randfontein" dwars van het Zuider toeleidingskanaal te zitten. De gezagvoerder accepteerde hulp van Wijsmuller op basis van Lloyd's Open Form, waarna er door de "Nestor", "Stentor", "Hector", "Simson", "Titan", "Assistent" en "Cornelis Willem" werd vastgemaakt en de "Randfontein" na korte tijd werd vlot gebracht.

In de nacht van 7 op 8 september 1962 strandde tijdens slecht weer, windkracht 7, de Texelse kotter "TX. 48 Cornelia Martha" op de Haaksgronden ter hoogte van Den Helder.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van de kotter en kreeg op 8 september een contract op basis L.O.F. En begon met de berging.

Pas op 24 september 1962 kwam de "TX. 48 Cornelia Martha" met behulp van de "Titan" en de "Stentor" weer vlot. De "Stentor" sleepte de "TX. 48 Cornelia Martha" naar Den Helder.

22 oktober 1962 versleepte de "Titan" de ex-loodsboot "Canopus" die jarenlang onderdak bood aan het Zee cadetten korps IJmond, van IJmuiden naar Rotterdam, waar ze gesloopt zal worden.

De "Pieter Florisz" is het nieuwe schip van het Zee cadetten korps "IJmond".

Op 30 oktober 1962 strandde de Duitse Kustvaarder "Milos"(1951 – 400 Brt.) tussen de strekdammen van het forteiland.

Op 31 oktober 1962 werd assistentie geaccepteerd en maakte de "Titan" vast op de "Milos", de "Assistent"lag stand-by om vast te maken als de "Milos" vlot kwam.

De "Titan" wist de "Milos" al vrij snel vlot te brengen en wel met z'n snelheid dat de "Assistent" niet snel genoeg kon wegkomen en vol door de "Milos" werd geraakt.

De "Milos" werd daarna alsnog door de "Assistent" vast gemaakt en afgemeerd aan de sleepboot steiger.

24 november 1962 bood de "Titan" haar assistentie aan aan de Nederlandse coaster "Viscount"(1961 – 400 Brt.), die ter hoogte van Cromer vuurschip op de Engelse kust was gelopen.

Toen de "Titan" nog ongeveer 30 mijl van de strandings plaats was kwam de "Viscount" op eigen kracht vlot.

De "Titan" sleepte op 25 november 1962 het Engelse vrachtschip "Melrose"(1949 – 1.076 Brt.) op basis L.O.F. vanaf de Noordzee naar IJmuiden.

De "Melrose had op 35 mijl Noord West van IJmuiden machineschade opgelopen en verzocht om sleepboot assistentie.

27 november 1962 maakten de "Stentor" en de "Titan" op de Noordzee het vracht- passagiersschip "Oranjestad"(1938 – 5.098 Brt.) vast, die kampte met machineschade, en sleepten de "Oranjestad" naar IJmuiden.

De kustvaarder "Narwal"(1939 - 291 Brt.) werd door de "Titan" op 9 december 1962 naar IJmuiden gesleept.

De "Narwal" kwam op 10 mijl ten Zuiden van het lichtschip "Texel" in moeilijkheden doordat de hoofdmotor uitviel.

Ondanks de zware zee, er stond windkracht 7 uit het West Noord Westen, wist de "Titan" een lijn over te brengen.

De "Stentor" en de "Titan" sleepten op 11 december 1962 het onder Panamese vlag varende Italiaanse schip "Castor"(geen gegevens) Den Helder binnen nadat dit schip door de "Holland" van rederij Doeksen op de rede van Den Helder was afgeleverd.

De "Castor" was vrijdag 7 december 1962 door de "Holland" ter hoogte van het Terschellinger vuurschip vastgemaakt. De "Castor" was in de problemen gekomen door brandstof gebrek.

Op 28 december werd de kotter "SCH. 14 Barracuda", die een net in de schroef had gekregen, door de "Titan" vanaf de Noordzee IJmuiden binnengesleept.

1963

Op 17 januari 1963 voer de "Titan" uit voor de Nederlandse "Maria W"(1949 – 500 Brt.), die op de rede van Great Yarmouth - Engeland, melde dat er brand was ontstaan aan boord.

Daar inmiddels andere assistentie ter plaatse was, keerde de "Titan" terug naar IJmuiden.

Op 20 januari 1963 zette de "Titan" koers naar de positie van de Katwijkse hektrawler "KW. 43 Rijnmond II", die lekkage had opgelopen door het stoten op een wrak.

Het stormweer met windkracht 9 tot 10 uit het Oosten op de Nederlandse kust en de lage temperatuur had tot gevolg dat de schepen, die te hulp snelden, onder een dikke ijsmassa kwamen te zitten.

De "Rijnmond II" werd door de "Titan" naar IJmuiden geëscorteerd.

Nadat de "Titan" weer aan de steiger lag is de bemanning nog uren bezig geweest om het ijs te verwijderen.

Op 22 januari 1963 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden omdat ter hoogte van Smith's Knoll vuurschip vermoedelijk het gekapseisde wrak van de vermiste kustvaarder "Thuntank 7" ronddreef.

Daar vanuit een Engelse haven een andere sleepboot eerder ter plaatse was keerde de "Titan" terug naar IJmuiden.

In de avond van 7 februari 1963 strandde het Deense vracht/passagiers schip "Falstria"(1945 – 6.993 Brt.) op de in aanbouw zijnde Zuider pier.

De "Titan", "Stentor", "Nestor", "Simson" en "Hector" brachten de "Falstria" op 8 februari weer vlot.

Op 19 en 20 april 1963 versleepte de "Titan" de voor de sloop bestemde trawler "Gelria" voor de tweede keer vanuit IJmuiden naar de Nieuwe Rotterdamse Waterweg, op 18 juli 1956 bracht de "Titan" de "Gelria" ook al eens naar de sloop. En maakte deze op 30 november 1957 weer vast bij de sloopwerf, om weer naar IJmuiden te slepen.

Op de terug weg naar IJmuiden versleepte de "Titan" vanuit Vlaardingen een drijvende kraan naar IJmuiden.

Op 24 april 1963 werd door de "Titan" hulp verleend aan de Finse coaster "Stina"(1950 – 500 Brt.), die op 30 mijl Noord West van IJmuiden met machineschade ronddreef.

De "Stina" werd door de "Titan" op basis van L.O.F. naar IJmuiden gesleept.

Op 18 mei 1963 voer de "Titan" uit voor de kustvaarder "Marie Christina"(1952 – 390 Brt.), die met machineschade bij de Theems monding dreef.

De "Titan" werd gecontracteerd voor het verslepen van de coaster van de rede van Harwich – Engeland naar IJmuiden, waar het transport op l9 mei arriveerde.

Op 23 mei 1963 voer de "Titan" uit voor de Duitse veerboot "Gorch Fock"(1929 – 286 Brt.). Die bij Texel machineschade had.

De "Gorch Fock" werd echter op sleeptouw genomen door de kotter "WR. 70".

Op 28 mei 1963 werden mensen en materiaal door de "Titan" vanuit IJmuiden naar de "Esso Den Haag"(1963 – 53.141 Brt.) gebracht. die met voortstuwing moeilijkheden op 60 mijl ten Noord Westen van IJmuiden voor anker lag.

29 mei 1963 werd door de "Titan" assistentie aangeboden aan de Libanese "Elpidoforos"(1935 – 4.968 Brt.) die na een aanvaring ten Noorden van de Koog op Texel aan de grond was gezet.

De "Elpidoforos" kwam op eigen kracht vlot en zette koers naar Rotterdam voor reparaties bij de R.D.M.

Op 17 juni 1963 voer de "Titan" uit voor de Deense kustvaarder "Leif Staercke" (1944 – 400 Brt.). Die machineschade had gemeld op 15 mijl Zuid West van lichtschip "Texel".

De "Leif Staercke" liet zich door een kotter binnenslepen.

Op 24 juni melde het Griekse vrachtschip "Oinoi"(1941 – 2.021 Brt.) op 82 mijl ten Noorden van IJmuiden moeilijkheden. De "Oinoi" had water in de olie-bunkers. Langzaam voer de "Oinoi" naar IJmuiden, van de gasboei af geassisteerd door de "Titan".

Het Noorse vrachtschip "Leknes"(1952 – 1.900 Brt.) kreeg in de nacht van 29 juli 1963 de ketting van de ET-ST boei in haar schroef.

De "Leknes" lag hierdoor vast op de Noordzee. De reder riep de hulp in van Bureau Wijsmuller, met behulp van duikers werd vanaf de "Friesland" de ketting van de boei los gesneden en de schroef van de "Leknes" vrij gemaakt.

De "Titan" escorteerde hierna de "Leknes" naar de haven van Emden – Duitsland, daar de schroef van de "Leknes" beschadigd was.

6 augustus 1963 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de haven van Brest - Frankrijk en werd in het Engelse Kanaal gestationeerd als vervanger van de "Utrecht".

De "Titan" kwam op 29 augustus 1963 in actie, toen de melding was ontvangen dat 12 mijl ten westen van Trevose Head - Engeland, het Britse jacht "Sheila"(1930 – 161 ton) in brand stond.

De "Sheila" werd echter door de Spaanse coaster "Juan Ferrer"(1960 – 682 Brt.) op sleeptouw genomen en naar de haven van Padstow - Engeland gesleept.

Op 3 september 1963 vertrok de "Titan", met een baggermolen op sleeptouw, vanuit Milfordhaven - Engeland naar de haven van Barrow in Furness - Engeland waar de "Titan" op 5 september 1963 arriveerde.

13 september 1963 ging de "Titan" onderweg naar de positie van het vrachtschip "Geestland"(1960 – 1.937 Brt.), die in de Ierse Zee in moeilijkheden was gekomen.

De "Geestland" klaarde het echter zelf.

12 september 1963 was de "Titan" bij de Engelse Kuster "Alacrity"(1940 – 554 Brt.), de "Alacrity" weigerde echter assistentie van de "Titan".

De "Alacrity" strandde en was binnen 24 uur een total-loss.

3 oktober 1963 verzocht de coaster "Maaskade"(1941 – 375 Brt.) in het kanaal van Bristol om assistentie daar de lading bestaande uit machineonderdelen, tijdens zwaar weer, was gaan schuiven.

De "Titan" lag op station te Lands End en bood haar diensten aan.

Op basis van Lloyd's Open Form werd de "Maaskade" door de "Titan" vastgemaakt.

De "Maaskade" werd eerst naar Lundy eiland - Engeland, gesleept. Waar het transport op 4 oktober 1963 arriveerde.
 
En vervolgens werd de "Maaskade", door de "Titan", vanuit Lundy eiland naar de haven van Swansea - Engeland geëscorteerd.

Half oktober 1963 werd door de "Titan" een baggermolen vanuit de haven van Barrow in Furness - Engeland versleept naar Glasgow - Engeland.

In de nacht van 23 oktober 1963 vertrok de "Titan" vanaf het station Lands End naar de Spaanse coaster "Juan Ferrer" die melde op de rotsen te zijn gelopen bij Lands End.

Pas de volgende dag werd de "Juan Ferrer"(1960 – 682 Brt.) gevonden daar deze op een andere positie was gestrand dan was gemeld.

Slechts 4 man konden nog worden gered van het gekapseisde schip. 'Bij het vinden van het wrak bleek dat de "Titan" op slechts 2 mijl van de strandings plaats op station lag'.

De "Titan" werd door de "Groningen" afgelost als stationsboot en versleept eind oktober de baggermolen "PLA.1" vanuit Londen - Engeland naar Vlaardingen.

29 oktober 1963 arriveerde de "Titan" weer in IJmuiden.

Op 8 november voer de "Titan" uit naar de Scheveningse logger "Oceaan 2", die bij Scheveningen in slecht weer in moeilijkheden was, maar door een collega Scheveninger werd geholpen.

Onderweg vanuit IJmuiden naar de positie van de "Oceaan 2" werden, door het slechte weer windkracht 7 uit het West Zuid Westen, bij de "Titan" de ruiten van de brug ingeslagen.

De "Titan" versleepte eind november 1963 een baggermolen vanuit IJmuiden naar Delfzijl.

Begin december 1963 assisteerde de "Titan" het transport van de "Groningen" met de sloop tanker "British Guide"(1951 – 8.778 Brt.) bij aankomst op de Schelde met bestemming Antwerpen - België.

Hierna versleept de "Titan" op 10 december 1963 een drijvende kraan vanuit de Nieuwe Rotterdamse Waterweg naar IJmuiden.

De "Titan" verleende op 20 december 1963 assistentie aan het vrachtschip "Pygmalion" (1938 – 1.824 Brt.), van de KNSM, die op de Noordzee een defect aan het stuurgerei had. de "Pygmalion" werd door de "Titan" IJmuiden binnengesleept.

1964

4 januari 1964 komen in de havenmond van IJmuiden het Liberiaanse vrachtschip "Sil"(1944 – 7.244 Brt.) en het Panamese vrachtschip "Searaven"(1940 – 7.579 Brt.) met elkaar in aanvaring.

De "Sil" strandde aan de voet van de Noorder pier. De "Titan", "Simson" en de "Nestor" slaagden er op 5 januari 1964 in de "Sil" weer vlot te slepen en voor herstel van de opgelopen bodemschade naar Amsterdam te verslepen. Waar de "Sil" werd opgenomen in een droogdok.

De "Titan" arriveerde op 7 januari 1964 vanuit IJmuiden in Schiedam en maakte twee bakken vast en vertrok nog diezelfde dag naar Swanscombe - Engeland.

Begin februari 1964 versleepte de "Titan" een baggermolen vanuit IJmuiden naar Middlesborough - Engeland.

Samen met de "Simson" brengt de "Titan" half februari 1964 de onderlosser "Het Harde" vlot van het stortsel van de nieuwe Zuidpier.

En slepen de "Het Harde" naar de bijleggershaven voor inspectie van eventuele schade.

Midden februari 1964 werd de "Titan", vanuit IJmuiden, in het Engels Kanaal bij Penzance – Engeland gestationeerd.

Vanuit Penzance – Engeland werd uitgevaren naar de bij Par – Cornwall - Engeland gestrande Coaster "Kerksingel"(1960 – 498 Brt.).

De "Kerksingel" kwam echter zonder assistentie vlot.

Daarna zette de "Titan" koers naar een positie op 80 mijl Zuid West van Lands End – Engeland waar de Coaster "Viking"(1948 – 496 Brt.) machine schade had gemeld.

Ook de "Viking" kon zichzelf zonder assistentie klaren.

De Nederlandse Coaster "Jan Brons"(1957 – 487 Brt.) is op 11 maart 1964 bij zware zeegang op de Ardnamult Head - Ierland, ongeveer een mijl ten Noord Oosten van Dunmore East - Ierland, aan de grond gelopen.

De negen bemanningsleden werden door de reddingboot van Dunmore – East – Ierland van boord gehaald.

De kapitein, de stuurman en de machinist zijn later weer aan boord van de "Jan Brons" gegaan.

De "Titan" is naar de positie van de "Jan Brons" uitgevaren, om te proberen het zwaar beschadigde schip vlot te trekken.

De "Jan Brons" was in ballast onderweg vanuit de haven van Londonderry – Noord Ierland naar Waterford – Ierland.

Na inspectie van de strandings plaats was de conclusie van de bergings inspecteurs en de kapitein van de "Titan", dat de "Jan Brons" als verloren moest worden beschouwd.

Midden maart 1964 sloot de "Titan" een contract op basis Lloyd's Open form met het Spaanse vrachtschip "José Tartiere"(1920 – 2.325 Brt.), die machineschade meldde.

De "José Tartiere" werd door de "Titan" naar Milford Haven - Engeland geëscorteerd.

Nadat de haven van Brest - Frankrijk was aangedaan voor bunkers, vertrok de "Titan" naar de Belgische trawler "Victoire Roger", die gestrand was op de rotsen bij Longships iets ten Westen van Lands End – Engeland.

De "Victoire Roger" bleek niet meer te bergen.

10 april 1964 kwam de "Titan" in actie voor de Nederlandse Coaster "Lucy"(1964 – 459 Brt.), die met machine problemen lag te drijven op 25 mijl ten Oosten van Startpoint – Engeland.

De "Lucy" werd door de eerder aangekomen sleepboot "Schelde" van Smit & Co. vastgemaakt.

Hierop zette de "Titan" koers naar de positie van het Nederlandse vrachtschip van de KNSM "Ares"(1959 – 5.711 Brt.) die broei in een lading vismeel had.
De "Ares" kon echter de haven van Plymouth – Engeland bereiken waar de brandweer de inmiddels ontstane brand bluste.

De "Titan" werd half april 1964 afgelost door de "Gelderland" op het station Land's End – Engeland.

Nadat de "Titan" was afgelost door de "Gelderland", zette de "Titan" koers naar de haven van Hole Haven - Engeland. Waar op 20 april 1964 door de "Titan" een coaster werd vastgemaakt met bestemming Rotterdam.

Op 21 april 1964 arriveerde de "Titan" weer in IJmuiden nadat ze een Coaster had afgeleverd in de haven van Rotterdam.

Vanuit IJmuiden zette de "Titan" op 1 mei 1964 koers naar de positie van de kotter "WR. 6 Pieter Albert" die water maakte ter hoogte van Texel.
De "WR. 6 Pieter Albert" zonk echter voordat de "Titan" haar bereikte.

12 mei 1964 vertrok de "Titan" met de lepelbaggermolen "Kala Nag" en de onderlosser "Jean" vanuit IJmuiden naar Le Havre – Frankrijk.

Op 15 mei 1964 leverde de "Titan" de lepelbaggermolen "Kala Nag" en de onderlosser "Jean", vanuit IJmuiden, af in de haven van Le Havre – Frankrijk.

Vervolgens vertrok de "Titan" vanuit Le Havre - Frankrijk naar Zeebrugge - België, van waaruit de "Titan" op 16 mei 1964 vertrok met een baggermolen en twee bakken op sleeptouw naar Galway - Ierland.

De "Titan" arriveerde op 24 mei 1964 met een baggermolen en twee bakken op sleeptouw afkomstig uit Zeebrugge – België in de haven van Galway - Ierland.

Op 27 mei 1964 arriveerde de "Titan" vanuit de haven van Galway - Ierland in Nantes - Frankrijk.

30 mei 1964 arriveerde de "Titan" vanuit de haven van Nantes – Frankrijk in Southampton – Engeland met een Coaster op sleeptouw.

Vanuit de haven van Southampton – Engeland, vertrok de "Titan" naar de haven van Greenock – Engeland om daar een baggermolen vast te maken voor een sleepreis naar Milfordhaven – Engeland.

7 juni 1964 arriveerde de "Titan" in de haven van Milfordhaven – Engeland met een baggermolen op sleeptouw vanuit Greenock – Engeland.

Na aflevering van een baggermolen in de haven van Milfordhaven – Engeland vertrok de "Titan" naar Dublin – Ierland.

In de haven van Dublin – Ierland maakte de "Titan" 2 loodsboten vast met bestemming Rotterdam.

17 juni 1964 werd de "Titan" in de haven van Rouen – Frankrijk verwacht.

In de haven van Rouen - Frankrijk maakte de "Titan" vier bakken (twee op elkaar) vast die vanuit Rouen - Frankrijk, naar Warri in Nigeria moeten worden versleept.

22 juli 1964 worden vier bakken (twee op elkaar) door de "Titan" afgeleverd in de haven van Warri - Nigeria.

Vanuit Warri - Nigeria vertrok de "Titan" naar Las Palmas op Teneriffe waar een landingsvaartuig "Grosvenor" werd vastgemaakt met bestemming Southampton - Engeland.

Met het landingsvaartuig "Grosvenor" op sleeptouw arriveerde de "Titan" op 17 augustus 1964 in de haven van Southampton – Engeland.

Na aflevering van haar sleep zette de "Titan" koers naar IJmuiden.

Vanuit IJmuiden vertrok de "Titan" met een zuiger op sleeptouw naar Rotterdam.

Op 22 augustus 1964 arriveerde de "Titan", met een zuiger op sleeptouw in de haven van Rotterdam.

4 September 1964 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Harlingen om bij de Scheepswerf Welgelegen een onderhoudsbeurt te ondergaan.

Half oktober 1964 kwam de "Titan" weer terug in IJmuiden na een dokbeurt bij de Scheepswerf "Welgelegen" te Harlingen.

De "Titan" verleende op 4 november 1964, op basis van Lloyds Open Form, assistentie aan de kustvaarder "Democraat"(1930 – 198 Brt.), die machineschade had bij "Noordhinder" lichtschip.

De "Titan" sleepte de "Democraat" naar Rotterdam.

Dit was de tweede keer dat de "Titan" de "Democraat" vast maakte. Want op zondag 21 mei 1961 hing de "Democraat" ook al achter de "Titan", toen met slagzij.

De "Titan" voer op 15 november 1964 uit voor het zendschip "Norderney" – Radio Veronica - dat ter hoogte van Scheveningen was losgeslagen van haar anker.

De "Norderney" werd vastgemaakt door de "Titan" en uit de kust weggesleept.

Op 16 november 1964 neemt de "Hector" in een Wester storm, windkracht 7, op de Noordzee het zendschip "Norderney" over van de "Titan".

De "Titan" vertrok op 4 december 1964 vanuit IJmuiden naar de positie van de "Capetan Andreas"(1929 – 2.822 Brt.) die 40 mijl ten Oosten van Humber - Engeland in moeilijkheden verkeerde.

De "Capetan Andreas" slaagde er echter in om op eigen kracht een haven te bereiken.

6 december 1964 strandde de Coaster "Teunika"(1936 – 199 Brt.) nabij Callantsoog.

Nadat de lading porseleinaarde was gelost heeft de "Titan" op 17 december 1964 een eerste poging gedaan om het schip vlot te brengen.

Op 18 december 1964 lukt het de "Titan" om de "Teunika" vlot te brengen.

De "Nestor" nam de "Teunika" over van de "Titan" en leverde deze nog diezelfde dag af in Rotterdam.

Zaterdag 12 december 1964 kwam de Nederlandse kustvaarder "Willi Böhmer"(1957 – 974 Brt.) met windkracht 8 op eigen risico de pieren van IJmuiden binnen.

Door een machine defect werd de "Willi Böhmer" door de storm op de Noorderpier gedrukt.

De "Titan", "Nestor" en "Hector" wisten de "Willi Böhmer" 's avonds weer vlot te brengen.

Op zondagmorgen 13 december 1964 wilde het Engelse vrachtschip "Yewcroft"(1946 – 945 Brt.) op eigen risico, ondanks het slechte weer, naar binnen komen in IJmuiden.

Op het moment dat de "Yewcroft" tussen de Pieren kwam brak de schroefas.

De Kapitein van de "Yewcroft" liet direct beide ankers vallen. En de "Titan" en "Hector" maakten vast.

Maar tijdens het slepen braken de trossen en werd de "Yewcroft" op precies de zelfde plaats van de Noorderpier gezet als de "Willi Böhmer" een dag eerder zat.
 
De "Neeltje Jacoba" haalde onder uiterst moeilijke omstandigheden in 5 runs 7 bemanningsleden van boord. Vier bemanningsleden en de loods bleven aan boord.

De "Titan" bracht met behulp van een raket een lijn over en wist weer vast te maken op de "Yewcroft".

En een kwartier later slaagde de "Titan" er in de "Yewcroft" weer vlot te brengen.

Op 27 december 1964 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de positie van de Deense Coaster "Minni Basse"(1960 – 299 Brt.). Die op 100 mijl ten Noorden van IJmuiden kampte met machineschade en een defect aan de radio.

De "Minni Basse" werd echter vastgemaakt door de "Holland" van Rederij Doeksen waarop de "Titan" weer koers zette naar IJmuiden.

1965

De "Titan" verleende op 2 januari 1965 hulp aan de kustvaarder "Start"(1937 – 332 Brt.), die op de Noordzee machineschade had opgelopen.

De "Titan" brengt de "start" naar IJmuiden op basis van L.O.F.

De "Titan" verleende op 22 januari 1965 hulp aan het Pakistaanse passagiers scheepje "Zohra", dat - onderweg van Duitsland naar Chittagong — op de Noordzee een defect aan het stuurgerei had opgelopen.

De "Zohra" werd door de "Titan" naar IJmuiden gesleept.

De "Titan" zette 3 februari 1965 koers naar de positie, ter hoogte van Hoek van Holland, van de Belgische kotter "Madeleine Henriette". De "Madeleine Henriette" zonk voordat de "Titan" arriveerde bij de kotter.

Ook aan de Nederlandse coaster "Catharina F"(1953 – 338 Brt.), die was gestrand ter hoogte van Schoorl, werd door de "Titan" op 4 februari 1965 assistentie aan geboden, maar de de "Catharina F" accepteerde andere hulp.

Verder vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden voor assistentie aan de Nederlandse Coaster "Peter"(1957 – 500 Brt.), maar de "Peter" overwon de moeilijkheden zelf.

Op 13 en 14 februari 1965 waren de "Titan" en de "Hector" tijdens een storm van windkracht 8 tot 10, uit het Westen, uitgevaren om, op basis Lloyd's Open Form, bijstand te verlenen aan het Liberiaanse vrachtschip "Calliope"(1943 – 7.208 Brt.) ter hoogte van IJmuiden.

De "Calliope" slaagde er uiteindelijk in om zelf vrij van de kust te komen en had verder geen sleepboothulp nodig.

23 februari 1965 meldde de Duitse Coaster "Aphaia"(1954 – 398 Brt.) brand in de machinekamer.

De "Titan" en "Hector" vertrokken vanuit IJmuiden naar de positie van de "Aphaia".

Om 11.00 uur begon men met de bestrijding van de brand en om 16.00 uur was men de brandmeester. En werd begonnen met het leegpompen van de machinekamer.

In IJmuiden werd het stoffelijk overschot van de assistent machinist van de "Aphaia" geborgen die bij de brand was omgekomen.

Op 2 maart 1965 kwam de "Titan" in actie bij de Katwijkse kotter "KW. 222 Maarten Cornelis" die na een aanvaring, op 30 mijl ten Noord Westen van IJmuiden 's avonds om 19.00 uur, met de Duitse auto carrier "agenor"(1964 – 491 Brt.) geladen met 52 auto's zinkende was op de Noordzee.

De "KW. 222 Maarten Cornelis" kon op 3 maart om 8.00 uur door de "Titan" IJmuiden worden binnen gesleept.

De "Titan" voer op 7 mei 1965 uit naar de Nederlandse coaster "Arvo"(1930 – 199 Brt.), die ten zuiden van Zandvoort was gestrand.

De "Arvo" kon diezelfde dag worden vlot gebracht en in Rotterdam afgeleverd.

Op 23 juli 1965 vroeg de Duitse coaster "Armin" op ongeveer 30 mijl ten Westen van IJmuiden wegens machine problemen om assistentie.

De "Noord Holland" was op dat moment bezig met een proefvaart en zette koers naar de door de "Armin" opgegeven positie.

Vanuit IJmuiden zette ook de "Titan" koers naar de positie van de "Armin".

En vanuit Hoek van Holland vertrok de "Schouwenbank" van Smit & Co. naar de "Armin".

De "Armin" bleek echter 6 mijl Noordelijker te drijven dan was opgegeven door de kapitein van de "Armin".

De "Schouwenbank" van Smit & Co. was eerder bij de "Armin" en wist deze vast te maken.

En op 24 juli 1965 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de gekapseisde kotter "KW. 219 Jacomina". Deze zonk echter op 6 mijl Noord West van IJmuiden voordat een sleepverbinding tot stand kon worden gebracht.

6 augustus 1965 kreeg het Griekse vrachtschip "Evangelos"(1950 – 2494 Brt.) vlak voor de havenmond van IJmuiden machine problemen. Waardoor het midden in de vaarroute voor anker moest gaan. De "Titan" en de "Stentor" maakten de "Evangelos" vast en brachten haar naar binnen.

In de nacht van 15 op 16 augustus 1965 voer de "Titan" uit naar de Amerikaanse "Transglobe"(1945 – 7.601 Brt.), die op de Noordzee ter hoogte van Den Helder in aanvaring was geweest met de Amerikaanse "Blue Jacket"(1943 – 6.180 Brt.).

De "Transglobe" liep een groot gat in ruim 2 en 3 op, waardoor deze vol water kwamen te slaan. Begeleid door de "Titan" bereikte de "Transglobe" met slagzij IJmuiden, waar het schip in de Bijleggershaven voor anker werd gebracht.

Bureau Wijsmuller kreeg de opdracht om het grote gat met behulp van een Patch te dichten.

De "Titan" verleende op 28 augustus 1965 assistentie aan de Wieringer kotter "WR. 51 Stella Maris", die voor de IJmuidense havenmond was aangevaren door de Duitse ertstanker "Gertrud Fritzen"(1955 – 16.785 Brt.), de aan stuurboordzijde zwaar beschadigde kotter werd door de "Titan" IJmuiden binnengesleept.

Vanaf eind augustus tot begin september 1965 is de "Titan" ingezet geweest bij het transport van het booreiland  "Endeavour" door de "Utrecht"  en de "Noord Holland" op de Noordzee.

De kotter "KW. 194 Eben Haezer" meldde op 6 september 1965 dat zij lekkage had in de machinekamer.

De "Titan" vertrok, voor assistentie, vanuit IJmuiden naar de positie van de "KW. 194 Eben Haezer".

De "KW. 194 Eben Haezer" slaagde er in om geëscorteerd door de "Titan" IJmuiden te bereiken waarna de "Titan" de machinekamer droog pompte en het gat provisorisch dichte.

Op 21 september 1965 heeft de "Titan" op de Noordzee de kotter "IJM. 32 Meron II", die met machine schade kampte vastgemaakt en IJmuiden binnen gesleept.

De "Titan" verleende op l en 2 oktober 1965 assistentie aan de Deense kustvaarder "Northwind"(1964 – 299 Brt.), die met machineschade ter hoogte van Texel ronddreef.

De "Northwind" werd door de "Titan" naar Cuxhaven - Duitsland, gesleept.

Tijdens zeer dichte mist strandde op 7 oktober 1965 de kotter "IJM. 45 De Hoop I" op het onderwaterlichaam van de nieuwe Zuidpier van IJmuiden.

De "Titan" bracht samen met de de "Cornelis Willem"de "IJM. 45 De Hoop I" weer vlot.

Half oktober 1965 versleepte de "Titan" een baggermolen en een bak vanuit Middlesborough - Engeland naar Rotterdam.

Op 19 oktober 1965 leverde de "Titan" een baggermolen en de bak af in Vlaardingen.

Op 26 oktober 1965 zette de "Titan" koers naar naar de Franse trawler "Henri Antazin", die bij Great Yarmouth - Engeland, was gestrand.

Een vergeefse reis de "Henri Antazin" kwam op eigen kracht vlot.

Op 29 oktober vertrok de "Titan", vanuit IJmuiden, naar de positie van de Duitse kusttanker "Editha"(1925 – 523 Brt.) die 120 mijl Noord Noord West van IJmuiden zinkende was.

De "Titan" maakte de "Editha", die alleen met het achterschip nog boven water uitstak, vast, maar de "Editha" zonk op 30 oktober op de positie van 54.16 Noord en 3.46 Oost.

In de avond van 30 oktober 1965 was de "Titan" bij Den Helder in actie, waar op de Noorderhaaksgronden de Duitse kustvaarder "Friesenland"(1937 - 279 ton) was gestrand.

De strandings plaats was echter onbereikbaar voor sleep- en reddingboten.
 
De "Friesenland" sloeg in het stormweer tot wrak. Hierbij kwamen drie van de zes Duitse opvarenden om het leven.

Op l november werd de door de "Titan" aangeboden hulp, op basis Lloyd's Open Form, geaccepteerd door het Russische visserijmoederschip "Istra", dat op 90 mijl Noord West van IJmuiden sleepboot assistentie had gevraagd.

Na een zware tocht in de Noord Wester storm met windkracht 10, waarbij 1e stuurman C. van Hoorn en marconist H. van Putten door een ingeslagen ruit van de brug gewond raakten, kwam de "Titan" in de vroege ochtend van 2 november ter plaatse.

Verdere hulp werd toen afgeslagen. Geëscorteerd door een ander Russisch vissersvaartuig ging de "Istra" in de loop van de dag onderweg. En zette de "Titan" weer koers naar IJmuiden waar de gewonden naar het ziekenhuis moesten.

Op 3 november 1965 vertrok de "Titan" weer vanuit IJmuiden naar zee, nu naar de Duitse kustvaarder "Christine"(1961 – 249 Brt.), die ter hoogte van Den Helder zware slagzij had gemeld en bijstand van schepen had gevraagd.

De "Christine" bereikte op eigen kracht IJmuiden, geëscorteerd door de "Titan".

21 november 1965 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van het Engelse vrachtschip "David Pollock"(1954 – 3.332 Brt.) die met machineschade voor anker lag nabij Great Yarmouth - Engeland aan de Engelse Oostkust.

Tijdens een storm windkracht 9 werd vastgemaakt en de "David Pollock" in Harwich - Engeland afgeleverd.

De "Titan" vertrok op 24 november 1965 naar zee voor de Russische "Kara"(1936 – 2.325 Brt.), die bij de Baloeran-boei moeilijkheden had in stormweer, maar zichzelf klaarde.
 
De "Titan" ging diezelfde dag weer naar zee voor de Liberiaanse "Santa Kyriaki"(1945 – 2.958 Brt.), die - in ballast varend — te dicht onder de kust was gekomen in stormweer.

De tot twee maal toe aangeboden sleepboot-assistentie werd door de gezagvoerder geweigerd. De "Santa Kyriaki" strandde diezelfde dag op ongeveer 2 km ten zuiden van de Zuiderpier.

– De "Santa Kyriaki" was als "Maria Luisa" in februari 1957 al eens een job geweest van de "Cycloop" -

Op 26 november 1965 ging de "Titan" onderweg naar de Duitse kustvaarder "Markab"(1953 – 356 Brt.) bij Texel, die machineschade meldde.

De "Markab" werd door een Helderse trawler naar Den Helder gesleept.

Het Britse vrachtschip "Newlane"(1942 – 7.012 Brt.) accepteerde op 30 november 1965 de hulp van de "Titan" op basis Lloyd's Open Form.

De "Newlane" kampte op 10 mijl Zuid West van het lichtschip "Texel", tijdens een West Noord Wester storm windkracht 8, met roer problemen.

Later klaarde de "Newlane" het weer. Geëscorteerd door de inmiddels ook ter plaatse gekomen "Noord-Holland" werd door de "Newlane" koers gezet naar de rede van Vlissingen.

Op 9, 10 en 11 december 1965 was de "Titan" bij het transport van de "Noord-Holland", met baggermateriaal onderweg vanuit Emden - Duitsland, naar Koeweit.

 In een West Noord Wester storm windkracht 8 ter hoogte van Terschelling nam de "Titan" van de "Noord-Holland"een bak over om deze binnen te brengen in IJmuiden.
 
Bij het binnenslepen van deze bak in de haven van IJmuiden ontstond in het logies van de bak een explosie bij de propaangasinstallatie.

Twee runners raakten gewond en moesten in een ziekenhuis worden opgenomen.

Op 15 en 16 december 1965 begon de "Titan" met voorbereidingen van de berging van het gestrande vissersschip "HD.161 Catharina" ter hoogte van Julianadorp.

De "Titan" werd na 16 december vervangen door de "Simson".

Eind december was de "Titan" enkele malen in actie voor de berging van de "Santa Kyriaki" bij IJmuiden.

De "Titan" vertrok op 27 december 1965 samen met de "Groningen", met de tanker "Bergehus"(1955 – 20.449 Brt.) op sleeptouw, vanuit Isle of Grain – Thames - Engeland naar Rotterdam.

28 december 1965 arriveerden de "Titan" en de "Groningen" met de tanker "Bergehus" op sleeptouw in de haven van Rotterdam.

1966

Begin januari 1966 zette de "Titan" vanuit IJmuiden, voor assistentie, koers naar de positie van het Israëlische vrachtschip "Devora"(1965 – 2.304 Brt.) die nabij lichtschip "Texel" om assistentie had verzocht. Later melde de "Devora" dat ze zelf haar reis kon vervolgen.

Op 12 januari 1966 ontstond aan boord van het vissersschip "KW. 12 Andre" brand in het stuurhuis. De "Titan" zette vanuit IJmuiden koers naar de positie van de "KW. 12 Andre".

De "KW. 12 Andre" werd echter door de "KW. 210 En Avant" op sleeptouw genomen.

Op 16 januari 1966 werd door de "Titan" assistentie aangeboden aan de coaster "Start"(meerdere "Start" coasters) die gestrand was ter hoogte van Haisborough – Engeland.

De "Start" slaagde er echter in om op eigen kracht vlot te komen.

De "Start" bleek echter machineschade te hebben en werd door de "Octopus " op basis van Lloyd's Open Form naar de haven van Great Yarmouth - Engeland gesleept.

19 januari 1966 brak tijdens een zware storm het anker van het zendschip van Radio Caroline South de "Mi Amigo".

De uitkijk op de brug van de "Mi Amigo" had niets gemerkt. Rond middernacht merkte Walton Coastguard - Engeland, dat de "Mi Amigo" aan het driften was en probeerde contact te krijgen met de "Mi Amigo".

De bemanning was echter aan het TV kijken en merkte niets van de drift. Ook North Foreland Radio kon geen contact krijgen met het radioschip. De sleepboot "Kent" voer uit, en ook het tenderschip "Offshore I".

De "Kent" kon niet bij het radioschip komen, en hoewel de "Offshore I" dicht bij het schip kwam was men te laat om een stranding op het strand van Frinton on Sea - Engeland, te voorkomen.

De "Mi Amigo" strandde tussen twee strekdammen op een stuk strand dat net groot genoeg was voor het radioschip.
 
De reddingsboot van Walton – Engeland kon niet bij de "Mi Amigo" komen, de kustwacht heeft met touwen de Engelse DJ's van boord gehaald. De Nederlandse bemanning bleef met
de kapitein aan boord.
 
Bij daglicht kon men vaststellen hoe gelukkig de "Mi Amigo" en haar opvarenden waren geweest, gestrand tussen twee strekdammen waar net ruimte genoeg was voor het schip!

De volgende dag bij hoog water probeerde de "Titan" het radioschip van het strand te trekken, pas na herhaalde pogingen lukte het de de "Titan" om de "Mi Amigo", op 21 januari 1966, los te trekken van het strand van Frinton on Sea – Engeland.

Na een inspectie op lekken ging de "Mi Amigo" onder escorte van de "Titan" op eigen kracht richting Nederland om een scheepswerf in Zaandam te bezoeken.

5 februari 1966 strandde het Duitse vrachtschip "Willi Huber"(1956 – 2.467 Brt.) bij ongunstige weersomstandigheden op de Zuidelijke strekdam van het forteiland.
Assistentie, op basis van Lloyds Open Form, werd door de "Willi Huber" geaccepteerd waarop de "Titan" en de "Simson" haar nog dezelfde avond vlot konden brengen.

Na duikonderzoek van de bodem werd zoveel schade vastgesteld dat de "Willi Huber" naar de A.D.M. werd gesleept voor herstel.

8 maart 1966 werd de "Santa Kyriaki"(1945 – 2.958 Brt.) door de "Titan" en "Simson" vlot gebracht van het IJmuider strand. Dit na een berging van ruim 3 maanden. De "Santa Kyriaki" strandde op 24 november 1965 op het strand bij IJmuiden.

De "Titan" vertrok op 18 maart 1966 vanuit IJmuiden naar de positie van de "Nestor", ten Noorden van de waddeneilanden, om mee te zoeken naar de runners van de baggermolen "Tiger", die plotseling terwijl ze gesleept werd door de "Nestor" gezonken was.

Op 24 maart 1966 vond er aan boord van de Nederlandse coaster "Triton"(1950 – 399 Brt.) een explosie plaats, in het achterschip, op 7 mijl ten Zuiden van lichtschip "Texel".

De "Titan" zette vanuit IJmuiden koers naar de positie van de "Triton".

De "Simson" nam in IJmuiden pompen en bergingsmateriaal aan boord en vertrok ook naar de positie van de "Triton".

De "Titan" maakte de "Triton" vast en begon de "Triton" zo snel mogelijk naar IJmuiden te slepen omdat de "Triton" water maakte in het achterschip.

De "Simson" slaagde er, ondanks de bijzonder slechte weersomstandigheden windkracht 7 tot 8 uit het Noord Westen, in om pompen over te zetten.

De "Triton" werd uiteindelijk naar de Bijleggershaven gesleept en daar geheel droog gepompt. Na het dichten van een scheur in het achterschip werd de "Triton" versleept naar de A.D.M. Te Amsterdam.

Het Noorse vrachtschip "Bretagne"(1966 – 1.340 Brt.) kwam in de vroege morgen van 28 maart 1966 ter hoogte van IJmuiden in de problemen, door lekkage kreeg de  "Bretagne" meer dan 20° slagzij.

De "Titan" maakte de "Bretagne" op 3 mijl van IJmuiden vast en sleepte deze naar de bergingshaven van IJmuiden waar de "Bretagne" met 45° slagzij aan de grond werd gezet.

Ondanks inzet van veel materiaal kon niet worden voorkomen dat de "Bretagne" verder kapseisde.

Nog dezelfde dag, 28 maart 1966, verzocht, om zeven uur in de morgen, de Deense Kuster "Ulla Degn"(184 Brt.) om assistentie, ter hoogte van lichtschip "Texel", omdat er een lek was ontstaan in de machinekamer.

De "Titan" die net de "Bretagne" had afgeleverd in de bergingshaven van IJmuiden zette om half tien meteen weer koers naar de positie van de "Ulla Degn" en wist deze IJmuiden binnen te slepen.

Wederom op 28 maart 1966 zette de "Titan" om 15.00 uur koers naar de positie van de Coaster "Kaap Falga"(1957 – 500 Brt.), die op 10 mijl van IJmuiden kampte met machineproblemen.

Ook de "Kaap Falga" werd door de "Titan" vast gemaakt en op 28 maart IJmuiden binnen gebracht.

Op 31 maart 1966 verleende de "Titan", op basis van L.O.F., hulp aan het Oost Duitse vrachtschip "Sirrah"(1960 – 617 Brt.) die slagzij bij Texel had opgelopen. De "Titan" escorteerde de "Sirrah" naar de rede van Vlieland.

Op 2 april 1966 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de logger "SCH. 2 Zuiderkruis" die na een aanvaring met de "KW. 201 Tajana" zinkende was.

Assistentie van de "Titan" werd echter niet geaccepteerd.

27 april 1966 werd de Noorse tanker "Gunnar Knudsen"(1954 – 11.023 Brt.) die, na een aanvaring met de Liberiaanse tanker "Ossa"(1956 - 23.232 Brt.) op de Noordzee, een groot gat had opgelopen aan bakboordzij, door de "Titan" en "Nestor", op basis van Lloyds Open Form, vast gemaakt.

Nadat een deel van de lading gasolie, op zee, was overgepompt werd de "Gunnar Knudsen" nog dezelfde dag IJmuiden binnengebracht.

In de nacht van 4 op 5 mei 1966 strandde de Duitse "Monica"(geen gegevens) op de Razende Bol in de Haaksgronden.

Vanaf 5 mei 1966 is de "Titan" bezig met de berging van de "Monica".

Op 9 mei 1966 werd ook de "Simson" ingezet bij de berging. uiteindelijk werd op 11 mei 1966 de "Monica" vlot gebracht. En naar IJmuiden gesleept.

Op ruim 20 mijl ten westen van IJmuiden kwamen op 18 mei 1966 de Coasters "Arvo"(1930 – 199 Brt.) en "Maas"(1935 – 197 Brt.) met elkaar in aanvaring.

De "Maas" liep bij de aanvaring een gat op in de machinekamer en begon water te maken. De "Arvo" wist de "Maas" naar IJmuiden te slepen en bij een ondiepe plek bij de de Zuidpier werd de "Maas" door de "Titan" en de "Nestor" leeggepompt en verder naar IJmuiden versleept waar het gat provisorisch werd gedicht.

Door de "Titan" werd in de tweede helft van mei 1966 de Duitse "Sirrah"(1960 -617 Brt.), met machineschade, op 21 mijl West van IJmuiden vastgemaakt en naar IJmuiden gesleept.

De "Titan" vertrok op 28 mei 1966 vanuit IJmuiden naar de positie van de Nederlandse kustvaarder "Victress"(1963 - 399 Brt).

Die op 50 mijl ten Zuid Westen van IJmuiden machineschade had opgelopen.

De "Victress" werd op 29 mei 1966 door de "Titan" IJmuiden binnengebracht.

Half juni 1966 bezorgde de "Titan" proviand en voorraden bij de "Jacob van Heemskerck" en de "Noord Holland" die met het booreiland de "Ocean Traveller" onderweg waren vanuit New Orleans - Verenigde Staten, naar Stavanger - Noorwegen.

De "Titan" bezette vanaf half juni 1966 tot begin juli 1966 het station Penzance – Lands End – Engeland.

Begin juli 1966 zette de "Titan" vanuit het station Penzance – Lands End – Engeland weer koers naar IJmuiden waar de "Titan" op 6 juli 1966 weer arriveerde.

Half juli vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Noorse tanker "Mosli"(1964 – 34.179 Brt.).

De "Mosli" had bij de Portugese Zuid West kust een aanvaring gehad met de Griekse tanker "Marietta Nomikos"(1954 – 11.577 Brt.) waarna de "Mosli" in brand vloog en door de bemanning was verlaten.

Samen met de Portugese sleepboot "Praia da Adraga" de Noorse sleepboot "Hercules" en de "Hector" werd de "Mosli", geladen met 52.000 ton olie, naar Gibraltar gesleept, waar het transport in de nacht van 22 op 23 juli 1966 aankwam.

Nadat de "Mosli" was afgeleverd in Gibraltar zette de "Titan" weer koers naar IJmuiden waar de "Titan" op 30 juli weer arriveerde.

In de eerste helft van augustus 1966 maakt de "Titan" ter hoogte van IJmuiden het Finse vrachtschip "Lonsi"(1947 – 1.860 Brt.), die kampte met machineschade, vast en sleepte de "Lonsi" naar IJmuiden.

14 augustus 1966 zette de "Titan" koers naar de positie van de Duitse Coaster "Tim S."(1957 – 295 Brt.), die op de Noordzee kampte met een slagzij van 35°.

De "Tim S." slaagde er echter in om, ondanks windkracht 8, op eigen kracht IJmuiden binnen te lopen.

De "Titan" versleepte half september 1966 de onderzeebootjager "Hr. Ms. Groningen" vanuit Vlissingen naar Den Helder.

In de tweede helft van september 1966 werd door de "Titan" de drijvende kraan "Agir 10" vanuit Vlaardingen naar Bilbao - Spanje, versleept.

Na aflevering van de "Agir 10" in de haven van Bilbao - Spanje, vertrok de "Titan" naar het station van Lands End – Engeland.

De "Titan" maakte op 28 september 1966 het Britse stoomjacht "Norian"(1910) vast, dat met machineschade, op de positie 50.02 Noord en 4.28 West, in het Engels Kanaal dreef.

Het jacht, eigendom van een Amerikaanse verzamelaar van stoomjachten werd naar de haven van Plymouth - Engeland, gesleept.

Vanuit de haven van Plymouth – Engeland versleepte de "Titan", begin oktober 1966 de Coaster "Meeuw"(1936 – 352 Brt.) naar Terneuzen.

Waar de "Meeuw" op 5 oktober 1966 door de "Titan" werd afgeleverd.

Half oktober 1966 werd de "Titan" bij Lands End afgelost door de "Gelderland" en zette weer koers naar IJmuiden.

In de tweede helft van oktober 1966 versleepte de "Titan" het marinevaartuig "Hr. Ms Tromp" vanuit Amsterdam naar Den Helder.

11 november 1966 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Deense coaster "Thornlund"(geen gegevens) die met machineschade 30 mijl ten Westen van IJmuiden dreef, maar zichzelf klaarde en geen assistentie meer nodig had.

De "Titan" voer op 12 december 1966 uit naar de Britse coaster "Dorita"(1920 - 201 Brt), die zinkende was op 45 mijl ten westen van Hoek van Holland.

De coaster zonk op de positie 52.06 Noord en 3.00 Oost voordat hulp ter plaatse was.

De bemanning van 4 koppen werd door het Duitse vrachtschip "Friesland"(1965 – 1.083 Brt.) uit de reddingsvlotten opgepikt.

In de avond van 12 december 1966 maakte de "Titan" de Duitse kustvaarder "Heinrich Hausschildt"(1959 - 425 Brt) op 45 mijl Zuidwest van Hoek van Holland vast.

De "Heinrich Hausschildt" had machineschade. In de ochtend van 13 december 1966 arriveerde de "Titan" met de "Heinrich Hausschildt" op de Nieuwe Waterweg.

Op 13 december zette de "Titan" koers naar de positie van de Noorse tanker  "John.Stove"(12957 – 13.718 Brt.) die op 60 mijl Noord Noord West van IJmuiden haar schroef had verloren.
Een vergeefse reis de "John.Stove" accepteerde Duitse assistentie.

De "Titan" maakte op 14 december 1966 op 10 mijl Zuidwest van IJmuiden de Deense coaster "Hans Priess"(1963 - 299 Brt) vast, die met machineschade had te kampen.

De "Hans Priess" werd door de "Titan" IJmuiden binnengesleept op basis van Lloyd's Open Form.

Op 19 december 1966 voer de "Titan" uit naar de Noorse Coaster "Silco"(1966 - 295 Brt) die op de Noordzee slagzij had opgelopen.

De "Silco" werd door de "Titan" naar de rede van Great Yarmouth - Engeland geëscorteerd.

De Coaster "Luja"(1931 – 315 Brt.) werd door de "Titan" wegens machineschade vanaf een positie 7 mijl West van IJmuiden. Naar IJmuiden gesleept wegens machineschade.

Eind december 1966 versleepte de "Titan" een ponton vanuit IJmuiden naar de Nieuwe Rotterdamse Waterweg.

1967

4 januari 1967 werd het Indonesische vrachtschip "Djajadwitya"(1943 – 5.108 Brt.), die kampte met ketelschade, door de "Titan" en de "Simson" buitengaats vastgemaakt en naar de Noordersluis gesleept.

Begin januari 1967 versleept de "Titan" een baggermolen en een bak vanuit IJmuiden naar Leith - Engeland.

De "Titan" arriveerde, met haar sleep, op 9 januari 1967 in de haven van Leith - Engeland.

In de haven van Santander - Spanje werd de walvisjager "Robert W. Vinke"(1960 – 650 Brt.), die daar half oktober 1966 door de "Willem Barendsz" was afgeleverd, door de "Noord Holland" vastgemaakt voor de verdere sleepreis naar Rotterdam.

In het Engels Kanaal werd de "Robert W. Vinke" door de "Noord Holland" overgegeven aan de "Titan".

De "Titan" leverde de "Robert W. Vinke" eind januari 1967 af in de haven van Rotterdam.

24 februari 1967 vertrok de "Utrecht" vanuit IJmuiden met het hefeiland "Rio Parana" op sleeptouw naar Buenos Aires – Brazilië.

De "Rio Parana" werd door de "Titan", "Simson" en Stentor aan gevlet bij de "Utrecht".

De "Titan" versleepte in de laatste week van februari 1967 het Nederlandse vrachtschip "Cheetah"(1960 – 930 Brt.) vanuit Harwich - Engeland naar Vlissingen.

Vervolgens twee bakken vanuit Vlaardingen naar Gravesend - Engeland, aankomst in de haven van Gravensend - Engeland 2 maart 1967.

Vanuit Gravesend – Engeland vertrok de "Titan" weer met twee bakken op sleeptouw naar Vlaardingen.

Op 4 maart 1967 vertrok de "Titan" wederom met twee bakken op sleeptouw vanuit Vlaardingen naar Gravesend - Engeland.

Op 18 maart 1967 strandde de Liberiaanse tanker "Torrey Canyon"(1959 – 61.263 Brt.) met 119.328 ton ruwe olie als lading op de Seven Stones nabij Lands End – Engeland.

De "Utrecht" bood een contract aan en ging onderweg naar de Seven Stones bij Lands End – Engeland. De "Utrecht" werd op basis Lloyd's Open Form, No Cure No Pay, geaccepteerd.

De "Titan" en de "Stentor" vertrekken vanuit IJmuiden met extra bergings materiaal naar de positie van de "Torrey Canyon".

En ook de Portugese sleepboot "Praia da Adraga" werd naar de strandings plaats gedirigeerd.

Op 21 maart 1967 waren de "Utrecht", "Titan", "Stentor" en de "Praia da Adraga" er in geslaagd om de "Torrey Canyon" weer recht te krijgen en was het wachten tot het springvloed kwam om de tanker vlot te slepen.

Door een explosie aan boord van de "Torrey Canyon" kwam bergings kapitein H.B. Stal om. En ook de situatie van de"Torrey Canyon" verslechterde als gevolg van de explosie.

Onder druk van de Engelse regering moest op 28 maart 1967 de bergingspoging opgegeven worden en werd de "Torrey Canyon" door vliegtuigen van de RAF gebombardeerd, waardoor de "Torrey Canyon" in brand vloog en uitbrandde.
 
Veel bergings materiaal, wat aan boord van de "Torrey Canyon" was geplaatst, ging als gevolg van dit besluit van de Engelse regering verloren.

Begin april 1967 versleepte de "Titan" een zuiger vanuit Vlissingen naar Oostmahorn.

Op 3 april 1967 ging de "Titan" vanuit IJmuiden onderweg naar de baai van Douarnenez ten zuiden van Brest - Frankrijk.

Daar werd door de "Titan" het Nederlandse vrachtschip "Stentor"(1944 – 2.032 Brt.) van de KNSM, die met machineschade kampte, op 7 april 1967 vastgemaakt.

De "Stentor", werd door de "Titan" naar IJmuiden gesleept, waar het transport op 11 april 1967 arriveerde.

De "Titan" versleepte op 12 april 1967, samen met de "Stentor", het marineschip "Hr. Ms. Tromp" vanuit Schiedam naar de Sloehaven bij Vlissingen.

13 april 1967 werd het hefeiland "Kraanvogel" vanuit IJmuiden naar de Maashaven in Rotterdam versleept door de "Titan", "Simson" en "Hector".

14 april 1967 strandde de Nederlandse Coaster "Irene"(1948 – 357 Brt.) op de Noord Franse kust nabij Gravelines tussen Duinkerken en Boulogne - Frankrijk.

De door de "Titan" aangeboden assistentie werd door de "Irene" geaccepteerd. (geen verdere info over de afloop).

17 april 1967 kwamen op de Noordzee de Liberiaanse tanker "Diane"(1965 – 33.759 Brt.) en het Duitse vrachtschip "Annelis Christophersen"(1951 - 998 Brt.) in dichte mist met elkaar in aanvaring.

De "Diane" vloog onmiddellijk in brand en zond een May-Day uit. De "Nestor", als blusboot, en de "Titan" met een extra hogedrukpomp aan boord vertrokken uit IJmuiden naar de plaats van aanvaring.

Samen met de "Scaldis" en  "George Letzer" uit België en de "Maasbank" en  "Schouwenbank" uit Rotterdam werd het vuur bestreden en uiteindelijk werd men het vuur meester.

De "Diane" was daarna, hoewel zeer zwaar gehavend, in staat om zelf richting van de werf te varen en af te meren bij de werf van Verolme in Rotterdam.

De tweede helft van april 1967 versleepten de "Titan", "Stentor" en "Hector" het hefeiland "Lepelaar" vanuit IJmuiden naar de Maashaven van Rotterdam.

De "Titan" versleepte op 22 april 1967 de kabelponton "L.M.Odin", van Land & Marine, vanuit IJmuiden naar een positie ter hoogte van Scheveningen.

23 april 1967 werd "Hr. Ms Pellicaan" door de "Hector" en "Titan" versleept vanuit Den Helder naar IJmuiden.

29 april 1967 werd "Hr. Ms Pellicaan" door de "Stentor" en "Titan" versleept vanuit IJmuiden naar Den Helder.

De "Titan" voer op 7 mei 1967 uit naar de positie van de trawler "SCH. 27 Onderneming 2" die lek was geraakt op 300 mijl Noord Noord West van IJmuiden.

De "SCH. 27 Onderneming 2" werd door rederijgenoot "SCH. 135 Cornelia Maria" op sleeptouw genomen.

Onderweg naar IJmuiden kwam de "SCH. 27 Onderneming 2" steeds dieper te liggen.

Op 165 mijl Noord Noord West van IJmuiden nam de "Titan" De "SCH. 27 Onderneming 2" over van de "SCH.  135 Cornelia Maria" en nadat er pompen aan boord waren geplaatst, kon de "SCH. 27 Onderneming 2" op 9 mei 1967 door de "Titan" IJmuiden worden binnengesleept.

Begin mei 1967 versleepte de "Titan" een drijvende kraan vanuit Harlingen naar de haven van Middlesborough - Engeland.

16 mei 1967 vertrok de "Titan" met twee bakken, op sleeptouw, vanuit Vlaardingen naar Middlesborough - Engeland.

Op 17 juni 1967 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de positie van de Deense coaster "Ulla Rask"(1957 – 299 Brt.), die bij Noordhinder vuurschip machineschade had opgelopen.

De "Titan" bracht de "Ulla Rask" op basis Lloyd's Open Form naar Amsterdam.

De "Titan" vertrok 3 juli 1967 vanuit IJmuiden naar de positie van de kotter "KW. 164 Helena" die op klaarlichte dag bij Petten recht het stand op was gevaren.

De "KW. 164 Helena" weigerde de aangeboden hulp en verwachte op eigen kracht vlot te kunnen komen.

Nog diezelfde 3 juli 1967 werd door de "Titan" assistentie aangeboden aan de "TX. 18 Noorderkroon" die brand aan boord had op ongeveer 30 mijl West Noord West van IJmuiden.

De "TX. 18 Noorderkroon" werd echter geholpen door een andere kotter.

De "KW. 164 Helena" verzocht op 4 juli 1967 om assistentie en de "Titan" bood die aan op basis Lloyd's Open Form.

De "KW. 164 Helena" was tijdens de stranding echter lek geslagen en bij het vlot brengen op 5 juli 1967 zonk de kotter.

Op 29 juli is de "KW. 164 Helena" met behulp van de drijvende bok "Magnus III" door Bureau Wijsmuller gelicht en naar IJmuiden gebracht.

Op 24 juli 1967 verleende de "Titan" assistentie aan het transport van de "Willem Barendsz", "Utrecht" en "Stentor" met de "President Garcia", bij binnenkomst in de Rotterdams Waalhaven.

De "Titan" assisteerde eind september 1967 het zendschip "Mi Amigo" op de Noordzee.

De "Titan" voer op 17 oktober 1967 uit, in een West Zuid Wester storm windkracht 8 tot 9, naar de achter Texel in de Waddenzee gestrande Duitse coaster "Neckar"(1955 – 380 Brt.).

De door de "Titan" aangeboden assistentie werd op basis Lloyd's Open Form geaccepteerd. Echter nog voordat de "Titan" was aangekomen op de positie van de "Neckar" kwam deze op eigen kracht vlot.

De "Titan" ging daarna onderweg naar de positie van het Griekse vrachtschip "Margariti"(1930 – 4.597 Brt.), die bij de Noordpunt van Texel roerschade had gemeld en dreigde te stranden.

De "Margariti" accepteerde andere hulp, maar verdaagde in de ondieptes bij Eierland. In de West Zuid Wester storm windkracht 8 tot 9 werd de "Margariti" wrak geslagen. De bemanning werd door de reddingsboot "Prins Hendrik" van Den Helder gered en aan land gebracht.

In de ochtend van 18 oktober 1967 vertrok de "Titan" vanuit Den Helder, naar de "Alma II"(1955 – 424 Brt.) die, in een West Noord Wester storm windkracht 6 tot 8 slagzij meldde en bijstand van een ander schip wenste. De "Alma II" klaarde het zelf, waarna de "Titan" naar Den Helder terugkeerde.

Begin november 1967 versleept de "Titan een coaster vanuit Delfzijl naar Rotterdam.

Op 7 december 1967 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden, in een Noord Wester storm windkracht 7 tot 8, om de "Jacob van Heemskerck" te assisteren bij de berging van het Duitse vrachtschip "Immen"(1950 – 1.590 Brt.) dat benoorden Ameland in de problemen was geraakt.

Ter hoogte van Den Helder werd op 7 december 1967 een schip waargenomen dat voor anker lag in een Noord Wester storm windkracht 7 tot 8.

Er werd contact gemaakt met het schip, wat het Finse vrachtschip "Krucia"(1940 – 2.916 Brt.) bleek te zijn, dat al het bakboords anker had verspeeld en het stuurboords anker door een defect aan de winch niet thuis kon halen.

De "Krucia" werd, op basis Lloyd's Open Form, door de "Titan" vastgemaakt en werd, nadat de "Krucia" het stuurboord anker heeft laten slippen, naar IJmuiden gesleept.

Half december 1967 versleepte de "Titan" de, voor de sloop verkochte, KNSM'er "Triton"(1946 – 2.897 Brt.) vanuit IJmuiden naar Vlissingen.

Vervolgens werden de "Utrecht" en de "Jacob van Heemskerck" door de "Titan" geassisteerd bij het vertrek met het booreiland "Sedneth I" uit Rotterdam.

Op 25 december 1967, tweede Kerstdag, werd hulp geboden aan de Nederlandse kustvaarder "Triton"(1950 – 399 Brt.) die ten zuidwesten van IJmuiden wegens een machinedefect om hulp had verzocht. De coaster werd naar IJmuiden gesleept.

1968

De "Titan" versleepte begin januari 1968 een beladen ponton vanuit Rouen - Frankrijk, naar Hamburg - Duitsland.

Vrijdag 12 januari 1968 melde omstreeks 12.00 uur de schipper van de kotter "SCH. 107 Gerritje" brand in de machinekamer.

De "SCH. 107 Gerritje" bevond zich toen 4 mijl ten Westen van IJmuiden. Assistentie van de "Nestor" en "Titan" werd op basis van Lloyds Open Form geaccepteerd.

De "Titan" nam de brandende "SCH. 107 Gerritje" op sleeptouw terwijl de "Nestor" begon met bluswerkzaamheden samen met de "Assistent". Tegen de avond was men het vuur meester en kon de "SCH. 107 Gerritje" IJmuiden worden binnengesleept en omstreeks 17.00 uur in de Haringhaven worden afgemeerd.

Op 18 januari 1968 assisteerde de "Titan", bij het binnenlopen van IJmuiden, het Duitse vrachtschip "Wilhelm Wesch"(1958 – 1.998 Brt.), die brand in de lading had.

De "Titan" versleepte op 19 januari 1968 een ponton, beladen met een kraanhuis, vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

Op 20 januari 1968 zette de vanuit IJmuiden koers naar de positie van het Nederlandse vrachtschip "Sinon"(1961 – 3.840 Brt.) en het vrachtschip "Procyon"(1965 – 1.983 Brt.) die met elkaar in aanvaring waren geweest op de Noordzee. Het tweetal had echter geen hulp nodig.

De "Titan" vertrok ook op 21 januari 1968 vanuit IJmuiden naar zee, nadat het Ghanese vrachtschip de "Pra River"(1961 – 7.351 Brt.) en het vrachtschip "Nissos Serifos"(1949 – 1.812 Brt.) in aanvaring waren geweest, maar ook deze schepen klaarden zichzelf.

De "Titan" versleepte half februari 1968 een bak vanuit Middlesborough - Engeland, naar IJmuiden en een drijvende kraan vanuit de Nieuwe Rotterdamse Waterweg naar Oostmahorn.

Op 26 februari 1968 ging de "Titan" vanuit IJmuiden naar zee om hulp te bieden aan de Deense kustvaarder "Thuroklint"(1962 – 296 Brt.), die met machineschade op 14 mijl ten westen van IJmuiden ronddreef.

De "Thuroklint" werd op basis van Lloyd's Open Form vastgemaakt en naar IJmuiden gesleept.

Op 3 maart 1968 om vijf uur in de morgen startte 'Radio Caroline International' vanaf de "Mi Amigo"(1921 – 470 Brt.) zoals altijd de tape met test muziek om de uitzendingen van die dag te beginnen. Al snel was de zender weer uit de lucht, de "Titan" kwam langszij en de kapitein van de "Titan" toonde een papier waarop te lezen was dat hij opdracht had van de firma Wijsmuller de "Mi Amigo" naar Amsterdam te slepen. De DJ's werden opgesloten in de messroom en het anker van de "Mi Amigo" werd opgehaald.

4 maart 1968 arriveerde de "Titan" met de "Mi Amigo" op sleeptouw in IJmuiden.

De "Mi Amigo" bleef tot 1972 liggen in de haven van Amsterdam, waarna ze in de zomer van 1972 in opdracht van Bureau Wijsmuller werd geveild. De koper van de "Mi Amigo" was Gerard van Dam voor 20.000,-- gulden.

Meteen na het afleveren van de "Mi Amigo" in IJmuiden vertrok de "Titan" weer naar zee en werd in het Engels Kanaal de "Caroline"(1930 – 693 Brt.), waarvan "Radio Caroline North" in de Ierse Zee uitzond, van de "Utrecht" overgenomen en ook naar IJmuiden gesleept.

9 maart 1968 arriveerde de "Titan" met de "Caroline" op sleeptouw in IJmuiden.

De "Caroline" bleef tot 1972 liggen in de haven van Amsterdam, waarna ze in de zomer van 1972 in opdracht van Bureau Wijsmuller werd geveild. De "Caroline" werd verkocht aan een sloopbedrijf voor 26.500,-- gulden en vrijwel meteen gesloopt.

Op 10 maart 1968 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar zee om de "Hector" in slecht weer, windkracht 6 tot 7 uit het Noord westen, bijstand te verlenen tijdens een sleepreis met een zuiger vanuit Vlaardingen naar Oostmahorn.

24 maart 1968 vertrok de "Titan" met de zuiger "Namur" op sleeptouw vanuit Vlissingen naar Wilhelmshaven - Duitsland.

6 april 1968 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de haven van Brest - Frankrijk, waar de "Titan" op 8 april 1968 arriveerde.

Vanuit Brest - Frankrijk, werd door de "Titan" de baggermolen "Europa" versleept naar de haven van Southampton - Engeland, waar het transport op 10 april 1968 arriveerde.

Vanuit Southampton - Engeland, versleepte de "Titan" op 10 april 1968 de baggermolen "Foremost Southampton" naar de haven van Felixstowe - Engeland, waar de "Titan" op 12 april 1968 arriveerde.

Vanuit Felixstowe - Engeland vertrok de "Titan" weer naar Brest - Frankrijk, om daar twee onderlossers de "Beaverpool" en de "Beaverdeep" vast te maken met bestemming Southampton - Engeland.

Op 16 april 1968 werd het tweetal door de "Titan" afgeleverd in de haven van Southampton - Engeland.

Vanuit Southampton - Engeland, vertrok de "Titan" naar Rotterdam waar twee pontons de "E 17" en de "E 20" (beide van Eerland) worden vastgemaakt met bestemming Bordeaux - Frankrijk.

18 april 1968 was het sleep klaar maken van de pontons gereed en vertrok de "Titan" met de "E 17" en de "E 20" op sleeptouw naar Bordeaux - Frankrijk.

Na aflevering van de pontons "E 17" en de "E 20" op 22 april 1968 in de haven van Bordeaux - Frankrijk, zette de "Titan" koers naar Southampton - Engeland.

In de haven van Southampton - Engeland werd op 24 april 1968 de baggermolen "Sliedrecht" vastgemaakt en versleept naar Brest – Frankrijk waar de "Titan" op 26 april 1968 arriveerde.

In de haven van Brest - Frankrijk, werd de beladen ponton "BK 363" vastgemaakt en vertrok de "Titan" met de Baggermolen "Sliedrecht" en de ponton "BK 363" op 2 mei 1968 vanuit Brest - Frankrijk naar Lissabon - Portugal.

Na aflevering van de Baggermolen "Sliedrecht" en een ponton vertrok de "Titan" op 7 mei 1968 vanuit Lissabon – Portugal naar IJmuiden.

Op 8 mei 1968 maakte de "Titan" de coaster "Lisbeth Bulow"(1967 – 299 Brt.) die kampte met machineschade, vast op basis van Lloyds Open Form en versleept deze naar de haven van Vigo - Spanje.

Vanuit Vigo - Spanje, vertrok de "Titan" op 8 mei 1968 naar Gibraltar.

13 mei 1968 werd het bergingsvaartuig "Topmast 18"(geen gegevens) vastgemaakt in de haven van Gibraltar en vertrok de "Titan", vanuit Gibraltar, op 18 mei 1968 naar Southampton - Engeland.

Op 25 mei 1968 arriveerde de "Titan" met de "Topmast 18" op sleeptouw in de haven van Southampton - Engeland.

Nadat de "Topmast 18" was afgeleverd vertrok de "Titan" op 26 mei 1968 vanuit Southampton - Engeland, naar Brest - Frankrijk, waar een ponton werd vastgemaakt met bestemming Rotterdam.

29 mei 1968 leverde de "Titan" haar sleep, een ponton, af in de haven van Rotterdam en vertrok meteen naar IJmuiden.

Op 18 juni 1968 versleepte de "Titan" het Motorschip "Freeborg"(de naam klopt helaas niet) van IJmuiden naar Rotterdam.

In de eerste helft van juli 1968 versleepte de "Titan" een drijvend droogdok van Rotterdam naar IJmuiden (bestemming Makkum), en een baggermolen vanuit Felixstowe - Engeland naar Gothenburg - Zweden.

De "Titan" versleepte in de tweede helft van juli 1968 een baggermolen van Leith - Engeland, naar Rotterdam en een beladen ponton van Vlaardingen naar Gravesend - Engeland.

16 augustus 1968 versleepte de "Titan" de zuiger "Triton" vanuit Cuxhaven - Duitsland naar Vlaardingen.

Na aflevering van de zuiger in de haven van Vlaardingen vertrok de "Titan" meteen naar Oostmahorn.

In Oostmahorn maakte de "Titan" een zuiger vast en versleepte deze naar Vlaardingen.

Eind augustus 1968 werd een lepelbaggermolen vanuit IJmuiden naar Vlaardingen versleept.

De "Titan" arriveerde op 30 augustus 1968, met haar sleep, in de haven van Vlaardingen

4 september 1968 versleepte de "Titan" samen met de "Stentor" de nieuwbouw zandlaadinstallatie "Aquila" van de baggermaatschappij Bos en Kalis vanaf de werf in Rotterdam naar IJmuiden.

En versleepte vervolgens "Hr. Ms Tromp" vanuit Rotterdam naar Vlissingen en een zuiger vanuit Duinkerken - Frankrijk naar Vlaardingen.

Op 24 september 1968 was de "Titan" samen met de "Simson" betrokken bij het vlot brengen van het Duitse vrachtschip "Burgenstein"(1958 – 8.497 Brt.) die, terwijl de loodsdienst was gestaakt wegens het weer, bij windkracht 7 uit het Noord Westen toch een poging had gewaagd om binnen te lopen en daarbij strandde op de Noord West punt van het Forteiland in de havenmond.

De "Titan" versleept begin oktober 1968 de nieuwbouw baggermolen "Mai Kaitell" vanuit Scheveningen naar St. Nazaire. Of Nantes, Frankrijk.

In de eerste helft van oktober 1968 werd de zuiger "Beverwijk 31" vanuit Leith – Engeland naar Rotterdam gesleept.

15 oktober 1968 werkte de "Titan" mee aan het sleeptransport van het vliegdekschip "25 de Mayo" (ex "Karel Doorman"), door de "Jacob van Heemskerck" en "Groningen" vanuit Den Helder naar Schiedam.

Vervolgens versleepte de "Titan" eind oktober 1968 twee bakken vanuit Grangemouth - Engeland, naar Milfordhaven - Engeland.

Begin november 1968 versleept de "Titan" een bak vanuit de haven van Leith - Engeland naar IJmuiden.

Half november 1968 arriveerde de "Titan" in de haven van Brest - Frankrijk, waar een bak werd vastgemaakt voor transport naar Lorient - Frankrijk.

Vanuit Lorient - Frankrijk. vertrok de "Titan" met een baggermolen en een bak naar Arzew in Algerije.

Eind november 1968 arriveerde de "Titan" in de haven van Arwez – Algerije waar ze haar sleep afleverde.

In de haven van Arzew - Algerije, neemt de "Titan" begin december 1968 twee pontons over van de "Gelderland" (vertrokken vanuit de haven van Ortona - Italië) voor de verdere sleepreis naar Vlaardingen.

Juist voor de Kerstdagen werd het tweetal daar afgeleverd, nadat de "Simson" voor de Nieuwe Waterweg een van de pontons had overgenomen.

Op 25 december 1968 voer de "Titan" vanuit IJmuiden uit naar de Noorse "Polar Scan"(1968 – 1.162 Brt.), die op ongeveer 40 mijl ten westen van Scheveningen machineschade meldde.

De "Polar Scan" werd op basis Lloyd's Open Form door de "Titan" naar Vlissingen gesleept.

op 28 december 1968 neemt de "Titan" ter hoogte van Dungeness - Engeland, de ponton "Coplar III" over van de "Gelderland", voor verder transport naar Vlaardingen.

Eind december 1968 assisteerde de "Titan" de "Gelderland" die met een baggermolen vanuit Dungeness - Engeland, naar Vlaardingen onderweg is.

Tot besluit van het jaar 1968 voerde de "Titan" een sleepreis vanuit Vlaardingen naar Gravesend - Engeland uit met een zuiger.

1969

Nadat de "Titan" begin januari een onderhoudsbeurt bij de werf te Harlingen had ondergaan, vertrok de "Titan" op 15 januari 1969 vanuit IJmuiden naar zee om onderweg te gaan naar Lissabon - Portugal.

Op 23 januari 1969 vertrok de "Titan vanuit de haven van Lissabon - Portugal, met een beladen ponton (twee op elkaar geplaatste bakken) naar Willemstad - Curaçao. Waar de "Titan" op 11 februari 1969 arriveerde.

Op 15 februari 1969 vertrok de "Titan" vanuit Willemstad - Curaçao naar IJmuiden.

Op 16 februari 1969 strandde het vracht/passagiersschip "Francisco de Miranda" op de Venezolaanse kust.  De "Titan" bood haar assistentie aan en zette koers naar de positie van de "Francisco de Miranda".  Een vergeefse reis de "Francisco de Miranda" had geen assistentie nodig waarop de "Titan" haar reis naar IJmuiden vervolgde.

Terwijl de "Titan" onderweg was naar IJmuiden, kwam de Nederlandse kustvaarder "Stella Nova"(1968 – 1.467 Brt.) met ernstige machine problemen, te drijven op ongeveer 900 mijl West Zuid West van de Azoren.

25 februari 1969 maakte de "Titan" op de positie van 35.20 Noord en 48.20 West het vrachtschip "Stella Nova", geladen met locomotieven, vast tijdens slecht weer.

Op 26 februari 1969 brak de sleeptros met de "Stella Nova" en maakte de "Titan" opnieuw vast.

De "Stella Nova" werd vervolgens naar de haven van Funchal - Madeira gesleept.

Op 7 maart 1969 arriveerde de "Titan" met de "Stella Nova" op sleeptouw in de haven van Funchal – Madeira.

Waarna de "Titan" vertrok naar IJmuiden waar ze op 13 maart 1969 arriveerde.

Half maart 1969 werd de "Rijkspont 12"(beter bekend als de "Donaupont") door de "Titan" versleept vanuit IJmuiden naar de haven van Falmouth - Engeland, waar de "Groningen" het transport overnam voor de verdere sleepreis naar Ancona – Italië.

Op 19 maart 1969 arriveerde de "Titan" weer in de haven van IJmuiden.

Op 19 maart 1969 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de positie van de Noorse tanker "Siluna"(1960 – 31.303 Brt.) die om assistentie had verzocht wegens brand in de machinekamer op 60 mijl ten westen van Hoek van Holland, de "Siluna" accepteerde andere sleepboot hulp.

Eind maart 1969 werd er door de "Titan" een drijvende heistelling vanuit Beverwijk naar Vlissingen gesleept.

Op 1 en 2 april 1969 was de "Titan" in actie ter hoogte van Terschelling nadat een noodmelding was ontvangen van de Duitse kustvaarder "Gunda"(1938 – 400 Brt.), die machineschade, lekkage en slagzij meldde.

De "Gunda" werd door de "Titan" op basis Lloyd's Open Form naar Harlingen gesleept.

Bij aankomst in Harlingen werd de "Gunda" aan de ketting gelegd. En in 1972 werd de "Gunda" in opdracht van de rechtbank openbaar verkocht.

Op 5 april 1969 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de Nederlandse coaster "IJstroom"(1950 – 499 Brt.), die met machineschade ter hoogte van Flamborough Head dreef.

De "IJstroom" werd op 7 april 1969 door de "Titan" IJmuiden binnengesleept.

Half april 1969 begon de "Titan" vanuit de haven van Vlaardingen aan een sleepreis met twee bakken naar Taranto - Italië.

De "Titan" leverde de bakken begin mei 1969 af in de haven van Taranto - Italië.

Op de terug reis vanuit Italië naar IJmuiden was de "Titan" op 12 mei 1969 bij de gestrande tanker "Hemsley l"(1916 – 1.177 Brt.) ter hoogte van Porthcothan – Padstow, – Cornwal – Engeland maar van een bergingspoging werd afgezien.

Half mei 1969 arriveerde de "Titan" te IJmuiden.

Begin juni 1969 versleept de "Titan" twee heftanks vanuit de haven van Zeebrugge - België, naar IJmuiden.

Op 13 augustus 1969 verleende de "Titan" assistentie aan het Belgische jacht "Eole", dat zonder brandstof ter hoogte van Zandvoort dreef. De "Eole" werd naar IJmuiden gesleept.

De "Titan" vertrok op 21 augustus 1969 naar zee, nadat de melding was ontvangen dat ter hoogte van Scheveningen de kotter "TH. 38 Cornelis" was gekapseisd. De kotter zonk voordat de "Titan" ter plaatse was.

De "Titan" vertrok op 23 augustus 1969 vanuit IJmuiden om de "Utrecht" en de Portugese sleepboten "Praia da Adraga" en "Praia Grande" te assisteren bij het verslepen van de Britse tanker "Bamford" (1967 – 54.090 Brt.) vanaf een positie ter hoogte van Kaap Finisterre naar Milford Haven - Engeland. Waar het transport op 28 augustus 1969 arriveerde.

Op 31 augustus 1969 keerde de "Titan" weer terug in IJmuiden.

Op 1 september 1969 werd een bolvormige druktank vanuit Amsterdam naar de Botlek in Rotterdam gesleept.

2 september 1969 werd de trawler "KW. 159 Marian Ellen" door de "Titan" vanuit IJmuiden naar de Nieuwe Rotterdamse Waterweg versleept.

Half september 1969 versleepte de "Titan" de zuiger "Beverwijk 47" van Amsterdam naar Cuxhaven – Duitsland.

Vervolgens versleepte de "Titan" een bakkenzuiger vanuit IJmuiden naar Scheveningen.

Op 17 september 1969 ging de "Titan", onderweg naar de strandingsplaats van de kotters "KW. 185 Valk" en "IJM. 239 Nooitgedacht" nabij Grimsby - Engeland.
 
De "KW. 185 Valk" en "IJM. 239 Nooitgedacht" worden op 18 september 1969 door de "Titan" vlot gebracht en in de haven van Grimsby - Engeland afgeleverd.

Vanuit Grimsby - Engeland, vertrok de "Titan" naar de positie van de Coaster "Hollandia"(1951 – 327 Brt.), die in Wash Bay met machineschade lag.

De "Hollandia" werd door de "Titan" naar Rotterdam gesleept en daar op 19 september 1969 afgeleverd.

26 september 1969 vertrok de "Titan" met de zuiger "Gouda" vanuit Oostmahorn via IJmuiden (wegens slecht weer windkracht 7 uit het West Zuid Westen) naar Rotterdam.

Begin oktober 1969 versleepte de "Titan" de zuiger "Beverwijk 37" vanuit Delfzijl naar IJmuiden en vervolgens op 7 oktober 1969 een derde bolvormige druktank vanuit Amsterdam naar Pernis - Rotterdam.

Op 21 november 1969 verleende de "Titan" vanuit IJmuiden hulp aan de Nederlandse Coaster "Catharina F"(1953 – 338 Brt.), die op 10 mijl ten westen van IJmuiden met machineschade dreef. De "Catharina F" werd naar IJmuiden gesleept.

Op 29 en 30 november 1969 kwam de "Titan" in actie voor de Coaster "Rijnstroom"(1966 – 554 Brt.), die op 1 mijl ten zuiden van Orfordness - Engeland, met machineschade lag. De "Rijnstroom" werd door de "Titan" naar IJmuiden gesleept.

Half december 1969 werd een bak vanuit IJmuiden naar Middlesborough - Engeland, gesleept.

Vervolgens werd de Coaster "Patricia"(1958 – 400 Brt.) door de "Titan" vanuit Harlingen naar IJmuiden versleept.

De "Titan" bood op 17 en 18 december 1969 hulp aan de Britse coaster "Lanrick"(1957 – 570 Brt.), die met machineschade op 30 mijl ten oosten van Lichtschip Outer Gabbard lag.

De "Lanrick" werd door de "Titan" naar Rotterdam gesleept.

Op 22 december 1969 werd door de "Titan" hulp geboden aan de Nederlandse kustvaarder "Ursa Minor"(1956 – 385 Brt.), die ter hoogte van Terschelling dreef.

De "Ursa Minor" werd door de "Titan" naar Den Helder gesleept.

In 1969 werd door de "Titan" in totaal 10.908 mijl slepend afgelegd.

1970

Half januari 1970 was de "Titan" op de Noordzee in actie om te zoeken naar een door de Noorse sleepboot "Beni" verloren sleep, een 6000 tons casco.

Later werd dit casco door de "Beni" zelf teruggevonden en door andere sleepboten naar Noorwegen gebracht.

Op 3 februari 1970 ging de "Titan" naar Krimpen aan de IJssel om bij Bolnes verbouwd en versterkt te worden tot 2150 IPK.

Begin april 1970 kwam de "Titan" weer in dienst na groot survey, verbouwing en versterking van het vermogen tot 2150 IPK.

15 april 1970 vertrok de "Titan" met de bak "BAR 272", op sleeptouw, vanuit IJmuiden naar Rotterdam.

Na aflevering van de "BAR 272" in Rotterdam vertrok de "Titan", met de pontons "Okodogu Island" en "Olua Siri Island" op sleeptouw , vanuit de Nieuwe Waterweg om deze via Dakar – Senegal naar de haven van Warri –  Nigeria te verslepen. 

Half mei 1970 werden door de "Titan" de pontons "Okodogu Island" en "Olua Siri Island" in de haven van Warri – Nigeria afgeleverd.

Vervolgens zette de "Titan" koers naar Las Palmas - Canarische Eilanden, hier werd de, door de "Hector" aangebrachte, cutterzuiger "Camaré 2" vastgemaakt en werd deze naar haar bestemming gebracht, de baai van Salvador in Brazilië.

12 juni 1970 werd de cutterzuiger "Camaré 2" afgeleverd.

Op 26 juni 1970 zette de "Titan" vanuit de haven van Rio de Janeiro – Brazilië koers naar de haven van Buenos Aires - Argentinië, voor het uitvoeren van een sleepreis met de historisch waardevolle, voormalige driemaster "Wavertree".

De "Wavertree" is door een Maritiem Museum in New York aangekocht.

Met het zeilschip "Wavertree" aan de sleeptros vertrok de "Titan" op 3 juli 1970 vanuit Buenos Aires - Argentinië, naar New York - Verenigde Staten.

5 augustus 1970 heeft de "Titan" de "Wavertree" in New York afgeleverd aan het South Street Sportteam Museum. Hiermede komt een eind aan het commerciële bestaan van dit beroemde schip, om in New York een nieuw bestaan te beginnen als museumschip.

De "Wavertree" was gebouwd in Southampton – Engeland, mat 2.118 Brt, was 279 voet lang en aan drie masten dwars getuigd met een bezaan en drie of vier fokken. Het was een met Engelse degelijkheid gebouwd ijzeren schip, dat 25 jaar lang de oceanen bevoer van Engeland naar Australië, India, Noord- en Zuid-Amerika en daarbij vele malen Kaap de Goede Hoop en Kaap Hoorn rondde met graan, jute, vis e.d.

Op 11 augustus 1970 is de "Wavertree" aan het museum overgedragen door de burgemeester van New York, John Lindsey, namens vele shiplovers in de Verenigde Staten en in het bijzonder New York.

De "Titan" leverde de "Wavertree" eerst af aan een werf, waar het vóór de ceremoniële overdracht moest worden schoongemaakt en in zodanige staat gebracht, dat het zonder risico de autoriteiten aan boord kon ontvangen.

Na aflevering van de "Wavertree" vertrok de "Titan" naar Norfolk - Verenigde Staten, voor het verslepen van de Liberty "Henry D.Lindsley"(1944 -7.249 Brt.).

Op 10 september 1970 werd de "Henry D.Lindsley" in de haven van Bilbao - Spanje, afgeleverd door de "Titan".

de "Titan" maakte in Le Havre - Frankrijk, de beladen ponton "Zeeuws Vlaanderen" vast en versleepte deze naar IJmuiden, waar de "Titan" op 16 september 1970 arriveerde.

Op 27 september 1970 werd door de "Titan" de Nederlandse Coaster "Stella"(geen gegevens bekend) vastgemaakt op 60 mijl ten Noorden van Texel lichtschip.

De "Stella" kampte met machineschade en is door de "Titan" in IJmuiden binnengebracht.

De "Titan" vertrok op 3 oktober 1970 vanuit IJmuiden naar de positie van de Duitse Kuster "Leda"(1951 – 499 Brt.).

Voordat de "Titan" de "Leda" had bereikt zonk de "Leda" op de positie 52.32 Noord en 3.00 Oost.

De "Leda" was geladen met hout onderweg vanuit Halmstad, Zweden, naar Lorient - Frankrijk.

13 oktober 1970 werd de kotter "Anna" die was gestrand bij Callantsoog door de "Titan" vlot gebracht en naar IJmuiden gesleept.

De Duitse tanker "Pellworm"(1969 – 1.594 Brt.) verzocht op 20 oktober 1970 om assistentie wegens zware slagzij 25 mijl Noord West van Goeree, maar wist op eigen kracht binnen te komen.

Op 3 november 1970 verzocht de Nederlandse Kuster "Eemsborg"(1954 – 499 Brt.) om assistentie tijdens een Westerstorm windkracht 9 waarin de deklading hout was gaan werken.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van de "Eemsborg" en verleende stand-by diensten.

In de avond van 3 november 1970 nam de "Hector" het over van de "Titan" zodat deze koers kon zetten naar de positie van het Cypriotische vrachtschip "Rigel"(1951 – 1.272 Brt.) die in de problemen was gekomen bij de ET 3 boei.

De "Rigel" strandde voordat er hulp kon worden geboden op Texel en kapseisde ter hoogte van de Koog.

12 november 1970 vertrokken de "Titan" en de "Stentor" naar de Belgische tanker "Belgulf Progress"(1959 – 12.018 Brt.) die met machineschade op 30 mijl ten Noorden van Texel om sleepboot assistentie had verzocht.

13 november 1970 brachten de "Titan" en de "Stentor" de "Belgulf Progress" binnen in IJmuiden.

14 november 1970 werd door de "Titan" uitgevaren naar de positie van de Duitse Kuster "Horst H"(1961 – 500 Brt.) die was gestrand op de Haaksgronden.

De "Horst H" accepteerde andere assistentie.

25 november 1970 maakte de "Titan" het stand-by schip "W.F.P." van het booreiland "Maersk Explorer" vast en sleept deze met machineschade naar Great Yarmouth - Engeland.

Het Deense Coaster "Baccarat"(1965 – 500 Brt.) melde op 28 november 1970 dat ze machineproblemen had en verzocht om sleepboot assistentie.

De "Titan" maakte de "Baccarat" op 15 mijl van IJmuiden vast en bracht haar binnen in IJmuiden.

De "Titan" vertrok op 5 december 1970 naar de positie van het Engelse vrachtschip "Macharda"(1960 – 7.004 Brt.) die machineschade had opgelopen.

De "Macharda" zag op 25 mijl van IJmuiden kans om de machineschade te herstellen.

8 december werd door de "Titan" de zuiger "Amerstol" in Delfzijl vast gemaakt voor een sleepreis naar de Nieuwe Waterweg waar de "Amerstol" op 10 december 1970 werd afgeleverd.

In 1970 werd door de "Titan" in totaal 18.252 mijl slepend afgelegd.

1971

Begin januari 1971 versleept de "Titan" een bak vanuit Scheveningen naar IJmuiden.

Op 20 januari 1971 krijgt de coaster "Meppel"(1939 – 250 Brt.) problemen met de voortstuwing op 40 mijl West Zuid West van IJmuiden de "Titan" brengt de "Mepel" naar IJmuiden.

Aan boord van de Deense Coaster "Gerni"(1968 – 296 Brt.), geladen met hout, ontstond in de nacht van 23 op 24 januari 1971 brand in de machinekamer gevolgd door een explosie op ongeveer 50 mijl Noord West van IJmuiden.

De "Titan" en "Nestor" verlieten in de Zuid Wester storm, windkracht 8 tot 9, IJmuiden op weg naar de "Gerni".

De brand aan boord breide zich snel uit en de bemanning moest het schip verlaten.

Toen de "Titan" en "Nestor" in de loop van de nacht arriveerden bij de "Gerni" stond deze van voor tot achter in lichterlaaie.

Geprobeerd werd om de brand te bestrijden maar door het slechte weer was het niet mogelijk om langszij te komen.

In de loop van de morgen van 24 januari 1971 wist de "Titan" twee man over te zetten, terwijl de "Nestor" het dek nat hield konden ze de bak bereiken en kon de "Titan" vast te maken en werd koers gezet naar IJmuiden terwijl de "Nestor" doorging met water op de coaster te spuiten.

In de avond van 25 januari bereikte de "Titan" met de "Gerni" IJmuiden en werd in de bergingshaven de brand verder bestreden. Pas na enkele dagen was de brand geblust en kon het schip worden versleept naar Amsterdam.

2 februari 1971 strandde het met hout geladen vrachtschip "Benares"(1946 – 4.812 Brt.) op Texel. Reederij Doeksen kreeg een bergingscontract en zette voor de berging van de "Benares" de "Holland"  in.

De "Titan" assisteerde de "Holland" bij de berging van de "Benares"(1946 – 4.812 Brt.) waarbij later ook de "Hector" werd ingezet.

Uiteindelijk lukt het pas op 23 maart 1971 om de "Benares" vlot te brengen. De "Benares" is nooit meer in de vaart gekomen maar in november 1972 gesloopt te Bilbao - Spanje.

29 maart 1971 ontstond er in de machinekamer van de sleephopperzuiger "Geopotes VI"(1963 – 5.146 Brt.) brand.

De "Geopotes VI" bevond zich op dat moment op 7 mijl van IJmuiden. De "Titan", "Nestor" en "Hector" vertrokken uit IJmuiden voor hulpverlening.

Als gevolg van de brand was het niet meer mogelijk om de zuigbuis naar boven te halen. Nadat het was gelukt om de zuigbuis te lichten werd de "Geopotes VI" door de "Titan" en de "Nestor" versleept naar de werf van Niehuis van den Berg in Pernis voor herstel van de schade.

Op 14 april 1971 werd in de Noordzee door de "Utrecht" assistentie verleend aan het Zweedse vrachtschip "Polar Viking"(1964 – 1.279 Brt.) die na een aanvaring met het Argentijnse vrachtschip "Marbrava"(1957 – 8.348 Brt.) ter hoogte van Noord-Hinder lichtschip naar Rotterdam moest worden gesleept.

In eerste instantie werd getracht om toestemming te krijgen om Vlissingen binnen te lopen. Deze toestemming werd echter geweigerd, zodat de "Utrecht" met de achterstevoren gesleepte "Polar Viking" koers zette naar Rotterdam.

Vanuit IJmuiden zette de "Titan" koers naar de "Utrecht" om deze te assisteren bij het binnenlopen van de Nieuwe Waterweg.

Op 15 mei 1971 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar het zendschip "Mebo 2".

Aan boord van de "Mebo 2", het schip waarvan Radio Noordzee uitzond, was een bom ontploft.

Niet de olieleiding in de machinekamer zoals oorspronkelijk de bedoeling was, werd getroffen, maar de waterleiding van de "Mebo 2".

Het achterschip van de "Mebo 2" vatte vlam en Radio Noordzee ging uit de lucht.

Er vielen aan boord geen gewonden en schade aan de "Mebo 2" zelf viel redelijk mee, het bovendeel van de kombuis en het achterdek waren grotendeels afgebrand.

De "Titan" heeft geen deel genomen aan het blussen dit werd gedaan door de bemanning van de "Mebo 2" met assistentie van de "Smitbank".

Op 20 en 21 juni 1971 werd door de "Titan" hulp verleend aan het Nederlandse vrachtschip "Duke Of Holland"(1969 – 758 Brt.), dat onderweg vanuit Great Yarmouth - Engeland, naar Scheveningen brand kreeg in de machinekamer.

De "Duke Of Holland" is door de "Titan" naar Scheveningen gesleept.

De Noorse tanker "Havstraum"(1962 – 495 Brt.) werd op 6 oktober 1971 door de "Titan" op de positie 52.00 Noord en 3.34 Oost vastgemaakt, wegens machine problemen, en naar Rotterdam gesleept waar het transport op 7 oktober 1971 arriveerde.

In diverse bronnen werd melding gemaakt van onderstaande sleepreis van de "Titan" en de "Cycloop" alleen de namen verschillen welk schip het echt is geweest??

De "Titan" en de "Cycloop" maakten op 8 november 1971 het Noorse vrachtschip "Briseis"(1957 – 4.436 Brt.) op 22 mijl Noord West van IJmuiden met machine problemen vast en sleepten de "Briseis" naar IJmuiden.

De "Titan" en de "Cycloop" maakten op 8 november 1971 het Duitse vrachtschip "Brise II"(1957 – 1.000 Brt.) op 22 mijl Noord West van IJmuiden met machine problemen vast en sleepten de "Briseis" naar IJmuiden.

21 november 1971 wist de "Titan" tijdens een storm met windkracht 10 de Duitse coaster "Ostesand"(1960 – 499 Brt.) vast te maken, die met machineschade lag te drijven op 25 mijl Oost van Smith Knoll, en naar IJmuiden te slepen.

Op 22 november 1971 om 15.00 uur arriveerde de "Titan" met de "Ostesand" op sleeptouw in de haven van IJmuiden.

De "Silvia 5"(geen gegevens) werd op 3 december 1971 op 35 mijl Noord West van IJmuiden met machine schade door de "Titan" vastgemaakt en naar IJmuiden gesleept.

1972

De "Fairway"(geen gegevens) komt op 21 januari 1972 op de Noordzee in de problemen, de "Titan" verleent assistentie aan de "Fairway".

Op 22 maart 1972 wisten de "Titan" en de "Cycloop" het bij een aanvaring zwaar beschadigde Spaanse vrachtschip "Benimusa"(1971 – 1.198 Brt.) IJmuiden binnen te slepen. De "Benimusa" was op 21 maart 1972 tijdens dichte mist aangevaren door het Braziliaanse vrachtschip "Itaquice"(1969 – 10.844 Brt.).

4 april 1972 slaagde de "Titan" er in om de onderlosser "Voorne" die op 31 maart 1972 was gestrand nabij Wijk aan Zee vlot te brengen.

De "Voorne" was daar gestrand nadat de sleepverbinding, met de Duitse sleepboot "Fairplay X", was gebroken.

Op 25 mei 1972 strandde bij de vuurtoren van Cocksdorp de Noorse tanker "Havstraum"(1969 – 499 Brt.), die geladen met olie en chemicaliën onderweg was naar Rotterdam, tijdens een Zuid Wester storm windkracht 7.

De "Titan" slaagde er op 26 mei 1972 in om de "Havstraum" vlot te brengen en vervolgens naar IJmuiden te slepen.

Het jacht "Faluta" kwam op 18 augustus 1972 op 18 mijl van IJmuiden in de problemen en verzocht om sleepboot hulp.

De "Titan" sleepte de "Faluta" naar IJmuiden.

18 augustus 1972 nam de "Titan" van het Duitse vrachtschip "Irmgard Bos"(1970 – 1.599 Brt.) het Duitse zeiljacht "Falados von Rhodos", die deelnam aan een Tall Ships Race vanuit Cowes - Engeland naar Skagen – Denemarken over.

De "Falados von Rhodos" maakte water en had schade aan de zeilen.

Bijzonder was dat de "Falados von Rhodos" geen zender of zelfs vuurpijlen aan boord had en van geluk mocht spreken dat de "Irmgard Bos" ze had opgemerkt.

De "Titan" maakte op 9 september 1972 op de, positie 53.21 Noord en 3.22 Oost de met machine problemen kampende "Rescue 1"(geen gegevens) vast en sleept deze naar de haven van Great Yarmouth - Engeland, waar het transport op 10 september 1972 arriveerde.

De Deense coaster "Ilse Clausen"(1958 – 299 Brt.) kreeg op de positie 52.42 Noord en 4.07 Oost een net in haar schroef. En werd naar IJmuiden gesleept door de "Sigrid Flint"(1964 – 299 Brt.), waarna de Titan bij de brulboei de "Ilse Clausen" overnam en IJmuiden binnen sleepte.

10 november 1972 kwamen de sleepboten "Baus" en "Paul Alerio" die de ponton "DB 22" sleepten op 40 mijl Noord West van IJmuiden tijdens een Zuid Wester storm in de problemen.

De "Titan" verleende vanaf 11 november 1972 assistentie aan het transport van de ponton "DB 22".

November 1972 wist de "Titan" ter hoogte van Texel een elevatorbak vast te maken die was verloren door de "Docklift 1"(1972 – 2.594 Brt.) van rederij van der Laan. De "Titan" leverde de elevatorbak af in IJmuiden.

Op 6 december 1972 arriveerde de "Titan" bij de Nederlandse kust tanker "Dutch Engineer"(1964 – 499 Brt.), die kampte met machine problemen, op de positie 52.30 Noord en 3.15 Oost.

De "Titan" maakte de "Dutch Engineer" vast en versleept de "Dutch Engineer" naar Rotterdam waar het transport op 7 december 1972 arriveerde.

Dit was de tweede keer binnen 1 week dat de "Dutch Engineer" door een Wijsmuller sleepboot werd vastgemaakt.

7 december 1972 was er aan boord van het vissersschip "KW. 159 Marian Ellen", ter hoogte van Kamperduin, brand uitgebroken.

De "Titan" wist het vuur te blussen en sleepte de "KW 159 Marian Ellen" naar IJmuiden waar het transport op 8 december 1972 arriveerde.

1973

3 januari 1973 vertrok de "Titan" uit IJmuiden met het Spaanse vrachtschip "Nuestra Senora Del Carmen Segundo"(1966 - 172 Brt.) op sleeptouw naar Bilbao - Spanje.

Op 7 januari 1973 arriveerde het transport in de haven van Bilbao – Spanje.

Na aflevering van de "Nuestra Senora Del Carmen Segundo" zette de "Titan weer koers naar IJmuiden waar ze op 11 januari 1973 arriveerde.

Meteen na aankomst in IJmuiden werd de zuiger "Thamesmead" vastgemaakt en versleept naar Gravesend - Engeland, waar de "Thamesmead" op 12 januari werd afgeleverd.

Na aflevering van de zuiger "Thamesmead" zette de "Titan weer koers naar IJmuiden waar ze op 13 januari 1973 arriveerde.

23 januari 1973 versleepte de "Titan" vanuit IJmuiden de onderlossers "JPB 19", "JPB 20" en de "JPB 26" naar Gravesend - Engeland, waar de "Titan op 24 januari 1973 arriveerde.

Na aflevering van de onderlossers "JPB 19", "JPB 20" en de "JPB 26" zette de "Titan weer koers naar IJmuiden waar ze op 25 januari 1973 arriveerde.

Hospitaal kerkschip "De Hoop" kreeg op de positie 52.45 Noord en 4.16 oost machine problemen en werd op 29 maart 1973 door de "Titan" naar Scheveningen gesleept.

28 mei 1973 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar Rotterdam.

Op 28 mei 1973 versleepte de "Titan" vanuit Rotterdam een baggermolen naar Hull – Engeland.

Na aflevering van de baggermolen in de haven van Hull – Engeland zette de "Titan weer koers naar IJmuiden waar ze op 30 mei 1973 arriveerde.

26 juli 1973 nam de "Titan" op 4 mijl van IJmuiden het Duitse vrachtschip "Neubukow"(1971 – 299 Brt.) over van het Duitse vrachtschip "Trinwillershagen"(1970 – 299 Brt.) die de "Neubukow" op sleeptouw had.

Maar wegens het slechte weer durfde de "Trinwillershagen" IJmuiden niet binnen te lopen met de "Neubukow" op sleeptouw.

De "Titan" maakte de "Neubukow" vast op basis van Lloyds Open Form.

Het Nederlandse containerschip "Rane" kreeg op 28 augustus 1973 in de positie 54.14 Noord en 4.40 Oost machine problemen.

De "Titan" maakte de "Rane" vast en sleepte deze naar Den Helder waar het transport op 29 augustus 1973 arriveerde.

op 8 september 1973 brak aan boord van Italiaanse tanker "Cielo Azzuro"(1958 – 12.656 Brt.) voor de kust van IJmuiden brand uit in de machinekamer.

Deze brand breide zich geleidelijk uit naar andere delen van het schip. De "Cielo Azzuro" was leeg onderweg naar Amsterdam.

De "Cycloop", "Titan", "Nestor" en "Stentor" voeren uit ter assistentie.

Na dertig uur was men de brand meester en kon de "Cielo Azzuro" naar IJmuiden worden gesleept.

De Duitse coaster "Edith Holst"(1958 – 493 Brt.) kreeg op 16 september 1973 op 16 mijl West Noord West van IJmuiden machineschade.

De "Titan" maakte de "Edith Holst" vast en sleepte haar naar IJmuiden.

De "Silvia IV"(geen gegevens) kreeg op 13 oktober 1973 op 22 mijl van IJmuiden een aanvaring met ??. Op de "Silvia IV" werd door de "Titan" over het ontstane lek een patch geplaatst en daarna werd de "Silvia IV" door de "Titan" geëscorteerd naar IJmuiden.

Tijdens het binnenlopen van IJmuiden werd de "Silvia IV" door de "Cornelis Willem" vastgemaakte en naar binnen gesleept.

Het Cypriotische vrachtschip "Panagia Odigitria"(1949 – 5.414 Brt.) kreeg op 15 oktober 1973 ter hoogte van Dover - Engeland machineschade.

De "Titan" maakte de "Panagia Odigitria" vast en sleepte haar naar Dordrecht waar het transport op 20 oktober 1973 arriveerde.

Op 31 Oktober 1973 kocht Adriaan van Landschoot het zendschip van het ter ziele gegaan Radio Condor voor 750.00 dollar. Gerard van Dam, een ex Radio Caroline medewerker werd aangetrokken om de boot uit te rusten als zendschip.
De zender werd gehuurd van de eigenaars van het voormalige REM-eiland. Begin november 1973 koos het schip, dat werd omgedoopt tot "Jeanine" naar de naam van van Landschoots vrouw, het zeegat. Het ging voor anker voor de Belgische kust en meteen starten er proef uitzendingen.

De apparatuur bleek het echter niet zo goed te doen en tot overmaat van ramp brak 6 november 1973, tijdens een Wester storm windkracht 8, ook nog de ankerketting.

De "Titan" werd ter hulp geroepen om de op drift geslagen "Jeanine" naar veilige wateren te loodsen. Om de nodige herstelling en verbeteringswerken uit te voeren werd de "Jeanine" door de "Titan" naar het Duitse Cuxhaven gebracht.

9 november 1973 verzocht om 12.20 uur het Engelse zeiljacht "Wiking" om sleepboothulp daar ze na 3 dagen slecht weer, problemen had met het roer en omdat de motor was uitgevallen.

De "Titan" vertrok uit IJmuiden naar het zeiljacht, het zeiljacht bleek niet verzekerd en de bemanning was slecht bij kas.

Hierdoor kon er geen sleepcontact worden afgesloten en keerde de "Titan" terug naar IJmuiden. Later op de dag verzocht de "Wiking" weer om sleepboot hulp en vertrok om 16.40 uur de "Titan" weer naar zee.

Daar de positie van het jacht niet bekend was werd per marifoon gevraagd om vuurpijlen af te schieten. Bij een poging om dit te doen brak de schipper van de "Wiking" zijn pols. Hierop voer de reddingsboot uit en pikte op 10 mijl West van IJmuiden het jacht op en bracht dit naar IJmuiden.

13 november 1973 vertrok, tijdens een Wester storm windkracht 8, de Coaster "Hondsbosch"(1947 - 217 Brt.) vanuit IJmuiden naar zee.

Op 12 mijl van IJmuiden ontstond zware slagzij, de "Titan" vertrok voor assistentie vanuit IJmuiden. Aangekomen op de positie van de "Hondsbosch" was de "Titan" net op tijd om de 3 bemanningsleden te redden, meteen daarna zonk de "Hondsbosch".

De tanker "Pacific Colcotronis"(1966 – 41.964 Brt.) kreeg op 15 december 1973 bij de brulboei van IJmuiden problemen met haar stuurmachine. De "Cycloop", "Titan", "Nestor" en "Stentor" maken de "Pacific Colcotronis" vast en brachten de "Pacific Colcotronis" in de haven van IJmuiden.

26 december 1973 strandde op haar maidentrip de bulkcarrier "Elwood Mead"(1973 – 59.193 Brt.), geladen met erts, op de rotsen van Guernsey.

Wijsmuller verkreeg een bergingscontract onder Lloyd's Open Form en begon aan de duurste berging ooit.

Op 31 december zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de "Elwood Mead" op de rotsen van Guernsey.

1974

Begin 1974 was de "Titan" ingezet bij de berging van de "Elwood Mead".

De Deense coaster "Merc Baltic"(1969 – 399 Brt.)kreeg op 7 januari 1974 op 8 mijl ten Zuiden van Newhaven - Engeland machine problemen.

De "Titan" arriveerde op 8 januari 1974 om 8.30 uur bij de "Merc Baltic" en sleepte deze naar de haven Soto - Engeland, waar het transport op 8 januari 1974 om 22.00 uur arriveerde.

De sleepboot "Robin 3" kwam, bij het overzetten van mensen, hard in aanvaring met de ponton "DB 22". Als gevolg hiervan liep de "Robin 3" een lek op in de machinekamer en zonk binnen enkele minuten.

Vanuit IJmuiden zette de "Titan" koers naar de plaats van het ongeval en slaagde er in om 1 opvarende te redden. De andere opvarenden werden gered door de loodsboot "Bellatrix" en naar IJmuiden gebracht.

De "Titan" assisteerde, op 28 maart 1974, in Rotterdam bij het in het dok plaatsen van de door Bureau Wijsmuller geborgen bulkcarrier "Elwood Mead"(1973 – 59.193 Brt.)

De "Titan" is op 11 april 1974 te Rotterdam.

Het Indonesische vrachtschip "Djati Barang"(1960 – 9.449 Brt.) kreeg op 19 april 1974 op 3,5 mijl van de pieren van IJmuiden problemen met de voortstuwing.

De "Titan" en de "Cycloop" maken vast en sleepten de "Djati Barang" IJmuiden binnen.

8 mei 1974 is de "Titan" te Rotterdam.

30 juni 1974 liep het Amerikaanse fregat "Julius A. Furer" op volle kracht varende op 5 mijl West van Den Helder aan de grond.

De "Titan" en de "Cycloop" ondernamen een eerste poging om de "Julius A. Furer" vlot te brengen.

De "Utrecht" op dat moment in het zuidelijke deel van het Engels Kanaal en de "Willem Barendsz" die onderweg was naar IJmuiden werden ook naar de strandingsplaats van de "Julius A. Furer" gedirigeerd.

Uiteindelijk werd de "Julius A. Furer" door de "Titan", "Cycloop", "Willem Barendsz" en "Utrecht" op 1 juli 1974 vlot gebracht. Het bergingsloon bedroeg, na arbitrage, $ 175.000.

1 juli 1974 kwam de Deense "Bacat 1"(1974 – 1.399 Brt.) op 11 mijl ten Westen van Hoek van Holland in de problemen wegens machineschade.

De "Titan" maakte de "Bacat 1" vast en sleepte deze naar Hoek van Holland.

11 juli 1974 is de "Titan" samen met de "Smitloyd ??" en de Noorse sleepboot Hercules bezig met een rig-move van het booreiland "Trans-ocean I" op de Noordzee.

17 augustus 1974 vertrok de "Titan" vanuit Amsterdam naar zee.

3 september 1974 kreeg de Panamese coaster "Diamond Trader"(1956 – 353 Brt.) machine problemen ter hoogte van Terschelling.

De "Titan" maakte de "Daimond Trader" vast en sleepte haar naar IJmuiden waar ze op 4 september 1974 arriveerde.

De "Titan" vertrok op 6 september 1974 vanuit IJmuiden naar zee.

In de nacht van 27 op 28 september 1974 scheurde tijdens stormweer ter hoogte van Texel lichtschip aan de bakboordzijde de romp van de Griekse tanker "Pacific Colocotronis"(1966 – 41.964 Brt.) open, waardoor een deel van haar lading in zee stroomde.

De "Titan" escorteert de "Pacific Colocotronis" naar IJmuiden, waar de tanker in de averijhaven met behulp van de Engelse Shell tanker "Drupa"(1966 – 39.795 Brt.) werd gelost.

Op 22 oktober 1974 kwam op de Noordzee het pipelaying ponton "Mulus I" in de problemen. De "Mulus I" was vanuit Delfzijl onderweg naar IJmuiden toen door het slechte weer de trossen van de sleepboten "Waterman" en "Waterpoort" braken.

Door de sterke Noord Wester wind kwam de "Mulus I" steeds dichter onder de kust. De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de positie van de "Mulus I" voor assistentie en wist de "Mulus I" op 8 mijl ten Noorden van IJmuiden en op 2,5 mijl uit de kust vast te maken.

Met de inmiddels ook gearriveerde "Stentor", die ook vastmaakte op de "Mulus I", werd de "Mulus I" op 23 oktober 1974 IJmuiden binnengesleept.

De Noorse coaster "Grimo"(1969 – 298 Brt.) kwam op 27 oktober 1974 op de Noordzee in de problemen, doordat de lading staal was gaan schuiven op 22 mijl West Noord West van IJmuiden.

De "Titan" voer uit ter assistentie en escorteerde de "Grimo" naar IJmuiden

Het Noorse vrachtschip "Brunette"(1972 – 1.299 Brt.) arriveerde op 15 november 1974 in haven van IJmuiden, geëscorteerd door de "Titan" en de "Smitbank".

De "Brunette" was op de Noordzee in de problemen gekomen doordat de lading piekijzer door onbekende oorzaak was gaan schuiven. Toen de "Brunette" IJmuiden binnenkwam spoelde het water al over het voordek.

13 december 1974 werd de "Titan" ingeschakeld bij het opsporen van een op drift geraakt ponton de "Intermac 600", die was geladen met stukken voor een booreiland.

De "Intermac 600" werd gesleept door de "Abeille 30" en de "Hans Oskar" vanuit Cherbourg - Frankrijk naar Noorwegen.

De Britse coaster "Biscaya"(1957 – 499 Brt.) werd door de "Intermac 600" geramd en zonk als gevolg daarvan.

De "Titan" begeleide het transport van de "Intermac 600" naar Great Yarmouth.

16 december 1974 arriveerde de "Titan" weer in IJmuiden.

Aan boord van de Duitse coaster "Herold"(1959 – 499 Brt.) brak op 50 mijl West van IJmuiden brand uit. De "Titan" was stand-by totdat het vuur bedwongen was.

De Panamese coaster "Parimar"(1961 – 499 Brt.) werd op 20 december 1974 bij Scheveningen op het strand gezet nadat zich een explosie, gevolgd door brand, had voorgedaan in de stuurmachinekamer waarbij 3 bemanningsleden omkwamen.

Op zaterdag 28 december 1974 slaagden de "Utrecht", "Cycloop" en "Titan" er in de Coaster "Parimar" na een week hard werken vlot te brengen.
 
Waarna de Cycloop" de "Parimar" naar Rotterdam sleepte.

1975

De Nederlandse coaster "Diannel"(1954 – 397 Brt.) werd op 21 januari 1975 vanaf de Noordzee door de "Titan" geëscorteerd naar IJmuiden.

Het Noorse vrachtschip "Viking Spirit"(1964 – 827 Brt.) liep op 28 januari 1975 machineschade op in de positie 52.30 Noord en 4.08 Oost en werd door de "Titan" vanaf de Noordzee naar IJmuiden gesleept.

Het Egyptische vrachtschip "Al Idrisi"(1970 - 1.414 Brt.)werd op 29 januari 1975 door de "Titan" op de positie 52.43 Noord en 3.44 Oost vastgemaakt met machine schade en naar Rotterdam gesleept, aankomst in de haven van Rotterdam op 30 januari 1975.

De "Titan" versleepte de zuiger "Utrecht" vanuit Delfzijl naar Rotterdam.

Weer twee verschillende verhalen over een gebeurtenis??

De "Titan" maakte op 25 februari 1975 op 40 mijl West Noord West van IJmuiden het vissersschip "IJM. 94 Klaartje" vast die een lek had in de machinekamer. De "Titan" sleepte de "IJM. 94 Klaartje" naar IJmuiden.

De sleepboot "Nederland" maakte op 25 februari 1975 op 40 mijl West Noord West van IJmuiden het vissersschip "IJM. 94 Klaartje" vast die een lek had in de machinekamer. De "Nederland" sleepte de "IJM. 94 Klaartje" naar IJmuiden waar de
"Titan" assisteerde bij het binnenlopen.

De ponton "Breesaap" werd door de "Titan" versleept vanuit IJmuiden naar Peterhead - Engeland.

Op 18 maart 1975 melde de Duitse Coaster  "Irania"(geen gegevens) dat ze Noord West van Terschelling plotseling slagzij kreeg. De "Titan" zette vanuit IJmuiden koers naar de positie van de  "Irania", maar om 10 uur in de morgen zonk de "Irania".

20 maart 1975 melde het vrachtschip "Londoner"(1967 - 1.051 Brt.) roerschade op de Noordzee, de "Titan" maakte vast op de "Londoner" en hield de "Londoner" gaande totdat de schade gerepareerd was.

Op 21 maart 1975 werd de "Titan" bedankt en keerde terug naar IJmuiden.

De "Titan" versleepte 2 geladen bakken vanuit IJmuiden naar Lulea - Zweden.

Na terug keer uit Lulea - Zweden werd de zuiger "Schellingwoude" door de "Titan" vanuit Vlaardingen naar Lulea – Zweden versleept.

Na aflevering van de zuiger "Schellingwoude" door de "Titan" in de haven van Lulea- Zweden.

Werden door de "Titan" nogmaals 2 geladen bakken vanuit IJmuiden naar Lulea- Zweden versleept.

Na terugkomst uit Lulea- Zweden werden door de "Titan" nogmaals 2 geladen bakken vanuit IJmuiden naar Lulea – Zweden versleept.

Tijdens een van deze sleepreizen naar Lulea - Zweden werd een van de bemanningsleden ziek en is repatriëring van boord noodzakelijk.

Met behulp van een helikopter werd de dekjongen van boord gehaald in de Oostzee.

In de tweede helft van 1975 voerde de "Titan" de volgende werkzaamheden uit:

De "Titan" maakte een sleepreis met de ponton "Stinger" vanuit Rotterdam naar Peterhead - Engeland.

Enig tijd later versleept de "Titan" de ponton "Stinger" vanuit Peterhead - Engeland weer terug naar Rotterdam.

De "Titan" vertrok op 10 juli 1975 vanuit Rotterdam naar IJmuiden.

Op de Noordzee vond er op 19 juli 1975 aan boord van de Nederlandse Coaster "Jean E"(376 Brt. Verder geen gegevens) een explosie plaats waarna brand ontstond.

Het Russische vrachtschip "Kimry"(1969 – 2.723 Brt.) bluste de brand en sleepte de "Jean E" richting IJmuiden.

Na onderhandelingen tussen Bureau Wijsmuller en de kapitein van de "Kimry" werd de "Jean E" ter hoogte van IJmuiden overgenomen door de "Titan" en op 20 juli 1975 IJmuiden binnen gesleept.

Op 8 november 1975 bracht de "Titan", op basis van Lloyds Open Form, het Noorse vrachtschip "Canis"(1969 - 498 Brt.) de haven van IJmuiden binnen.

De "Canis" dreef op 18 mijl West van IJmuiden rond met machineschade.

1976

2 januari 1976 maakten de "Titan" "Stentor", "Hector" en "Cycloop" vast op de voor de Hoogovens bestemde Italiaanse ertstanker "Brasilia"(1972 - 72.350 Brt.).
De weersomstandigheden waren toen zeer slecht, er stond een Zuid Wester storm
met windstoten uitlopend van 8 tot 11.

Omstreeks half acht raakte de voorsteven van de "Brasilia" vast op het forteiland.
De volgende morgen werd bij hoogwater (04.44) getracht de "Brasilia" vlot te trekken. In eerste instantie zag het er niet naar uit dat de poging zou slagen, maar om 07.50 uur kwam de Italiaan, enigszins onverwacht toch nog vlot.

In de nog steeds voortdurende storm werd de "Brasilia" aan de Hoogovenkade afgemeerd, waarna eerst met drie, en later met twee sleepboten tot en met de volgende morgen stand-by diensten werden verleend.

Op 23 januari 1976 melde het Duitse motorschip "Alk"(1957 – 298 Brt.) dat het op 60 mijl Noord West van IJmuiden ronddreef met machineschade.

Op 24 januari maakte de "Titan" de "Alk", op basis Lloyds Open Form, vast en sleepte haar IJmuiden binnen.

Van 20 maart 1976 tot 23 maart 1976 waren de "Titan", "Cycloop", "Nestor" en "Krab" betrokken bij de berging van de "Tor Anglia"(1966 – 7.338 Brt.) die in de sluis van IJmuiden lek was geraakt en daarna slagzij begon te maken.
 
Verder werd op 20 maart 1976 bij de "Tor Anglia" nog assistentie verleend door drie sleepboten van Goedkoop en de Deense sleper "Mjolner".

In de tweede helft van 1976 verrichte de "Titan" diverse werkzaamheden:

De "Titan" versleepte eind juli 1976 de zuiger "Triton" vanuit Duinkerken - Frankrijk, naar Ness Sand – Duitsland.

4 oktober 1976 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam met de "Ipswich Pioneer 2"(1973 – 3.595 Brt.) op sleeptouw naar Bremen - Duitsland.

De "Titan" versleepte het ponton "S 602" vanuit Amsterdam naar Rotterdam.

1977

In de eerste helft van 1977 verrichte de "Titan" de volgende werkzaamheden:

De ponton "Wotrans III" werd door de "Titan" versleept vanuit Amsterdam naar Büsum - Duitsland.

Vanuit Büsum - Duitsland werd de Ponton "Wotrans III" door de "Titan" versleept Rotterdam.

Het motor vrachtschip "Elizabeth"(geen gegevens gevonden) werd door de "Titan" op 9 mei 1977 versleept vanuit Borkum - Duitsland naar Den Helder.

De "Titan" versleepte juni 1977 de Kraanbak "VOW 203" vanuit Rotterdam naar Devonport – Engeland.

Vanuit Devonport – Engeland vertrok de "Titan" naar Brest - Frankrijk, om de ponton "Krab" vast te maken en te verslepen vanuit Brest - Frankrijk naar Rotterdam.

Het jacht "Wik 2" strandde op 12 augustus 1977 op de Noorderpier van IJmuiden, en werd door de "Titan" vlot gebracht.

Het bergingsloon voor deze berging bedroeg 50.000,00 DM.

Op 18 augustus 1977 verzocht de Deense Coaster  "Jette Ty" op 21 mijl van IJmuiden, wegens machineschade om sleepboot assistentie.

De "Titan" zette vanuit IJmuiden koers naar de "Jette Ty" en sleepte de "Jette Ty"  naar IJmuiden.

27 oktober 1977 maakte de "Titan" nabij boei 5 t.h.v. Texel de Kuster "Michel S"(1950 – 249 Brt.) vast en sleepte de "Michel S" naar IJmuiden.
De met 450 ton rijst geladen "Michel S" had machineschade.

Op 27 december 1977 maakte de  "Titan" de "Santa Barbara"(geen gegevens), die kampte met machineschade, vlak bij IJmuiden vast en bracht de "Santa Barbara" IJmuiden binnen.

30 december 1977 slaagde de "Titan" er in om, ondanks een storm windkracht 8 uit het West Noord Westen, een vlet de Pushy Cat "No. 16" van 15 meter lang, die was verloren door het Egyptische vrachtschip "Maryut"(1976 – 4.716 Brt.) op 6 mijl Zuid West van lichtschip "Texel" vast te maken en naar IJmuiden te slepen.

1978

In de eerste helft van 1978 verrichte de "Titan" de volgende werkzaamheden:

11 januari 1978 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar de positie 52.40 Noord en 004.15 Oost waar de "Psiloritis"(1936 – 534 Brt.) kampte met machine problemen. Een vergeefse reis de "Psiloritis" had later geen assistentie meer nodig.

De "Titan" verrichte stand-by dienst bij het booreiland "Dyvi Gamma" op de Noordzee.

Een ponton werd door de "Titan" versleept vanuit IJmuiden naar Rotterdam

Op 30 januari 1978 lag de "Titan" in de haven van Rotterdam.

18 Februari 1978 wist de "Titan" het Noorse motorschip "Hollo"(1968 – 298),die kampte met machineschade op 15 mijl Noord West van IJmuiden, vast te maken en binnen te slepen vanaf de Noordzee onder Lloyds Open Form.

Op 23 Februari 1978 werd door de "Titan" het jacht "Poseidon" vanaf de TE boei, onder Lloyds Open Form, IJmuiden binnen gesleept.

26 februari 1978 werd het Duitse motorschip "Lindaunis"(1974 – 499 Brt.), dat kampte met machine problemen, door de "Titan" vastgemaakt op 8 mijl Zuid van Texel en op basis van Lloyds Open Form IJmuiden binnen gesleept.

De "Titan" weet het vrachtschip "Santa Barbara"(Geen gegevens bekend), die kampte met machineschade, nabij IJmuiden vast te maken en binnen te slepen.

12 maart 1978 weten de "Groningen" en de "Titan" de bak "Federal 400-2" vlot te brengen bij Guernsey en af te leveren in de haven van Cherbourg – Frankrijk.

Na het zeewaardig maken van de "Federal 400-2" werd deze door de "Titan" samen met de "Groningen naar Rotterdam gesleept waar de "Federal 400-2" omstreeks 20 maart 1978 wordt afgeleverd.

Vanuit Amsterdam versleepte de "Titan" het ADM droogdok nr.7. naar Harlingen.

Vanuit IJmuiden werd door de "Titan" de Coaster "Sea Hope"(1956 – 423 Brt.) versleept naar Rotterdam.

4 april 1978 lag de "Titan" in de haven van Rotterdam.

Op 23 april 1978 zette de "Titan" koers naar de positie van de "Rio Doro"(1955 – 7.790 Brt.) die in de ET route in aanvaring was geweest met een Pools schip. Een vergeefse reis de "Rio Doro" accepteerde assistentie van Doeksen.

De coaster "Ahoy"(1953 – 369 Brt.) strandde op 23 mei 1978 op het stand van Ameland nabij paal 18.

De "Titan" vertrok op 23 mei 1978 vanuit IJmuiden naar Ameland voor berging van de "Ahoy".

Op 28 mei vertrok ook de "Cycloop" naar Ameland en bij aankomst werd vastgemaakt op de "Titan" en gezamenlijk werd een poging ondernomen om de "Ahoy" vlot te brengen.

Het lukte de "Ahoy" enkele graden te draaien en een paar meter richting zee te brengen.

De "Titan" vertrok na deze poging naar IJmuiden en de "Cycloop" bleef vaststaan op de "Ahoy".

In de tweede helft van 1978 verrichte de "Titan" diverse werkzaamheden:

Begin augustus 1978 versleept de "Titan" een droogdok vanaf de Oranjewerf in Amsterdam naar Rotterdam.

Maar in de grote sluis kreeg de "Titan" problemen met de reductiekast en stapte de bemanning van de "Titan" over op de Stentor of de Nestor om de sleepreis naar Rotterdam te vervolgen.

Vanuit IJmuiden versleepte de "Titan" de splijtbak "MO 10.005"  en  "MO 10.003" naar de haven van Stranraer, – Engeland.

17 september 1978 werd de Duitse coaster "Sundern"(1966 - 400 Brt.) door de "Titan" IJmuiden binnengesleept, nadat de "Sundern" ter hoogte van Terschelling in de problemen kwam door het schuiven van de deklading hout waardoor de "Sundern" slagzij maakte naar stuurboord.

22 september 1978 bracht de "Titan" vanaf de rede van IJmuiden de Noorse coaster "Bomma"(1970 – 1.516 Brt.) naar binnen, de "Bomma" had problemen met de motoren.
 
3 oktober 1978 vertrok de "Titan" met de tankponton Elbe 201 op sleeptouw vanuit Rotterdam naar Hamburg – Duitsland.

Vanuit Büsum – Duitsland versleepte de "Titan" de zuiger "Brabant" en een ponton naar Rotterdam.

Na aflevering van de zuiger "Brabant" en een ponton in de haven van Rotterdam op 10 oktober 1978 vertrok de "Titan" naar IJmuiden.

Vanuit IJmuiden versleepte de  "Titan"  2 pontons naar Korsør – Denemarken.

Vanuit de haven van Lerwick – Engeland versleepte de "Titan" een stinger naar Amsterdam.

28 december 1978 meld de Panamese Kuster "Maren C"(1955 – 282 Brt.) op 20 mijl West van Den Helder brand aan boord.

De "Titan" vertrok vanuit IJmuiden naar de "Maren C" die beladen was met 580 ton kunstmest op ammoniak basis.

Omstreeks 10.30 uur werd vastgemaakt door de "Titan" en werd koers gezet naar IJmuiden.

Tegen het middag uur arriveerde de "Nestor" bij het transport, maar er werd vanwege het slechte weer gewacht met blussen tot de "Maren C" in IJmuiden was.

Eenmaal binnen in IJmuiden werd de brand snel geblust. De "Maren C" is verkocht voor de sloop en is juni 1979 gesloopt te Papendrecht.

1979

In de eerste helft van 1979 verrichte de "Titan" werkzaamheden:

Begin januari 1979 werd door de "Titan" de cement-carrier "Jupiter"(1968 - 500 Brt.) voor reparatie versleept vanuit Great Yarmouth - Engeland, naar de Oranjewerf in Amsterdam.

Op 6 januari arriveerde de "Titan" te IJmuiden waar de "Jupiter" werd overgenomen door de havenboten "Ise" en "Petronella J. Goedkoop" voor verder transport naar Amsterdam.

Op een positie nabij Den Helder maakte de "Titan" het vrachtschip "Sunny Boy"(1966 – 498 Brt.), die schade had opgelopen aan het roer, vast en sleepte de "Sunny Boy" naar Terneuzen waar het transport op 10 januari 1979 arriveerde.

Vanuit Amsterdam versleepte de "Titan" de zuiger  "Vensterpolder" naar Hoek van Holland.

Op 25 januari 1979 melde de Deense kotter "Kristen Jensen" dat het zinkende was in positie 52° 32' Noord en 04° 16' Oost, doordat ze een lek had in de motorkamer.

De "Titan" vertrok uit IJmuiden voor assistentie aan de Deense kotter "Kristen Jensen", door het slechte weer windkracht 7 uit het Zuid Westen, lukte het niet om pompmateriaal over te zetten en op 26 januari om 6.28 uur zonk de "Kristen Jensen".

31 januari 1979 heeft de "Titan" de coaster "Noorwal" (1970 – 1.519 Brt.) van een positie 9 mijl ten Noord Westen van Scheveningen versleept naar de ADM te Amsterdam.

3 februari 1979 melde de zuiger "IJsseldelta" dat zij bij het binnenlopen van IJmuiden de Zuiderpier had geraakt en zinkende was. De "IJsseldelta" werd door de "Titan" en "Nestor" nabij het semafoor op het strand gezet zodat verder zinken niet meer mogelijk was.

De "Stentor" bracht pompen over op de "IJsseldelta". Duikers vonden een scheur van 1 meter bij 30 cm. welke provisorisch werd gedicht. Na het leegpompen van de machinekamer en het conserveren van de motoren is de "IJsseldelta" versleept naar de Oranjewerf in Amsterdam.

5 maart 1979 werd de Franse trawler "F. 1241 Massena", die een net in de schroef had gekregen, op de positie 53.25 West 04.00 Oost door de "Titan" vastgemaakt en versleept naar Harlingen.

Met twee pontons maakte de "Titan" een sleepreis vanuit IJmuiden naar Kalundborg - Denemarken.

De "Titan" versleept het ponton "Wotrans 4" van IJmuiden naar Londen - Engeland.

Vanuit Dublin - Ierland maakte de "Titan" een sleepreis naar Rotterdam met de zuiger "Holland 19" en een splijtbak.

Met de ponton "Vliet" werd door de "Titan" een sleepreis gemaakt vanuit Rotterdam naar Londen – Engeland.

28 juni 1979 vertrok de "Titan" met twee Amerikaanse marine sleepboten de "LT 2085" en de "LT 2081", die op 14 juni aan boord van het Duitse vrachtschip "Transontario"(1966 – 6.103 Brt.) in Rotterdam afgeleverd werden, naar Southampton - Engeland.

In de tweede helft van 1979 verrichte de "Titan" diverse werkzaamheden:

3 juli 1979 vertrok de "Titan" met het Nigeriaanse vrachtschip "Falcon Friendship"(1955 – 4.220 Brt.) vanuit IJmuiden naar Vigo – Spanje.

De "Falcon Friendship" lag sinds 15 augustus 1977 in de Amsterdamse haven en is tijdens een executieveiling gekocht door een scheeps sloper uit Vigo - Spanje voor US $ 257.200.

8 juli 1979 arriveerde de "Titan" met de "Falcon Friendship" in Vigo - Spanje. Vanaf 20 augustus 1970 werd de "Falcon Friendship" gesloopt.

Midden juli 1979 heeft de "Titan" de ponton "Nesse" vanuit Vlaardingen naar Rochefort - Frankrijk gesleept.

Vanuit IJmuiden versleepte de "Titan"  2 trawlers naar Cork – Ierland.

Vanuit Great Yarmouth – Engeland versleepte de "Titan" het bevoorradingsschip "Western Sea"(1966 – 246 Brt.) naar Hoek van Holland.

2 pontons versleepte de "Titan" vanuit Rotterdam naar de haven van Ramsgate – Engeland.

17 augustus 1979 maakte de "Titan" buiten IJmuiden het jacht "Windblow" vast die in de problemen was gekomen. De "Titan" bracht de "Windblow" binnen in IJmuiden.

Ter hoogte van Texel maakte de "Titan" de cutterzuiger "Zeeland 2", eigendom van Oort te Utrecht, vast en versleepte de "Zeeland 2" naar Rotterdam.

De "Titan" versleepte vanuit Bremerhaven – Duitsland de ponton "HR 1500"  naar Amsterdam.

Vanuit de haven van Hull – Engeland versleepte de  "Titan" de Coaster Vios(1966 – 400 Brt.) naar Delfzijl.

8 september 1979 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Ierland.

Begin november 1979 werden de "Titan" en de "Stentor" ingezet bij de berging van het Panamese vrachtschip "Marianne-Gen"(1960 – 3790 Brt.), die na een aanvaring op 26 oktober 1979 met het Griekse vrachtschip "Empros"(1978 – 8.890 Brt.) aan de grond was gezet op de ketelplaat – Westerschelde.

Door de omvang van de schade aan de "Marianne-Gen", de ligging van het schip op de zandbank, de weersgesteldheid en de getijde werking slaagde de "Titan" en de "Stentor" er niet in de "Marianne Gen" vlot te brengen. Na 14 dagen werd de bergingspoging opgegeven.

Midden november 1979 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam met het ponton "BK 26014", eigendom van Bos & Kalis, op sleeptouw naar Ramsgate - Engeland.

Op 22 november 1979 versleepte de "Titan" de cutterzuiger "Zeeland 2", eigendom van Oort te Utrecht, van Texel naar Rotterdam.

1980

In 1980 verrichte de "Titan" de volgende werkzaamheden.

6 januari 1980 sleepten de "Titan" en de "Stentor" de Franse trawler "Valois"(1970 – 279 Brt.) met machine problemen binnen in de haven van IJmuiden.

18 januari 1980 versleept de "Titan" de zandontziltingsinstallatie "Aquila" van Bos & Kalis, vanuit IJmuiden naar Rotterdam.

26 januari 1980 arriveerde de "Titan" vanuit Rotterdam met de zuiger "Zeeland II" op sleeptouw in de haven van Felixstowe – Engeland.

12 februari 1980 liep de met graan geladen Liberiaanse bulkcarrier "Cheyenne" (1977 - 68.775 Brt.) aan de grond bij de kop van het Buiten- Spuikanaal.

Met inzet van de "Nestor", "Hector", "Titan" en de "Ise" en de inzet van 6 goedkoop sleepboten werd de de "Cheyenne" op 13 februari 1980 weer vlot gebracht.

Op 19 februari 1980 arriveerde de "Titan" met het Nederlandse vrachtschip "Sylvia Alpha"(1977 – 1.600 Brt.)op sleeptouw vanuit Egersund - Noorwegen, via Nordenham - Duitsland, en Bremerhaven – Duitsland in de haven van Delfzijl.

Op 28 februari 1980 vertrok de "Titan" vanuit Falmouth - Engeland, met het vissersschip "SCH. 108 Onderneming II"(1974 – 527 Brt.), die zware schade had opgelopen na een brand aan boord, op sleeptouw naar Harlingen.

De "Titan" sleepte het Noorse vrachtschip "Brunla"(1974 – 5.944 Brt.) van een positie nabij IJmuiden naar IJmuiden.

11 maart 1980 werd door de "Titan" het Deense vissersschip "RI 207 Kim David" 35 mijl Noord West van IJmuiden vastgemaakt, op basis van Lloyds Open Form, en naar IJmuiden gesleept.

De "RI 207 Kim David" had nylon verpakkingsmateriaal in haar schroef gekregen. Duikers hebben in IJmuiden de schroef van de "Kim David" weer vrijgemaakt.

21 maart 1980 versleepte de "Titan" de splijtbak "Ham 586" van Rotterdam  naar Londen – Engeland.

Vanuit Londen – Engeland versleepte de "Titan" de splijtbak "Ham 586" naar Ardrossan – Engeland.

Vervolgens werd de splijtbak "Ham 586" door de "Titan" weer vanuit Ardrossan – Engeland naar Rotterdam versleept.

Op 30 maart 1980 vertrok de "Titan" vanuit de haven van Ardrossan - Engeland met de dieplepelponton "Popeye" op sleeptouw naar Cork – Ierland.

Op 31 maart 1980 kapseisde de dieplepelponton "Popeye" op de positie 53° 23'Noord en 5° 01 West.

6 april 1980 vertrok de "Titan" vanuit Dublin – Ierland, met de "HAM 586" naar Rotterdam waar ze op 11 april 1980 arriveerde.

30 april 1980 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar Cork - Ierland met het casco van een Ierse Purse Seiner op sleeptouw.

Met de door Risdon Beazle Marine geborgen dieplepelponton "Popeye" (welke op 31 maart 1980 gesleept door de "Titan" gekapseisd was)arriveerde de "Titan" op 10 mei 1980 in de haven van Vlaardingen Oost.

11 mei 1980 vertrok de "Titan vanuit Vlaardingen met de sleephopperzuiger "Meerval" van Bos & Kalis naar St. Nazaire - Frankrijk.

Op 19 mei 1980 arriveerde de "Titan" vanuit Bantry Bay - Ierland in Rotterdam met het Ponton "APZV 3" op sleeptouw.

De "Titan" bracht op 6 juni 1980 het zeiljacht "Aphrodite" van een positie nabij IJmuiden binnen in IJmuiden.

De "Titan" bracht op 19 juni 1980 het motorjacht "Wanska" van een positie nabij IJmuiden, binnen in IJmuiden.

In de tweede helft van 1980 verrichte de "Titan" diverse werkzaamheden:

Op 1 augustus 1980 begon de "Titan" aan een aantal reizen in opdracht van de Holland Beton Groep:

Een sleepreis met de kraanponton "V.O.W. 203" vanuit Rotterdam naar Sheerness - Engeland.

Aansluitend een sleepreis met de dieplepelponton "Popeye" vanuit Sheerness - Engeland naar Dublin - Ierland.

En de zuiger "Oosterschelde", van Van Oort-Werkendam B.V., vanuit Cuxhaven - Duitsland naar IJmuiden.

Met het kraanponton "Popeye" een sleepreis van Dublin - Ierland, naar Rotterdam.

Het dieplepelponton "Popeye" en de splijtbak "Ham 586" worden door de "Titan" versleept van Rotterdam naar Dublin - Ierland.

Verder maakte de "Titan" een sleepreis met de zuiger "Utrecht" van Cork - Ierland naar Cuxhaven - Duitsland.

Op 20 september 1980 vertrok de "Titan" in opdracht van Bos & Kalis met de bakkenzuiger "Ardea" van Rotterdam naar Ameland.

Op 22 september 1980 werd bij de uiterton van het Westgat de "Ardea" overgenomen door de sleepboot "Waterman" voor verder aflevering te Ameland.

23 september 1980 bracht de "Titan" het Zweedse koelschip "Breant"(1979 – 1.599 Brt.) IJmuiden binnen.

De "Breant" was op 22 september vertrokken vanuit IJmuiden naar Iggesund – Zweden maar kreeg te maken met machineschade op de Noordzee.

Op 27 september 1980 werd door de "Titan" en "Stentor" assistentie verleend aan het Spaanse vrachtschip "Trans-Tarraco"(1975 – 1.541 Brt.) die even buiten de pieren van IJmuiden in aanvaring was gekomen met de Duitse tanker "Chemtrans Sirius"(1976 – 4.120 Brt).

De "Trans Tarraco" werd in IJmuiden aan de grond gezet en na voorlopige reparatie naar Amsterdam gesleept.

De "Titan" bracht op 6 oktober het zeiljacht "Up and Down", die kampte met problemen, binnen in IJmuiden vanaf de Noordzee

16 oktober bracht de "Titan" de "Heyfra"(vermoedelijk een jacht) met machine problemen binnen in IJmuiden.

17 oktober 1980 werd de "Titan" ingezet bij het bergen van een deklading hout die ter hoogte van Wijk aan Zee verloren was door de Duitse coaster "Westfjord" (1971 - 1198 Brt.).

De emmerbaggermolen "Triton" werd door de "Titan" in opdracht van Ballast Nedam vanuit IJmuiden naar Rotterdam versleept.

De tankbak "Oiltrans" werd door de "Titan" versleept van Rotterdam naar Cork - Ierland.

De bakken ""MO 6011" en "MO 10.011" werden door de "Titan" versleept vanuit Cork – Ierland naar IJmuiden.

Het vrachtschip "Norrland"(1977 – 999 Brt.) werd van een positie nabij IJmuiden naar Amsterdam gesleept.

17 oktober 1980 sleepte de "Titan" de  "Heyfra"(geen gegevens) vanaf een positie ter hoogte van IJmuiden met machineschade  IJmuiden gesleept.

Op 28 november 1980 vertrok de "Titan" vanuit IJmuiden naar de Engelse trawler "H 478 St. Irene" die zinkende was op 16 mijl ten Westen van de Hondsbosse zeewering.

De bemanning van de "H 478 St. Irene" werd tijdens een grootscheepse reddingsactie o.a. met een helikopter in veiligheid gebracht.
 
30 november 1980 wist de "Titan" het vissersschip "H 478 St. Irene" IJmuiden binnen te slepen.

De "Titan" versleepte de Engelse tanker Alacrity(1966 – 943 Brt.) vanuit Rotterdam naar Gravesend – Engeland.

Vanuit Londen – Engeland versleepte de "Titan" de ponton "AB 25" naar Rotterdam.

Vanuit Rotterdam versleepte de "Titan" de LPG tanker "Devon"(1974 – 1599 Brt.) Theems – Engeland.

Vanuit Sheernes – Engeland versleepte de "Titan" de kraanponton "VOW 203" naar Rotterdam.

Vanuit Rotterdam versleepte de "Titan" de pontons "DB 16" en de "DB 17" naar Londen – Engeland.

1981

Op 20 januari 1981 vertrok de "Titan" vanuit Rotterdam met de elevatorbakken "Lieuwe" en "Richard" bestemming ??

De dieplepelponton "Popeye", die door de "Willem Barendsz" op 19 december 1980 was vlot gebracht in de St. Ives Bay, van Falmouth - Engeland naar Sheerness - Engeland.

De emmerbaggermolen "Volharding" en de hopperbarge "PvW 79" werden, in opdracht van Baggermaatschappij Prins van Wijngaarden B.V., versleept vanuit IJmuiden naar Shoreham - Engeland.

25 februari 1981 maakte de "Titan" op de Noordzee de Nederlandse coaster "Frisian Liner"(1977 – 1.600 Brt.) vast, die schade had opgelopen aan haar hoofdmotor.

En bracht de "Frisian Liner" binnen in de haven van IJmuiden.

Op 1 maart 1981 is de "Frisian Liner" vanuit IJmuiden door de Duitse sleepboot "Helgoland" versleept naar Wilhelmshaven – Duitsland -

Daarna werden door de "Titan" de hopperbarges "Holland 93" en "Holland 94" van baggermaatschappij Holland B.V. versleept vanuit Rotterdam naar Foynes - Ierland.

De ponton "H 6307 Harland" werd door de "Titan" vanuit IJmuiden naar Dublin - Ierland versleept.

En de splijthopperbarges "MO 10.003" en "MO 10.004" werden, in opdracht van de Ballast Nebam N.V., door de "Titan" vanuit Cork - Ierland, naar Rotterdam gesleept.

Op 25 juli 1981 is de "Titan" in de haven van Glasgow – Engeland.
27 november 1981 werd door de "Titan" het IJslandse Roll-on-Rol-off schip "Sela"(1970 – 1.516 Brt.) afgeleverd te Delfzijl.

De "Titan" was door de IJslandse rederij gecharterd om de "Sela" vanaf een positie t.h.v. Terschelling waar ze ten anker lag wegens machineproblemen naar Delfzijl te slepen.

De Duitse coaster"Naros"(1970 – 499 Brt.) kwam op 29 november 1981 op de positie 52.71 Noord en 4.04 Oost, ter hoogte van het REM eiland, door het schuiven van de lading, in de problemen.

De "Titan" is ter assistentie uitgevaren.

Een vergeefse reis voor de "Titan" voordat de "Titan" arriveerde bij de "Narcos" was deze gezonken.


Na vele sleepreizen en bergingen werd de "Titan" eind 1981 te Amsterdam opgelegd, in afwachting van een koper.

 

1982

5 maart 1982 voerde de "Titan", een voor haar erg vreemde opdracht uit, ze moest het achterschip van de Griekse tanker "Victory"(1960 – 12.623 Brt.) tot zinken brengen op de positie 47°55'Noord en 10°10'West.

De met melasse geladen tanker brak op 12 februari 1982 in 2 stukken in een zeer zware storm. En berging werd niet lonend geacht door de verzekering.

Na deze opdracht werd de "Titan" weer opgelegd, in afwachting van een koper.

1983

In 1983 werd de "Titan" weer in de vaart gebracht om assistentie te gaan verlenen bij de berging van de Britse veerboot "European Gateway"(1975 – 3.335 Brt.), die was omgeslagen nadat zij kort na haar vertrek uit Felixstowe in aanvaring was gekomen met een ander schip.

Op 1 januari 1983 zette de "Titan" vanuit IJmuiden koers naar Vlaardingen.

In Vlaardingen maakte de "Titan" een ponton vast waarop bergingsmateriaal was geplaatst voor de berging van de "European Gateway".

2 januari 1983 vertrok de "Titan" vanuit Vlaardingen naar de "European Gateway" die ter hoogte van Felixstowe – Engeland lag.

17 januari 1983 heeft de "Titan" de Nederlandse "Polarborg"(1982 – 1599 Brt.) vanaf een positie op 50 mijl van Harwich - Engeland, vastgemaakt en naar Sheerness - Engeland gesleept.

De "Polarborg" had te kampen met motorproblemen. De "Titan" was ter plaatse omdat ze betrokken was bij de berging van de "European Gateway".

Op 31 maart 1983 arriveerde de "Titan" met de "European Gateway" op sleeptouw in de haven van IJmuiden.

De "Titan" vertrok op 11 april 1983 vanuit IJmuiden naar Felixstowe – Engeland.

In de haven van Felixstowe – Engeland maakte de "Titan" de ponton "Lastdrager" vast.

Op 12 april 1983 vertrok de "Titan" vanuit Felixstowe – Engeland met de ponton "Lastdrager", op sleeptouw, naar Dordrecht.

Op 14 april werd door de "Titan" de ponton "Lastdrager" afgeleverd in Dordrecht.

Kort na de succesvolle berging van de "European Gateway" werd de "Titan" op 20 april 1983 verkocht aan Illman Jones Inc. uit Oakland - Verenigde Staten.

Vanuit IJmuiden vertrok de "Titan" op dinsdag 26 april 1983, door de "Gelderland" en "Groningen"(de nieuwe generatie havenslepers) begeleid tot buiten de pieren, met Arie van Oosten als kapitein naar Zwijndrecht waar enige aanpassingen werden aangebracht en kwam vervolgens in de vaart als "Titan-A", onder de vlag van Gibraltar.

Zonder naamswijziging werd de "Titan-A" in 1987 overgenomen door Levine Shipping Ltd., die gevestigd was in Gibraltar.

In 1992 kwam de "Titan-A", als "Titan-A", in de vaart voor Sorek Services Ltd. uit Gibraltar.

Een jaar later kwam de "Titan-A" wederom weer in de vaart voor Levine Shipping Ltd. uit Gibraltar.

Na 2000 komt de "Titan-A" niet meer voor in Lloyds Register (Comtinued existence in doubt)

2005 is de "Titan-A" gespot liggende nabij Papeete, Clipperton Eiland.


De Titan komt voor in de film 'de stem van het water' van Bert Haanstra.

https://www.youtube.com/watch?v=SUZPIveDtqQ